Posts tonen met het label psychiatrie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label psychiatrie. Alle posts tonen

4 september 2026

Lezen met een hoofd vol stemmen.... oftewel: een verhaal over de helende en verbindende kracht van boeken lezen

Een tijdje geleden viel er een envelop van de gemeente in de bus. Vol goede moed maakten we deze open en er zat een brief in met de mededeling dat we, aangezien we qua inkomen bij de minima horen, gebruik mochten maken van een gratis bibliotheek abonnement. 

Nu ben ik zelf een fan van audio boeken, omdat ik dan een aantal dingen kan combineren. Zo ben ik dol op borduren terwijl ik lees, puzzelen terwijl ik lees, en zelfs het huishouden wordt draaglijker terwijl ik lees. Heel soms lukt het me ook om (heel langzaam, want weinig concentratie) een e-book te lezen, maar een 'echt' ouderwets papieren boek, dat lukt me maar heel zelden. 

Maar goed, iets met een gegeven paard en een bek en daar niet in mogen kijken of zo. En dus ging ik op weg naar de bibliotheek om zo'n abonnement af te sluiten. 

Ik kwam tot de conclusie dat ik echt al een eeuwigheid niet meer in de bibliotheek geweest was, een plek waar ik vroeger heel graag kwam. Ik denk dat het zeker al 20 jaar geleden is, dat ik er (anders dan voor koffie of de wc) binnen ben gestapt. In die tijd is er dus veel veranderd. Er zijn vooral een hoop minder (papieren) boeken (voor mijn gevoel).

Ik kreeg een pasje, ik kreeg uitleg en ik ging op pad om wat boeken uit te zoeken. Al snel kwam ik er achter dat er dan misschien wel minder boeken waren, maar dat het er nog steeds meer dan genoeg waren om compleet overprikkeld te raken. Maar uiteindelijk kwam ik thuis met 4 papieren boeken (gekozen door Jongste Puber) en ik had ook nog 2 e-books geleend (uitgekozen door Oudste Puber).

De beide heren in mijn hoofd houden niet van lezen, tenminste dat dacht ik....
Eenmaal thuis, wist ik niet goed wat me overkwam: er brak een soort strijd los wie van hen er als eerste mocht gaan lezen. Zoals meestal 'won' Jongste Puber deze strijd, gewoon omdat hij vaak 'het sterkst is' en beter is in mij overnemen en alle anderen in mijn hoofd naar de achtergrond dringen. En dus begon hij (met mij op de achtergrond, maar wel een soort van aanwezig) aan zijn eerste zelf uitgekozen boek. Hij las maar liefst 197 pagina's achter elkaar en toen moest hij stoppen omdat er niet genoeg licht meer was en we toch ook nog iets moesten eten die dag. 
De dag erna, las hij het boek uit. Hij was helemaal enthousiast! Het liefst wilde hij meteen door met zijn volgende boek, maar het lukte om daar een 'stokje voor te steken', zodat Oudste Puber ook weer eens de kans kreeg om iets te doen. In dit geval dus zijn boek lezen. 

Oudste Puber had een wat moeilijker boek, dus dat ging minder snel dan dat van Jongste Puber en dus ontstond er al gauw weer een soort van strijd: schiet nou op, ik ben, heb je het nou nog niet uit? enz.
Oudste Puber wordt daar (heel terecht) opstandig van en gaat dan extra langzaam doen, maar uiteindelijk 'wint' Jongste Puber het dan toch, want dan neemt hij de boel gewoon weer over en doet waar hij zin in heeft: zijn boek gaan lezen. En zo waren Jongste en Oudste Puber beiden in een ander boek bezig.

Maar of dat nog niet genoeg was, was ik zelf ook nog in een audio boek bezig en voor de momenten dat ik niet kan luisteren heb ik ook nog een (ander) e-book waar ik mee bezig ben én er ligt ook nog (weer een ander) papieren boek naast mijn bed, waar ik ook af en toe in lees. 
Kortom: mijn brein moest vijf verschillende verhalen uit elkaar zien te houden, naast alles wat er normaal gesproken in het dagelijks leven al op mijn brein afkomt. Het gevolg: ik was hartstikke overprikkeld en knal kapot! Dit was géén goed idee!

En dus bedachten de volwassen stemmen en ik tijdens het (stemmen) spreekuur een nieuw, aangepaste strategie voor het lezen. Bij het volgende bezoek aan de bibliotheek, mochten allebei de heren één boek kiezen, ik mocht er zoveel ik wou (niet eerlijk!!! jammer dan) en er zou één boek tegelijk gelezen worden. Dus als ik in een boek bezig was, dan moesten zij maar wachten, was Oudste Puber bezig, dan kreeg hij alle tijd en hetzelfde voor Jongste Puber. Zou Jongste Puber zich daar niet aan houden, dan zou daar de bekende Jongste Puber sanctie op volgen: zakgeld inleveren of minder/geen gametijd. De volgorde wie mocht beginnen met lezen zou bepaald worden door een dobbelsteen. Ik was benieuwd, maar ja, je moet toch iets proberen!

Vol goede moed vertrok ik dan ook naar de bieb om de boeken (gelezen en wel) in te leveren en waagde me aan de klus om nieuwe boeken te zoeken. Na een uurtje op de ipad boektitels verzamelen, verscheen er een heus lijstje met boeken die we/ze zouden willen lezen. Ik nam er twee voor mezelf mee (en een kookboek, maar dat telt niet) En de beide heren kozen ieder voor een boek dat ze eigenlijk allebei wel graag wilden lezen. Ik was benieuwd....

Eenmaal thuis begon het gekibbel opnieuw: wie leest welk boek. En op het moment dat ik de dobbelsteen tevoorschijn wilde halen, besloten ze dat ze samen zouden gaan lezen. Ze begonnen vol goede moed met het boek 'Harde Handen', van Carry Slee. En dat boek is blijkbaar een schot in de roos, want ze lezen echt samen en zijn momenteel heel lief voor elkaar. Vraag me niet precies hoe het werkt, want ik kan het niet uitleggen, net zo goed als ik ook niet kan uitleggen hoe ik ademhaal, maar blijkbaar kan het en functioneert het prima. 

Ze hebben gisteren de hele namiddag samen zitten lezen en ik heb ze echt uit het boek moeten rukken om eten te kunnen maken en dat ook (zonder boek) op te kunnen eten, om na het eten meteen weer terug te duiken in hun boek. 

Dit boek gaat over een meisje dat thuis mishandeld wordt. Dat het boek hen dus aanspreekt snap ik dan ook wel, ze vinden er veel herkenning in. Zij zijn immers 'ontstaan' in dezelfde omstandigheden en hebben veel van de dingen die mij werden aangedaan (voor mij) opgevangen. 
Het boek raakt hen en ze lezen niet alleen samen, ze troosten elkaar en voeren ook gesprekken erover. Over hoe het met het meisje gaat, maar ook herinneringen over hoe het vroeger bij mij thuis was en hoe het voor mij en voor hen was. 

Blijkbaar hebben ze niet de noodzaak om deze gesprekken van mij af te schermen, dus ik ben zelf ook aanwezig als ze met elkaar praten en ik hoor dus waar het over gaat en dat vind ik best moeilijk, maar ook best leerzaam. 

Hoewel zij vroeger allebei aanwezig waren, hebben ze toch allebei andere situaties voor mij opgevangen en hebben ze soms verschillende herinneringen over dezelfde situaties. Soms herinnert de een zich iets wel en de ander helemaal niet. En ik hoor ook een hele hoop dingen die ik, als Mick, me helemaal niet kan herinneren, terwijl ik 99,9% zeker ben dat ze echt wel (zo) gebeurd zijn. 

De conclusie is denk ik, dat er nog veel meer gebeurd is vroeger dan (M)i(c)k me kan herinneren en dat het misschien maar goed ook is dat ik me dat niet allemaal kan herinneren. 

Ze hebben dit boek bijna uit en heel eerlijk, ik hoop dat alle andere boeken ook op deze manier gelezen gaan worden. De inhoud (en bijbehorende herinneringen) geven dan misschien wel een hoop onrust in mijn hoofd, maar ze zo samen serieus bezig 'zien' en dat ze zo lief voor elkaar zijn, daar kan ik wel aan wennen. 


gemaakt met ChatGPT


15 juli 2026

Je hebt van die dagen..... oftewel een minder leuke dag in het hoofd van deze stemmenhoorder.

Vandaag is een ultieme ROTdag. En eigenlijk bedoel ik een ander drie letterige krachtterm, maar om nóg meer drama in mijn hoofd te voorkomen, hou ik het even op 'rot'.

Vandaag is zo'n dag waarvan ik liever niet hardop toe geef dat ik dit soort dagen nog wel eens heb. Het gaat immers goed met me en dat betekent voor de meeste mensen in de wereld om me heen, dat ik nergens meer last van zou moeten hebben en dat het altijd maar goed gaat, anders ben je niet 'hersteld' (voor zover je dat ooit kunt zijn, maar dat is een andere discussie) en gewoon nog 'ziek'. Maar feit is dat ik het vandaag zwaar heb. Heel Zwaar.

Hoe dat komt? Nou, dat zal ik eens vertellen, maar dat had u denk ik ook wel al verwacht....

Afgelopen nacht was het in mijn gezellige volksbuurt wijkje weer eens raak en om iets na 1u vannacht werd ik abrupt gewekt door een heuse explosie, waarvan je eigenlijk meteen weet: hier is iets flink mis. 
Ik sprong uit m'n bed (want hé trauma modus geactiveerd), zocht m'n bril en een broek en ging het balkon op om te kijken, luisteren en ruiken. 

Al gauw was duidelijk dat ik niet de enige was die wakker was geworden en ik vroeg aan een buurman op straat wat die explosie was. Hij wist het niet maar zei dat het wel leek op een gasexplosie. Op dat moment hoorde ik geschreeuw en besloot ik om zelf ook maar even naar beneden te gaan. Oké, misschien een beetje ramptoerist spelen, maar vooral ook zodat mijn hoofd het plaatje duidelijker krijgt van wat er gebeurd is, waardoor de stress en de angst wat omlaag gaan, althans, dat is altijd de hoop. Als ik weet wat er aan de hand is, kan ik het beter plaatsen en word ik doorgaans rustiger. 

Ik rook brand, dat was overduidelijk, maar het bleek geen huis te zijn (gelukkig!) maar 'gewoon' een auto. Nu gebeurt dat hier een paar keer per jaar, dus daar ben ik op zich aan gewend (voor zover je daaraan kúnt wennen) maar deze knal klonk echt niet zoals een 'normale' auto die in de fik vliegt (en ik vind het ernstig dat ik moet toegeven dat ik inmiddels weet hoe dat klinkt). 

Maar goed, ik liep een stukje verder en zag met eigen ogen wat er aan de hand was en op veilige afstand bleef ik even kijken. Terug naar binnen gaan, om rustig verder te slapen zou immers tóch geen optie zijn, want iedereen in mij was wakker, alert en op ieders eigen wijze van streek. 
Uiteindelijk kwam de brandweer en ben ik naar binnen gegaan. 

Slapen lukte niet, dus heb ik op het balkon gezeten, scrollend op m'n telefoon terwijl ik een soort van zittend buffet was voor de muggen. 

Rond een uur of vier ben ik terug in slaap gevallen, maar mijn brein stond (nog meer dan anders) op standje alert. Dus toen een van mijn gezellige flatgenoten om 4.21u bedacht dat het wel weer eens tijd was om met luid gerinkel nog wat extra glas toe te voegen aan de (door deze persoon) reeds rijkelijk van glas voorziene straat, zat ik wederom rechtop in m'n bed en werd al snel duidelijk dat slapen er niet meer in zat: Jongste Stemmetje was zo vreselijk  over de zeik en in paniek dat ik die echt niet meer rustig ging krijgen. En dus haalde ik m'n tablet tevoorschijn en luisterde een boek terwijl ik spelletjes deed.

Toen het eindelijk 7u was, mocht ik van mezelf mijn bed uit en deed ik mijn best om de dag op te starten. Maar Jongste Stemmetje was nog steeds compleet over de zeik en er was geen land met haar te bezeilen. Jongste Puber was vooral boos omdat hij normaal niet van mij op straat mag gaan kijken als er iets gebeurt, maar zelf deed ik dat dus wel en dat is niet eerlijk. En daar had hij gelijk in, dat is in zijn ogen ook niet eerlijk. Ikzelf, die ook lichtelijk geïrriteerd was door het gebrek aan slaap, teveel adrenaline en zoveel intern gezeik op de vroege ochtend probeerde hem nog duidelijk te maken dat hij eigenlijk niet moest zeuren (ook met die woorden, niet handig dat geef ik toe) omdat hij het nu wél van dichterbij had kunnen zien. Maar hij besloot dat hij BOOS was en dat vooral ook ging blijven. En ook hij werd al gauw onmogelijk en de combinatie van deze twee is als olie op het vuur gooien, om maar bij het brand thema te blijven, het werd er dus niet gezelliger of rustiger op. 
Hoe langer dit duurde, hoe geïrriteerder en bozer ook Oudste Puber werd en mijn energie was vóór 9u minstens voor de komende week opgebruikt.

En dan volgt er dus een moeilijke dag waarin ik echt niet meer weet hoe ik het op kan lossen.
Waarin ik mijn hoofd weer tegen de muur wil slaan om rust te krijgen.
Een dag waarop ik absoluut niet de de controle heb en compleet wanhopig ben en de stemmen de overhand hebben.
Waar het minste of geringste om me heen mijn overprikkelde brein me in huilen uit doet barsten.
Waar ik me nergens op kan concentreren.
Waar ik op de bank hang en voor me uitstaar, omdat meer dan hangen en staren niet mogelijk meer is. 
Waar ik niks leuk vind.
Waar geluid en licht pijn doen aan mijn hersenen. 
Waar ik continu sirenes hoor, maar niet weet of dat in of buiten mijn hoofd is en ik dat niet gecheckt krijg.
Waar alles, maar dan ook alles me de stuipen op het lijf jaagt (geluid, licht, geur, gevoel).
Maar rustig worden of slapen nog steeds niet lukt.

Een 'ziekenhuis' afspraak hebben (waar je lang op hebt moeten wachten dus die je niet wil afzeggen) waar je met een onbekende man in het donker moet zitten, terwijl hij (ook na drie keer corrigeren) maar het lokale dialect tegen je blijft wauwelen, wat je normaal prima verstaat, maar nu als Swahili in je oren klinkt. Je geen idee hebt wat hij met je gaat doen en hij dat ook niet echt vertelt (of misschien wel?) waardoor de angst nog verder stijgt, je koppijn krijgt en hij vervolgens 8x met een flits in je ogen flitst waardoor je denkt dat je hersenen open splijten. 

Ondertussen kreeg ik nog meer koppijn en moest ik alle zeilen bij zetten en vechten tegen het wegraken, omdat ik aan alle kanten zwaar overprikkeld was. Maar niemand die dat aan de buitenkant ziet en ik die niet meer in staat ben om nog iets te zeggen en dus ging ik door (het is niet dat ik echt een keuze had).

Met bonkend en zwaar jankend hoofd naar huis slenteren, je vergissen in het portaal, vervolgens in verdieping, maar toch je woning bereiken en daar letterlijk in de gang instorten en op de grond blijven liggen. Na een tijdje op handen en knieën naar m'n slaapkamer gekropen, daar mijn  Knuffel Nijlpaard van het bed getrokken en met hem in de kleerkast gekropen, wat (ook na 45 jaar) nog steeds mijn veilige plek blijkt te zijn, waar ik wacht tot er iets gebeurt zodat ik deze dag kan afronden. 

Dat gebeurde, ik viel een uurtje in slaap. Niet dat het nu veel rustiger is in mijn hoofd. De kids zijn nog steeds van streek en dat zal ook nog wel een tijdje duren, maar de hoofdpijn is iets minder waardoor ik weer een beetje (zelf) kan nadenken.

Dus tja.... Zo'n dag dus.
Ze zijn er nog steeds, al is het steeds minder en weet ik heel goed dat ze ook weer over gaan.
Maar dat maakt het niet makkelijker of aangenamer.

Morgen nieuwe ronde, nieuwe kansen.
Fingers crossed dat het vannacht rustig blijft, want ik weet momenteel écht niet of ik nóg zo'n dag aan kan.


foto: gemaakt met ChatGPT


9 juli 2026

Let’s talk about…. Ja, wat eigenlijk? Oftewel in transitie met een hoofd vol stemmen.

Ik heb lang nagedacht of ik dit blogje wil schrijven of niet. Of nou ja, niet zozeer schrijven, want dat wil ik zeker, maar of ik het ook met de wereld wil delen aangezien het over iets heel erg persoonlijk gaat, namelijk seksualiteit. Dus als je dat niet wilt weten, dan is dit het moment om weg te klikken.    

Als je me echt zou kennen, dan zou je weten dat ik stemmen hoor, en in transitie ben. En dat is best een interessante, maar soms ook een ingewikkelde combinatie. Vandaag wil ik jullie een kijkje geven, in de complexiteit van het hebben van verschillende leeftijdscategorieën in je hoofd en een van de (bij) werkingen van de testosteron. 

Een van de dingen die (in ieder geval bij mij) het meest is veranderd sinds het begin van de testosteron, is het feit dat ik ineens een libido kreeg. Ik hoor het mezelf nog zeggen tijdens het gesprek met de psycholoog waarin ze je voorbereiden op wat er allemaal zou kunnen gaan gebeuren als je aan de hormonen gaat en wat je daarvan vindt: “oh, dat libido daar maak ik me niet zo'n zorgen om. Ik ben namelijk zo aseksueel als de pest.” 
Maar goed, ongeveer een week na de start van de hormonen moest ik erg lachen om die opmerking van mezelf.… 

Ik kreeg een libido, en als je geen partner hebt, dan zul je andere manieren moeten bedenken om daar iets mee te doen. Want dit niet doen, dat is écht geen optie met de testosteron die door je lijf giert. En dus werd solo seks, oftewel masturberen, een vrij regelmatige bezigheid hier in huis. 

Ik heb twee pubers in mijn hoofd, Jongste Puber van 12 (maar emotioneel veel jonger) en Oudste Puber van 16 (ook emotioneel veel jonger) die mij beiden over kunnen nemen en zelfstandig kunnen functioneren. (Sommige mensen noemen dit alters, of persoonlijkheden). 

Beide heren moesten voorafgaand aan de transitie in het algemeen en de testosteron in het bijzonder helemaal niks hebben van alles wat ook maar een beetje naar romantiek of seks neigde. Als er op tv gezoend werd, dan begonnen de heren in mijn hoofd te giechelen als pubermeisje en kots geluiden te maken. Ze vonden het echt helemaal niks. 

Maar toen de hormonen hun werk gingen doen, veranderde de zestienjarige in een echte puber. Ineens veranderde IEWWW BAH in heel veel nieuwsgierigheid. Hij kreeg interesse in porno, en ging zelf uitproberen wat er nou zo bijzonder of lekker was aan masturberen. 

De twaalfjarige, had niet zo goed door wat er allemaal gebeurde, maar wilde niet onderdoen voor Oudste Puber en sprak heel stoer met hem mee over dingen die hij eigenlijk niet begreep. Oudste Puber was nieuwsgierig en ging op onderzoek uit en dat is schijnbaar heel erg gezond en normaal. Maar hoe normaal seks, masturberen en alles daaromheen ook is, of zou moeten zijn, het beestje bij de naam noemen is tot op heden een groot probleem. 

Beide heren (en dus met name Oudste Puber) ontwikkelden hun eigen taal. Zo heet masturberen ‘spareribs doen’, een orgasme ‘spareribs hebben/krijgen’, geil zijn heet ‘lekkere kriebels hebben’ en lichamelijk opgewonden zijn heet ‘nat en plak’* en in die bewoordingen, wordt er in mijn hoofd en met de beide Woonbegeleiders af en toe (of wat regelmatiger) over gecommuniceerd. 

In het begin was met name Oudste Puber erg in de war van alles wat er wel niet gebeurde in en aan ons lijf. Maar inmiddels heeft hij z’n draai gevonden en lijkt hij het wat beter te snappen. Meestal dan, want net op het moment dat je denkt, hij begrijpt het, volgt er de volgende dag een vraag of opmerking dat je denkt misschien toch niet helemaal. 

Maar dan is er ook nog Jongste Puber. Ook hij is nieuwsgierig, maar niet zozeer naar seks, maar meer naar wat Oudste Puber (en ik zelf) uitspoken. Al gauw werd duidelijk, dat ook hij last heeft van de hormonen, maar op een heel andere manier dan Oudste Puber en ik. 

Jongste Puber heeft af en toe naar eigen zeggen ‘een lekker gevoel in zijn buik’. Als we hem vragen waar zit dat lekkere gevoel dan, dan wijst hij op een plekje boven onze navel. Terwijl als we diezelfde vraag aan Oudste Puber zouden stellen, dan wijst die onmiddellijk naar ons kruis. 

Jongste Puber heeft per ongeluk ontdekt, dat als hij dat lekkere gevoel in zijn buik heeft en hij gaat liggen ‘wiebelen’, dat dat heel lekker aanvoelt en dat zijn buik op een gegeven moment dan op een heel fijne manier ontploft. Ook hier is op zich niks vreemds aan, want ook hele jonge kinderen masturberen zonder dat ze weten dat dit masturberen is, gewoon omdat het een lekker gevoel geeft los van het seksuele. En dit is waarschijnlijk (denk ik) ook bij Jongste Puber het geval. 

Waar Oudste Puber, wel degelijk nat wordt (want hé we hebben biologisch gezien een vrouwenlijf), wordt Jongste Puber dit helemaal niet, zelfs niet als ‘zijn buik ontploft’ (wat dus eigenlijk een orgasme is). Dit vond ik op zich best raar, omdat artsen altijd tegen mij zeiden ‘ jullie hebben één lijf, dus dat reageert gewoon op alles hetzelfde’. Maar die opmerking, die losstaat van deze situatie overigens, bracht mij heel erg aan het twijfelen. Want als dat zo is, zou het lijf van Jongste Puber tijdens het wiebelen toch hetzelfde moeten reageren als dat van Oudste Puber of mijzelf tijdens het masturberen? 

We legden die vraag voor aan de psychologen van de Genderpoli van het Vumc en zij legden die vraag weer voor aan een zogenaamde deskundige op het gebied van DIS** 
Het kwam er op neer dat ons gedeelde lijf wel degelijk op verschillende manieren kon reageren en dat in dit geval de ontwikkelingsfase van Jongste Puber een rol speelde en hij nog niet zover was dat hij/zijn brein/lijf echt gericht was op seksualiteit. Met andere woorden, hij wiebelt erop los omdat het lekker voelt, maar dat heeft bij hem geen enkele seksuele lading/betekenis. 

We hebben besloten om hem niet al te veel te vertellen over wat hij doet en wat hij voelt , maar ‘gewoon’ te reageren op wat hij vraagt. Aansluiten bij waar hij is. 

Afgelopen week kwam er ineens een vraag van Jongste Puber naar Woonbegeleidster. Hij wilde graag weten wat er in zijn buik zat dat kon ontploffen en waarom zijn hoofd dan rustig werd. Woonbegeleidster antwoordde hem: “Het voelt alsof er iets ontploft, maar er ontploft niets. Het zijn hormonen die dat gevoel geven en die hormonen zorgen er ook voor dat je hoofd rustiger wordt.” 

Voor Jongste Puber was dat op dat moment op zich duidelijk genoeg, maar ik merkte dat hij er toch nog erg mee bezig was. En dus besloot ik er zelf nog een stukje aan toe te voegen: Op het moment van de ontploffing in zijn buik komen er dus heel veel hormonen, kleine stofjes (of monstertjes), in zijn buik die héél hard gaan lopen feesten, waardoor hij een lekker gevoel heeft in zijn buik. Maar doordat ze zo klein zijn zijn ze heel snel uitgeput van het feesten en worden ze moe en vallen ze in slaap. Daardoor duurt dat lekkere gevoel maar kort en is hij daarna rustig/moe. 

We probeerden nog even uit of we de ‘grote mensen termen’ of de termen van Oudste Puber erin konden gooien, maar daarvoor is het klaarblijkelijk nog te vroeg. Stapje voor stapje dus, rustig aan.

Maar voorlopig zijn zijn vragen weer even beantwoord, terwijl het bij Oudste Puber juist weer een nieuwe golf van onrust en vragen oproept. Zo zie je maar weer, met een hoofd vol stemmen in transitie gaan/zijn is nóg minder saai dan dat het normaal al is. 

*hoe deze woorden zijn ontstaan is weer een verhaal apart. 

** DIS Dissociatieve Identiteits Stoornis, oftewel wat men vroeger een meervoudige persoonlijkheid noemde

***Diep respect voor mijn Woonbegeleiding die steeds opnieuw de tijd moeten/willen nemen om al hun vragen te beantwoorden, ook al hebben ze dat al 100x gedaan.


foto: gemaakt met Gemini



17 december 2025

De positieve kant van ziek zijn….. oftewel hoe krachten ineens succesvol gebundeld kunnen worden…

De afgelopen weken was het weer eens zo ver: ik was ziek. 
Ik ben wel vaker ‘niet lekker’, maar echt ‘ziek’, dat ben ik geloof ik niet zo heel vaak. Gelukkig maar, want ik ben er ook erg slecht in! 

Afgelopen week had ik griep, tenminste dat gok ik, want naar de huisarts gaan om vervolgens te horen dat ik ‘voldoende moet drinken’ en ‘paracetamol in moet nemen’ en ‘terugkomen als het niet over gaat of erger wordt’, vind ik persoonlijk een beetje zonde van ieders tijd, dat kan ik immers zelf ook nog wel bedenken. 

En hoewel ik dat prima ook zelf kan bedenken, is de uitvoering van die adviezen nog niet zo heel simpel hier. Ik ben nooit alleen, dus ik ben ook nooit alleen ziek. De hoofdbewoners doen ook hierin net zo goed mee als in al het andere in mijn leven. En ook hiervoor geldt dat iedereen er op zijn of haar eigen manier mee omgaat. 

De jongste telg wil vooral veel knuffelbeesten om zich heen, de oudste puber wil vooral met rust gelaten worden, de jongste puber ziet het als een prachtig moment om ‘de baas te spelen’ en zoveel mogelijk te gamen. En ikzelf? Nou…. Ik weet het zelf niet zo heel goed, want ik raak op dit soort momenten nog eens extra tijd kwijt. Meer dan normaal al het geval is dus. 

Ik denk dat dit voor een deel komt omdat iedereen dus anders met de situatie omgaat en daar tijd en ruimte voor nodig heeft, maar ook omdat ik niet op m’n best ben, me ellendig voel en dan nog minder in staat ben om me te verzetten tegen het ‘switchen’. Dat geeft de anderen dan natuurlijk een grotere en makkelijkere kans om over te nemen en hun ding te doen. 

Op zich vind ik dat allemaal niet zo erg. We hebben immers regels over het overnemen en ik weet dat er minstens één volwassene meekijkt en zich met dingen bemoeit als dat nodig is en ik het even niet kan. Ik vertrouw erop dat het systeem, dat al zó lang gevochten heeft om (soms tegen wil en dank) me in leven te houden, nu geen rare acties uit gaat voeren om al die moeite (en mij daarmee) ineens om zeep te helpen. Ik blijf erop vertrouwen dat ze alles doen vanuit hun wil (en drang) om te ‘helpen’. Maar omdat ik heel veel tijd kwijt ben en vaak niet weet wie, wanneer en hoe lang aan de macht is geweest en wat er in die tussentijd gedaan is, vind ik dat bij ziek zijn best een beetje spannend. 

In Nederland wordt er in de medische wereld best veel en vaak gestrooid met het toverwoord ‘paracetamol’. Alsof het heel onschuldige snoepjes zijn die geen enkel kwaad kunnen. Maar dat vind ik dus best wel een dingetje, want paracetamol is helemaal niet zo onschuldig. (Sterker nog, ik kreeg ooit de onbedoelde tip van een hulpverlener dat als je zeker wilde zijn dat je dood ging, (langzaam en pijnlijk, dat dan weer wel), dat je dan een overdosis paracetamol moest slikken). En sinds die verspreking ben ik best een beetje huiverig voor de combinatie van ‘switchen’ en medicatie innemen, waarbij paracetamol dus in het bijzonder. 

En dus was het een geruststellende gedachte dat ik, toen ik weer wat minder koortsig was en meer tijd zelf in mijn lijf doorbracht, ik in de keuken op m’n maaltijdplanner een overzichtje vond, met in plaats van de maaltijden van de afgelopen tijd, de tijdstippen en medicijnen die ingenomen waren. Toen ik hiernaar vroeg kreeg ik te horen dat dit samen bedacht was door de twee pubers. Op die manier konden ze allemaal los van elkaar tijd pakken, medicijnen nemen als ze dat nodig vonden, zonder dat er teveel of te snel ingenomen werd. En dat stemt me dan toch wel heel gelukkig: ze kunnen elkaar het leven heel zuur maken, maar soms werken ze ook verdomd goed samen en lijken ze gewoon bijna volwassen en verstandig. 

M’n koorts is inmiddels echt wel verdwenen, maar we zijn nog steeds niet helemaal lekker, maar langzaamaan begint er weer wat leven terug te komen. En dat vinden de heren in mijn hoofd dan ergens ook wel weer een beetje jammer, want zoveel tijd voor zichzelf….. daar hebben ze weinig problemen mee. Zelfs als ze zich niet zo lekker voelen….

bron: eigen creatie




20 september 2025

Wereld Suïcide Preventie Week en Euthanasie op grond van ondraaglijk, uitzichtloos psychisch lijden.... oftewel het trieste verhaal van Sander

Dit is een blog die ik al heel lang wilde schrijven, maar ik vond het best wel ingewikkeld om er woorden voor te vinden. Dit is geen autobiografisch stuk (voor ik lief bedoelde, maar onnodige zorgelijke reacties krijg), maar wel op waarheid gebaseerd. Het onderwerp ligt nogal gevoelig, dus als je moeite hebt met suïcide en/of euthanasie: klik dan maar weg, om jezelf te beschermen, ik zal het je niet kwalijk nemen. 

Van 8 t/m 14 september 2025 was het Wereld Suïcide Preventie Week. Dus eigenlijk komt deze blog als mosterd na de maaltijd. En tegelijkertijd denk ik dat het altijd, het hele jaar door Suïcide Preventie week zou moeten zijn, dus deze blog komt ook gewoon precies op tijd.

-----------

Ik zit al heel lang in het psychiatrisch systeem. Ik kwam er terecht rond mijn 15e en ik loop er al 35 jaar rond. In al die jaren heb ik veel en vaak met de dood geworsteld. Ik zei vaak dat ik dood wilde, meende dat ook, maar ik was niet zozeer suïcidaal, ik was levensmoe en dat was (en is) wat mij betreft een groot verschil. Ik schreef daar destijds al eens een blog over.
Tijdens die jaren in het systeem kwam ik vele vrienden tegen die ook met de dood worstelden en helaas heb ik best veel van hen aan die worsteling verloren. Dit verhaal gaat over een van mijn vrienden, die ik voor het gemak de naam Sander ga geven.*

Sander kwam al heel jong, voordat hij volwassen was, in het psychiatrisch systeem terecht. Hij kreeg destijds de diagnose Borderline Persoonlijkheidsstoornis. Sander ging kliniek in, kliniek uit en werd uiteindelijk voor lange tijd (lees: jaren) opgenomen. Niet één keer, maar meerdere keren. 

Sander riep al heel vroeg dat hij dood wilde en hij deed ook aardig zijn best om dat voor elkaar te krijgen. De opnames die hij had, konden hem daar niet van weerhouden en hij bleef het roepen. 

Er werd tijdens die opnames, maar ook als hij niet opgenomen was, niet zoveel met hem gedaan. Een behandeling kreeg hij niet: mensen met Borderline waren immers niet te behandelen. Een persoonlijkheidsstoornis ging nooit meer over en het hoogst haalbare was blijkbaar 'ermee leren leven'. Dat is wat Sander keer op keer te horen kreeg. Geen behandeling, want dat zou de boel alleen maar erger maken, leer er maar mee te leven. En dat deed Sander. 

Hij probeerde ermee te leren leven. Niemand vertelde hem hoe, dat moest hij zelf maar uitvogelen, wel kreeg hij stapels pillen om hem rustig te houden. Dat hielp verder niks, behalve dan het aanleggen van voorraden om weer een nieuwe poging te doen om zich van het leven te beroven. En ook jaren na de opnames, als ambulante patiënt, zoals dat dan zo mooi heet, kreeg hij geen behandeling, het antwoord bleef steevast: leer er maar mee leven.

Sander werd ouder en ouder. Het leven werd niet leuker, werd niet makkelijker en het 'ermee leren leven' viel hem zwaar. Sterker nog: hoe ouder hij werd, hoe meer hij tot de conclusie kwam, dat het hem niet lukte. Hij was inmiddels, 10, 20, 30 jaar verder en zijn wens was nog steeds hetzelfde: ik wil niet meer, ik kan niet meer, ik wil dood. 

Er is in al die jaren voor patiënten echt nog niet zo heel veel veranderd in hulpverleningsland (sorry hulpverleners die denken en vinden dat dat wél zo is), maar er is wél een wetgeving gekomen omtrent euthanasie bij ondraaglijk psychisch lijden. Dus waar dat eerst alleen mogelijk was in gevallen van ondraaglijk medisch/lichamelijk lijden, werd dit nu ook mogelijk voor ondraaglijk psychisch lijden. 

Uiteraard (en ook volledig terecht) gaat hier een uitgebreide en zorgvuldige selectie aan vooraf en moet de arts die de euthanasie geeft aan verschillende wettelijke criteria voldoen.

"Wat zijn de wettelijke criteria waaraan een arts moet voldoen?
De wet stelt dat de arts die u euthanasie geeft tot de overtuiging moet zijn gekomen dat u ondraaglijk en uitzichtloos lijdt, dat behandeling geen zin meer heeft en dat er geen redelijke alternatieven meer zijn. De arts moet daarnaast zeker weten dat het uw verzoek is (en dus niet van familie bijvoorbeeld), dat het verzoek duurzaam is (dus niet in een opwelling gedaan) en dat u goed begrijpt wat de consequentie is van wat u vraagt. U moet wilsbekwaam zijn of een duidelijke wilsverklaring hebben. Ook in het geval van een wilsverklaring moet u voldoen aan alle wettelijke eisen." (bron: expertise centrum euthanasie Nederland)

En ik vind het terecht dat men hier heel streng en zorgvuldig mee omgaat, maar ik ga even terug naar Sander. Hij heeft inmiddels meer dan de helft van zijn leven er wel op zitten (tenzij hij echt de alleroudste mens ter wereld gaat worden en dat wens ik hem niet toe, al klinkt dat wat onvriendelijk, maar gezien zijn wens...) en hij wil nog steeds dood. Hij vindt het nu echt genoeg geweest, heeft zijn best gedaan om ermee te leren leven, dat is hem nog steeds niet gelukt en dus meldde hij zich opnieuw bij zijn psychiater.

Niet iedere psychiater of dokter wil of kan (om welke reden dan ook) hier aan meewerken. In het geval van Sander had hij daarin uiteindelijk min of meer geluk en wilde zijn arts wel een uitzondering maken. De psychiater snapt de vraag van Sander, kent Sander lang genoeg om te weten dat het ZIJN wens is, en dat het niet in een opwelling is, maar al heel lang speelt. Sander is wilsbekwaam, mag en kan zijn eigen beslissingen nemen, begrijpt ook prima wat de consequentie van zijn vraag is. Maar dan blijft er dus één belangrijk (struikel) punt over in dit wettelijke lijstje: behandeling moet geen zin meer hebben en er zijn geen redelijke alternatieven. 

Sander zit vanaf zijn vroege pubertijd in de psychiatrie en heeft NOG NOOIT een behandeling aangeboden gekregen voor zijn klachten, ook niet als hij erom vroeg. Hij heeft één keer een soort van EMDR (trauma therapie) gehad, die heel kort een klein beetje hielp, maar niet blijvend, maar voor de rest heeft hij zijn hele leven te horen gekregen dat behandeling geen zin had en dat hij ermee moest leren leven. Oók toen er wel behandelingen bedacht werden voor mensen met Borderline. Ook toen kreeg hij te horen dat het geen zin meer had en hij er maar mee moest leren leven. 

Dus.... Een heel lang verhaal een klein beetje ingekort: Sander kreeg te horen dat hij "nog nooit iets van behandeling geprobeerd had" en moet nu dus allerlei behandelingen gaan doen, die hem altijd ontzegd zijn door behandelaren en artsen zelf (niet zijn huidige arts overigens), voor zijn verzoek ook maar in behandeling genomen gaat worden. 

Hoe krom is dat?
Sander is radeloos, hij is moe van al die jaren proberen 'ermee te leren leven', al die jaren overleven. Hij wil rust, hij is er echt klaar mee en hij wil gewoon sterven. Hij weet hoe het is om getraumatiseerd te zijn en wil dat niemand anders aandoen. Hij wil niet dat ook maar iemand hem vindt en daar een trauma aan overhoudt. En juist om die reden vraagt hij om euthanasie, een 'goede dood', voor hemzelf, zijn (weinige) naasten en de wereld om hem heen (en dat siert hem enorm in mijn ogen).

Wereld Suïcide Preventie Week...
Goed dat het er is, en triest dat het nodig is. 
Maar zolang de wachtlijsten voor de GGZ oplopen in plaats van minder worden, de wettelijke eisen voor euthanasie soms heel star en krom zijn en artsen zich (begrijpelijk) niet durven te branden aan overtreding ervan, zal deze week altijd nodig blijven zijn.

Niet één week per jaar, maar 52 weken per jaar.

* Sander bestaat echt, maar het is uiteraard niet zijn echte naam.

foto: zelf gemaakt van het beeld 'Stille Strijd'



14 mei 2025

Over Heksen, Detectives en het hebben van filters..... of juist het gebrek daaraan...

De afgelopen weken (en nog steeds eigenlijk) waren nogal intensief in mijn hoofd. Dat heeft voor behoorlijk wat 'narigheid' gezorgd, maar gelukkig zitten er soms ook wel grappige momentjes tussen. 

Ik ga proberen zo kort (voor mijn maatstaven) en zo simpel mogelijk de situatie te schetsen, zodat je een idee kunt krijgen van wat er hier gebeurt. 

Ik hoor stemmen, dat mag inmiddels bekend zijn en sommige van die stemmen kunnen het 'overnemen' en kunnen dan op een glijdende schaal zelfstandig functioneren (dus simpel gezegd: van samen aan het roer staan, tot ik die niks meer meekrijg en als het ware niet meer aanwezig ben). 

Sommige mensen noemen het 'delen' of 'alters', maar voor mij zijn dit stemmen, aangezien ik ze ken en met ze kan communiceren. Stemmen zijn (voor mij, niet voor iedereen) (onder)deel van mij. 

Er is echter ook al best een hele lange tijd een deel, waarmee ik dat niet kan, vandaar dat ik hiervoor ook het woord 'deel' gebruik en niet het woord stem. Ik hoor haar niet, ik zie haar niet, ik ken haar niet. Voor mij is zij dus geen stem, geen (onder)deel van mij en dus noem ik het een 'deel'.* 

Maar laten we haar voor het gemak even 'De Heks' noemen, dan heeft het beestje maar een naam, dat praat makkelijker. Ik hoor haar niet, maar mijn Jongste Stemmetje en Jongste Puber horen en zien haar wel. En dat is vrij lastig want De Heks heeft het echt op deze twee gemunt. Ze maakt hen doodsbang en er is, voor mijn gevoel, weinig wat ik kan doen tot nu toe, om hen tegen haar te beschermen, want tja, wat ik niet zie en hoor, daar kan ik ook niet tegen optreden. 

Ik sprak een tijd geleden met m'n oud behandelaar hierover omdat ik geen idee had hoe ik het aan moest pakken, maar de noodzaak om meer over De Heks te weten te komen wel steeds urgenter werd. 

Op dat moment was vooral Jongste Stemmetje het doelwit en zij is té jong en te bang om verbaal informatie te geven. Ze heeft er simpelweg de taal nog niet voor. We bedachten dat het dan op een creatieve manier moest, en aangezien knuffels nogal geliefd zijn bij haar, leek dat me een goed plan: situaties uitspelen met knuffels. 

Leuk bedacht, maar niet echt goed over nagedacht. Op het moment dat één van die geliefde knuffels dus de rol van De Heks zou krijgen, zou die knuffel niet meer 'veilig' zijn en dus leende ik van iemand een knuffel, die dan daarna gewoon weer weg zou kunnen. Maar zodra ik ook maar probeerde om met Jongste Stemmetje en de knuffels aan de gang te gaan, sloeg de angst al om in hysterisch huilen en dat kon ik zelf gewoon niet aan. Dit ging het dus niet worden. 

Inmiddels was ook Jongste Puber getuige van de aanwezigheid van De Heks en hij heeft wél de taalvaardigheden om me te helpen. En als er één ding is wat hij graag doet, dan is het mij blij maken, dus hij wilde maar wat graag helpen. 

Ik printte een foto uit van een heks, hing die in de kamer op, met daarnaast een aantal vragen waar ik graag een antwoord op zou willen (wie ben je, wat wil je, waarom ben je er enz). Het idee was, dat ze wellicht zelf zou gaan communiceren via papier met mij (waar ik best een hard hoofd in had, want dan had ze dat al veel eerder kunnen doen). Maar tegelijkertijd gaf ik Jongste Puber de rol van detective: aan hem de taak om zoveel mogelijk informatie te verzamelen. Als dat zou lukken, prachtig, zo niet: geen probleem, goed je best gedaan. Maar dat liep dus uit de hand. 

Ineens waren alle pijlen van De Heks op Jongste Puber gericht. En waar eerst het gedrag, de daden en woorden van Oudste Puber het onderwerp van gesprek/dreigement waren, werd dat nu dus het hele 'zijn' van Jongste Puber. 

Ze terroriseerde hem compleet en ik had dat niet door, want hé ik hoor haar niet en Jongste Puber nam zijn taak héél serieus en durfde niks tegen mij te zeggen omdat hij mijn vragen (nog) niet kon beantwoorden. 

Heel lang verhaal een beetje korter: Jongste Puber draaide door, nam het over en ik miste een aantal complete dagen uit m'n geheugen. Uiteindelijk werd hij zó moe en over z'n toeren dat hij een deel van wat er gezegd werd over Woonbegeleider uitstortte. 

Toen ik weer 'terug' was en een beetje te horen kreeg wat er gezegd en gebeurd was, voelde ik me nogal schuldig: ik heb Jongste Puber dit aangedaan, want ik heb hem die opdracht gegeven. En dus besloot ik dat het genoeg geweest was, hij had het super goed gedaan, maar hij hoefde geen detective meer te zijn. Hij mocht uitrusten. 

Ondertussen bedacht ik dat als ik De Heks zelf een beetje zou uitdagen, dat ze zich dan misschien wél tegen mij zou keren. En dus zei ik tegen Woonbegeleider: "De Heks is gewoon een laffe pussy. Tegen kleine kinderen durft ze wel, maar als ze echt ballen had, dan zou ze het wel gewoon opnemen tegen mij, maar zo laf als ze is, dat durft ze dus niet... Dus eigenlijk is ze niks meer dan een zielig hoopje sh**."

Woonbegeleider (WB), die jong en spontaan is en niet altijd beschikt over een childproof filter, riep enthousiast: "Ja, De Heks is gewoon een stoephoer."
En ik moest er om lachen, wetend dat die uitspraak niet helemaal handig was.... 

En ja hoor, die nacht vond er een gesprek plaats tussen één van de volwassen stemmen (PB) en Jongste Stemmetje (JS): 

JS: wat is stoepoer?  
PB: zeg dat maar gewoon niet. 
JS: maar WB zegde het ook dus JS wil dat ook zeggen. Wat is stoepoer? 
PB: dat is een stout woord voor als iemand niet zo lief is of doet. 
JS: dus Mick vindt **** (iemand met wie Mick een aanvaring had eerder die dag) een stoepoer? 
PB: (probeert zijn lach in te houden) Mick vindt die inderdaad nu even niet zo aardig. Zullen we dat zo zeggen, want stoute woorden mag niet hè? 
JS: nee mag niet 
-----stilte----- 
JS: waarom doet WB wel stoute stoepoer zeggen? 
PB: (moet lachen) omdat WB pas over een (paar) jaar ongeveer gaat ontdekken dat kindjes als jij net een kopieerapparaat zijn en hij dan pas een filter ontwikkelt 
JS: (begrijpt hier ongetwijfeld niks van maar denkt blijkbaar na)..... waarom? 
PB: WB was even heel stout, maar ik denk dat hij van z'n vriendin straks z'n zakgeld in moet leveren als ze dat hoort. 
JS: oh... dan kan WB niet stickers kopen (haar favoriete aankoop op het moment).
PB: nee dat denk ik ook niet. En jij ook niet meer doen want dat is ook stout (ze heeft een 'sticker koop verbod' en nee dat is echt niet zielig!). 
JS: (diepe zucht) is mijn geld mag ik zelf weten zegt Jongste Puber. 
PB: en Mick zegt nee en Mick is de baas, dus stickers kopen is stout. 
JS: (Nóg diepere zucht). Mick is soms een stoepoer. 

Nou, dan weten jullie dat ook weer! 

foto: De Heks (eigen fabricaat)


* ik sluit niet uit dat dit ooit zal gaan veranderen, ik haar wel degelijk ga horen en zien en leer kennen, en haar dan als stem zal gaan benoemen, maar zo ver zijn we voorlopig nog (lang) niet.

25 januari 2025

Twee simpele (maar lekkere) kopjes thee.... Oftewel mijn terugblik op 2024...

Ik drink graag thee en ik ben dol op de tea topic labeltjes die er soms bij zitten. Al maanden weet ik niks te schrijven. Niet omdat er niet genoeg stof is om over te schrijven, integendeel, mijn hoofd zit overvol met dingen die ik wil schrijven, maar ik kreeg het er niet uit. 

Een paar weken geleden kreeg ik direct achter elkaar twee relevante theelabeltjes die me raakten:

  • Wat was voor jou een levens veranderende ervaring?
  • Hoe ben je veranderd in het afgelopen jaar? 

Dit waren sowieso onderwerpen waar ik al iets over had wilde schrijven. Dus die twee kopjes thee waren blijkbaar de schop onder mijn kont van The Universe die ik nodig had, om dat dan ook maar te gaan doen. Ze hebben geleid tot deze lap tekst: mijn terugblik op 2024!

Aan het einde van elk jaar maken veel mensen een soort van balans op: wat hebben zij in het afgelopen jaar allemaal bereikt? Nu heb ik eigenlijk standaard het gevoel dat ik niet zo heel veel bereik in mijn leven, ik probeer namelijk 'gewoon te (over) leven'. 'Zijn' is soms al ingewikkeld genoeg en ik ben niet echt meer uit op heel veel 'bereiken'. Ik heb niet echt nog doelen of dromen in mijn leven. En wat je niet hebt, kun je ook niet bereiken.

Dat klinkt misschien heel erg negatief, maar zo ervaar ik dat zelf helemaal niet. 
Het klopt als ik zeg dat ik geen doelen of dromen meer heb in mijn leven, maar dat is niet persé negatief. Ik had namelijk ooit heus wel een aantal doelen en dromen en die heb ik allemaal al waargemaakt. En als je daar tevreden mee bent, waarom zou je dan persé nieuwe doelen moeten stellen, of nieuwe dromen moeten creëren? Voor wie moet je dat doen?

Ik heb ze niet meer en ik leef mijn leven er niet anders door, ik ben er ook niet ongelukkiger door geworden, misschien zelfs wel het tegendeel, want ik weet niet hoe dat bij anderen is, maar het niet behalen van doelen, vind ik vooral erg frustrerend en het leidt bij mij vooral tot stress. En stress.... Tja, daar heb ik meer dan genoeg van en ik word er niet gelukkiger van!

En hoewel ik het altijd een beetje 'corny' vind, en ik rijkelijk aan de late kant ben, wil ik toch heel graag even stilstaan bij en terugblikken op het afgelopen jaar, want er is veel gebeurd.

2024 was voor mij een jaar om nooit te vergeten. En vooral in positieve zin. 

Ik kreeg afgelopen jaar (op 15 april om precies te zijn) eindelijk de door mij zó gewenste operatie, waarmee stiekem een droom die ik sinds mijn puberteit al had uit kwam. 

Afgelopen jaar werden EINDELIJK mijn borsten verwijderd en heb ik het gevoel dat ik nu écht helemaal thuis gekomen ben in mijn lijf, en vooral in mijzelf.
En dat laatste is wel iets heel belangrijks want het deed me beseffen, dat er nu (na ruim 40+ jaar) eindelijk voor het eerst zoiets als 'mezelf' is. 

Ik heb dat nooit gevoeld. Ik kan ook nog steeds niet uitleggen hoe 'mezelf' dan zou voelen, maar ik voel het wel aan alles en mensen om me heen zeggen ook hardop dat ze het aan me zien en merken. Ik ben meer mezelf dan ik ooit geweest ben, en dat klopt. Voorheen, zeker voor de start van mijn lichamelijke transitie, was er geen zelf. En nu, na deze operatie, voelt het als af. Ik voel me 'mij'. En ik ontdek wat 'mij' nu eigenlijk inhoudt. En dat is best een hele klus.

Ik had serieus niet gedacht dat deze operatie zo levens veranderend voor me zou zijn. Ik had zeker wel verwacht dat ik me er fijner door zou gaan voelen, maar dat ik ooit het gevoel zou krijgen 'nu klopt het' met alle bijbehorende effecten, dat had ik (naïef misschien) echt niet gedacht.

Het is ook best raar hoe je brein werkt. Meteen bij de eerste 'sneak peek' miste mijn brein niks en zag ik niks bijzonders. De reden waarom ik het niet zag, was doodsimpel: dit (plat dus) was zoals mijn brein het mijn hele leven al gevoeld en voorgesteld heeft. Ik kan me ook nu gewoon echt niet meer herinneren dat ze eraan zaten, of hoe het voelde. 

Ik ben sinds de operatie 2cm 'groter geworden', niet doordat ik een of andere uitgestelde groeispurt heb gehad, maar gewoon, doordat ik voor het eerst in mijn volwassen leven rechtop durf te staan en te lopen en niet altijd maar weer met m'n schouders naar voren gebogen, een beetje in elkaar gedoken ben, om die borstkas vooral maar zo min mogelijk te laten zien. Ik loop en sta nu rechtop, zoals het hoort. Ik hoef niks meer te verbergen, het klopt nu en dat voelt zó f***ing bevrijdend!

Natuurlijk was 2024 niet alleen maar leuk. Want op de dag van m'n operatie emigreerde een lieve vriendin, die naar bijna al mijn afspraken in het ziekenhuis was meegegaan en er altijd was, naar Finland. Dat was háár grote droom en die kwam uit op dezelfde dag dat mijn langgekoesterde wens uitkwam. En zo begonnen we op die dag allebei aan ons eigen nieuwe avontuur. Ik ben ontzettend blij voor haar, maar ik mis haar wel heel erg.

Rond diezelfde periode moest ik ook afscheid nemen van mijn Woonbegeleider, die me ook door dit hele proces heen begeleid, gesteund en toegejuicht heeft. Die hoop hield op de momenten dat ik het niet meer voelde. Mijn persoonlijke cheerleader in mannelijke vorm (al vinden mijn stemmen het hilarisch om hem in zo'n strak pakje met pompoms voor te stellen). Hoe dan ook, ik raakte véél méér kwijt dan 'zo maar' een woonbegeleider. En hoewel ik weet dat hij gelukkiger is in zijn nieuwe baan en zijn opvolgers het ook heus niet slecht doen, mis ik hem toch enorm. 

Het was fijn dat hij me kende en wist hoe ik was vóór dat ik in transitie ging, en hoe ik tijdens dat proces veranderd ben. Hoe mijn mentale gezondheid écht met sprongen vooruit ging. Hoe ik beter in mijn vel kwam te zitten en meer rust vond, en in zijn woorden: beter kon relativeren. Hij heeft m'n operatie nog meegemaakt, en twee weken van mijn herstel daarna, waarin ik niet zo heel veel kon en vooral niet mocht en daar dan weer 'niet vrolijker' (understatement) van werd. En ik was best heel verdrietig dat hij wegging, al wist ik dat het voor hemzelf echt nodig was en ik hem het beste gunde. Toch zou ik graag willen dat ik hem kon laten zien, hoe het er nu uit ziet, nu alle wonden genezen zijn, de littekens weggetrokken zijn en ik het liefst de hele dag zonder shirt rondloop :-)

Het is gewoon lastig (voor mij) dat zijn opvolgers mij niet kennen hoe ik was vóór m'n transitie en nu. Zij zien niet de enorme verschillen en zij hebben een 'nulpunt' waar ik misschien wel nooit meer overheen ga komen. Want misschien wordt het wel niet beter dan het afgelopen jaar is geworden. En voor mij is dat goed genoeg, want het is een wereld van verschil! 

Maar blijkbaar moet een mens steeds maar streven naar vooruitgang, met nieuwe doelen, nieuwe dromen om steeds weer een verbeterde versie van zichzelf te worden. En dat vind ik lastig. 

Ik vond mezelf in 2024.
En ik vond mezelf voor het eerst goed genoeg in 2024.

En daar wil ik in 2025 (en daarna) eigenlijk gewoon van genieten, zonder uit te moeten zijn op een (nog verder) verbeterde versie van 'Mezelf'.
Laat mij eerst maar eens even wennen aan en genieten van de resultaten van 2024!

foto: eigen ontwerp



16 oktober 2023

Leven op de rand van een mijnenveld...oftewel: een verhaal over ptss

Als je me echt zou kennen, dan zou je weten dat ik in mijn leven best wel wat dingen heb meegemaakt. Dingen die ik beter niet had kunnen meemaken. En als je me nog beter kent, dan weet je dat ik daar in mijn huidige volwassen leven, nog steeds best wat last van heb.

Dat ik stemmen hoor die anderen (schijnbaar) niet kunnen horen, zou inmiddels echt geen geheim meer moeten zijn. En als je mijn boek gelezen hebt, of gewoon hier al langere tijd mee leest, dan zou het ook geen nieuws moeten zijn, dat die stemmen veel te maken hebben met de dingen die ik mee maakte, mijn trauma's. Maar dat is niet het enige waar ik vandaag de dag nog last van heb. 

Waar ik het niet zo vaak over heb, zijn de nachtmerries, de flashbacks en de herbelevingen. Ik heb het er niet over, niet omdat dat geheim moet blijven, maar vooral omdat het niet de leukste verhaaltjes oplevert (niet dat dat moet, maar toch, ik ben er ook niet op uit om anderen te traumatiseren met mijn schrijfsels). En zelfs als ik heel goed en hard nadenk over hoe ik zoiets inhoudelijk nou in een blog-proof jasje zou kunnen gieten, dan weet ik daar niet zo één, twee, drie een antwoord op. En dus heb ik dat nog nooit/zelden gedaan. En ook vandaag zal ik dat niet doen. 

De laatste weken/maanden heb ik extreem veel last van nachtmerries en flashbacks. Ik noem dit overigens doorgaans 'filmpjes'.  Normaal gesproken zijn ze er ook wel, maar dan is het 'redelijk hanteerbaar', dan voelt het alsof ik er op de een of andere manier een soort van controle over heb (wat een illusie is, maar toch). Iets met (letterlijk) ademhalen en doorgaan. Maar er zijn periodes waarin dat niet meer zo makkelijk gaat als dat ik het zojuist opschreef. En dit is dus zo'n periode.

Het vreemde is dat het begon met één specifieke trigger, oftewel iets wat de herinnering uitlokt. Zo'n trigger kan van alles zijn: een beeld, een geur, een geluid, een gevoel, een voorwerp, een persoon noem maar op. In mijn geval was het dit keer de combinatie van een vlieg en een spin. De details van het filmpje zal ik jullie besparen, die zijn ook niet zo belangrijk voor wat ik wil vertellen. 

Deze twee beestjes zorgden er in een nano seconde voor dat ik niet meer de volwassen Mick was, maar dat ik ongeveer zes jaar oud was. Op dat moment bestaat de volwassen Mick niet meer, de huidige omgeving waarin ik leef niet meer, maar alles wat ik zie, hoor, ruik en proef is de wereld waarin die zes jarige Mick die dit voorval meemaakte toen leefde. En voor het eerst in hele lange tijd bevroor ik en kon ik hier niet meer uit mezelf uitkomen, wat (voor mij) betekent dat ik een boel tijd kwijt raakte (een paar dagen). 

Die triggers zijn irritante dingen, ze zijn namelijk overal en altijd. Je hebt er die heel duidelijk aanwezig zijn en die min of meer voorspelbaar zijn. Deze vind ik persoonlijk het 'fijnst' omdat je je op deze enigszins kunt voorbereiden en ze zelfs soms kunt vermijden. Maar uiteraard is dat echt niet altijd mogelijk en werkt het ook écht niet altijd zo simpel en perfect als ik het net schreef, want het nare van dat hele ptss gebeuren is het onvoorspelbare karakter.

Er zijn echter ook triggers die verborgen zijn, die je niet kunt zien aankomen, die je niet kunt voorspellen en waarvan je misschien niet eens weet dat ze een trigger zijn. En ik merk dus de laatste tijd dat dat er stiekem een heleboel zijn. Overal in mijn leven duiken ineens onverwacht allerlei triggers op, ook als die er voorheen in dezelfde plaats en situatie nog niet waren. En dat is erg naar (understatement of the year).

Ik vroeg me af hoe ik aan mijn hulpverleners of andere mensen in mijn omgeving kon uitleggen hoe het momenteel voor mij voelt en werkt. En ik geloof dat de volgende vergelijking wel redelijk in de buurt komt. 

Voor mij (en dit is dus puur persoonlijk en niet voor iedereen met ptss geldend) voelt het hebben van ptss een beetje als leven op de rand van een mijnenveld. Je balanceert in je dagelijkse leven op die rand en dat gaat meestal goed. Maar soms gebeurt er iets, bijvoorbeeld slaapgebrek, of een zuchtje wind (tegenslag), waardoor dat balanceren niet meer zo soepel gaat, je je evenwicht verliest en je over de rand kukelt het mijnenveld in. 

Terwijl je het veld in kukelt land je op een mijn, die onmiddellijk ontploft (flashback), maar die jou zelf niet vernietigt. Maar de scherven van de mijn, komen elders in het veld terecht en landen op een andere mijn, die ook ontploft (volgende flashback), weer scherven de lucht in blaast die weer landen... enzovoorts. 

En terwijl jij in dat veld beland bent en ziet hoe al die mijnen één voor één ontploffen durf je je niet goed meer te bewegen omdat je bang bent dat je weer op een volgende voor het oog onzichtbare mijn trapt. Misschien beweeg je ook wel niet in de hoop dat als je maar lang genoeg stil blijft zitten/staan, dat alle rondvliegende scherven ervoor zorgen dat er uiteindelijk geen mijn meer over is die nog kan ontploffen en je met een gerust hart veilig het veld uit kunt stappen omdat er geen 'ontploffingsgevaar' meer is. 

Ik denk dat dit beeld, van een mijnenveld, wel redelijk goed weergeeft hoe ik mijn ptss in dit soort periodes beleef. Nogmaals, dit is MIJN ervaring en hoeft niet voor iedereen met ptss zo te zijn. Geen mens is immers hetzelfde en iedereen beleeft dingen op diens eigen manier.
Maar ja, ik weet gelukkig natuurlijk niet precies hoe een écht mijnenveld eruit ziet en hoe dat werkt....

Wat ik wel zeker weet is dat ik hoop dat dit heel snel minder wordt, want ik vind het uiterst vermoeiend. 

foto: gevonden op internet


31 augustus 2023

In transitie met een hoofd vol stemmen... alsof het nog niet ingewikkeld genoeg was.

Waarschuwing: dit stuk bevat TOO MUCH INFO... dan weet je dat alvast, je kunt nu nog wegklikken.

Als je hier al een tijdje mee leest, dan zou je kunnen weten, dat ik transgender ben en bezig ben met mijn transitie. Het woord transitie zegt het eigenlijk al: een overgang van het een naar het ander. Dat klinkt op zich heel simpel, maar dat is het allerminst. 

Ik gok dat in transitie gaan/zijn, voor niemand echt heel simpel is, maar met een hoofd vol stemmen van verschillende leeftijden en genders, kan ik je inmiddels uit ervaring vertellen dat dit helemaal een hele kluif is....

Er gebeuren een hoop dingen, waar al mijn hoofdbewoners op hun eigen manier mee omgaan. En de een heeft met dingen wat meer moeite dan een ander. 

De jongste telg in mijn hoofd, een meisje van 6, maar emotioneel een heel stuk jonger, begrijpt er allemaal niet zo heel veel van. Ze vindt het niet zo leuk dat we nu 'brommen' (oftewel een lagere stem hebben), maar de rest van de veranderingen gaat eigenlijk langs haar heen en ze lijken haar niet te interesseren. 

De Jongste Puber in mijn hoofd (die eigenlijk symbool staat voor mijn trans stuk) is 12 (emotioneel echter ook een stuk jonger) is in zijn nopjes. In zijn ogen worden we een 'echte jongen' en dat vindt hij 'kei vet'. Inmiddels weet hij dat we nooit helemaal een 'echte jongen' zullen worden zoals een geboren jongen dat is, maar hoewel ik heel veel teleurstelling, gesputter en verzet van hem had verwacht, is hij hier allemaal heel gelaten onder. Tot nu toe vindt hij het bijna allemaal wel best. Hij is blij met onze bromstem. Staat te springen bij élk nieuw haartje (en dat zijn er nogal wat kan ik je zeggen), zelfs de acné vindt hij grappig. Alleen dat libido gedoe..... nee, dat is en blijft een 'ieeeeeeeuw' afdeling voor hem. 

Dan is er nog de Oudste Puber, 16 jaar oud en je raadt het vast al: ook hij is emotioneel een stuk jonger. Van hem had ik eigenlijk de minste weerstand verwacht. Gewoon omdat hij doorgaans toch al een stuk volwassener reageert dan Jongste Puber en al veel meer dingen begrijpt.

Maar tot mijn grote verbazing heeft juist Oudste Puber er de meeste problemen mee. Hij is compleet in de war van alles wat er wel en niet gebeurt. Misschien was het ook wel naïef van mij om te denken dat Jongste Puber in de knel zou komen, hij is immers een 'doener zonder te denken', terwijl Oudste Puber dingen juist door en door probeert te analyseren en doordenken. En hoewel dat in alledaagse situaties juist een verademing is, is dat in het geval van een transitie dus niet zo handig.

Al gauw na de start met testosteron en de eerste veranderingen in en aan mijn lijf, merkte ik dat hij in de knoei kwam. Ik kwam erachter hoe weinig hij eigenlijk weet van anatomie van zowel mannen als vrouwen, van de veranderingen in de puberteit, van seks enzovoort. En door dat gebrek aan kennis, ontstonden er al gauw behoorlijke problemen en kreeg ik gaandeweg een depressieve puber in mijn hoofd.

Mijn lijf veranderde al heel snel na de start met de testosteron. En al gauw kwamen er heel veel vragen:

  • doet het pijn als de baard in je keel groeit? 
  • doet zo'n appel in je keel pijn en kan je dan nog wel slikken?
  • en hoe weten je stembanden dat ze moeten stoppen met groeien? En wat als ze er dan niet meer inpassen? Waar blijven ze dan?
  • hoe weet je gezicht nou waar hij wel en geen haar moet laten groeien?
Oudste Puber kreeg ineens 'lekkere kriebels', hij kreeg interesse in seks en in porno. Zag daar een boel nieuwe dingen en kreeg een 'droom': hij wilde dat onze inie-mini meisjes piemel (jawel, je clitoris gaat namelijk ook groeien) net zo zou gaan doen als een jongens piemel aan het einde van seks wanneer het 'het aller aller lekkerst is' (oftewel ejaculeren). En hoewel ik hem probeerde uit te leggen dat dat nooit zou gaan gebeuren omdat het simpelweg niet op die manier zou kunnen, besloot hij dat ik niks wist van ZIJN jongenslijf en legde hij zijn vragen bij Woonbegeleider neer want 'hé hij is een man en hij wéét dingen, je weet toch'. 
Woonbegeleider beantwoordde zijn vragen eerlijk en open en met (super) veel geduld. Maar het antwoord van hem kwam overeen met dat van mij: wat jij graag wil, gaat niet gebeuren, want dat kan lichamelijk niet. 

Maar Oudste Puber was niet van zijn droom af te brengen, wat wist Woonbegeleider nou helemaal van ONS eigenlijk meisjeslijf af? En dus wendde hij zich tot ExWoonbegeleider en legde zijn vraag wederom ook bij hem neer. 
Ook ExWoonbegeleider vertelde hem eerlijk, open en met veel geduld dat wat hij wilde niet zou gaan gebeuren. En Oudste Puber was ontroostbaar. Hij geloofde het allemaal nog steeds niet en bleef maar nieuwe theorieën bedenken, hoe en wanneer het dan wel zou kunnen: 
  • onze inie-minie meisjespiemel was gewoon nog niet groot genoeg en zou eerst nog een beetje moeten groeien en dan zou hij dat vanzelf wel gaan doen. 
  • we hadden gewoon nog niet genoeg testosteron in ons lijf.
  • ze konden toch gewoon een gaatje boren in onze inie-mini meisjes piemel zodat het er wel uit kon komen?
Goedbedoeld kochten we een 'puber boek' voor hem, waarin de veranderingen van de puberteit beschreven stonden in taal en met plaatjes die hij zou kunnen begrijpen. Dat was waarschijnlijk de grootste denkfout van mijn kant tot nu toe. Want in een voorlichtingsboek voor pubers wordt natuurlijk een 'normale' puberteit beschreven, dus van jongen naar man en van meisje naar vrouw. En ook al doorlopen wij momenteel een soort van puberteit, dit is geen normale puberteit, dus dit boek (en geen enkel boek!) beschrijft onze situatie. 
En dus werd de verwarring van Oudste Puber na het lezen van dit boek zo mogelijk nóg groter en kwam hij tot niks meer, behalve verdrietig in bed liggen. Zijn kriebels negerend (want een andere stem had hem ingefluisterd dat hij naar de hel zou gaan als hij er iets mee zou doen) en wanhopig (en tevergeefs) proberend ons lijf in de plaatjes en theorie van zijn boek in te passen.

Woonbegeleider en ik besloten dat we hem meer moesten gaan uitleggen over anatomie en waarom dat wat hij zo graag wilde niet kon. We kwamen erachter dat hij ervan overtuigd was dat er plas uit die piemel kwam en 'iedereen heeft plas, dus kon het wel!'
Toen hij uitgelegd kreeg dat het geen plas was maar zaadjes, was hij ervan overtuigd dat er dan gewoon plas zonder zaadjes uit zou komen. En toen we alle school tv filmpjes/animaties over anatomie, klaarkomen en voortplanting gehad hadden, begon eindelijk heel langzaam het kwartje te vallen dat het nooit zou gaan gebeuren. En daar werd hij nóg verdrietiger en bozer van. 

De ene dag lijkt het alsof het kwartje gevallen is, tot de volgende overtuiging de kop op steekt (ik zou er inmiddels een heel boek over kunnen schrijven). 

Vandaag hebben we bijvoorbeeld het douche dilemma ontrafeld, want sinds een aantal weken wil hij niet meer douchen en wordt helemaal panisch van dat idee. Dat is overigens geen probleem, want Jongste Puber neemt die taak (in ruil voor wat extra game tijd) graag op zich, maar het bleef een mysterie waar zijn plotselinge angst vandaan kwam. 

Dit soort dingen uitzoeken is een soort van 'ja/nee' vraagspelletje. Gelukkig houdt Woonbegeleider van raadsels oplossen en heeft hij meer energie en geduld dan ik (nog over) heb. Oudste Puber had wel losgelaten 'dat hij geen baby wilde en dan was het straks zijn schuld als er een baby kwam'. Maar meer kwam er niet uit. 

Vanmiddag ontdekten we dat het aan ons relatief nieuwe douchespul lag: Sanex... 
Oudste Puber heeft iets te veel klaarkomende mannen op internet gezien en Sanex lijkt op de zaadjes uit een piemel! En dus werd het douche dilemma vandaag gekraakt en werd er een oplossing bedacht: Oudste Puber mag andere (paars kleurige) douchegel gebruiken.... (want 'je weet niet zeker of er toch zaadjes in sanex zitten, dus je kunt het niet weten!') En zo brengt elke dag wel weer een nieuwe verrassing, dilemma of theorie met zich mee.

In transitie zijn is een zoektocht naar jezelf. Maar met zoveel zelven in één zelf is het af en toe een bijna onmogelijke zoektocht. Eentje die ik overigens niet zou willen missen (en Oudste Puber ook niet!)

Een ding is zeker: saai is het nooit!

foto: anatomie les....

1 juli 2023

Van 'therapie' naar 'therapie' naar 'therapie'.... oftewel de zin en onzin van een dagprogramma.

Het is alweer behoorlijk lang geleden, maar eind oktober 2022, werd ik voor een tijdje opgenomen in het lokale psychiatrische ziekenhuis. Aangezien er erg veel dingen gebeurden tijdens die opname die mis gingen en die absoluut niet ok waren en ik dit maar niet uit mijn systeem krijg, wil ik hier (nog steeds) een aantal blogjes over gaan schrijven. Gewoon omdat ik vind dat het belangrijk is om een aantal dingen te laten 'zien'. In de hoop dat de mensen die in de psychiatrie (gaan) werken, hier misschien iets van kunnen leren en dingen voor andere cliënten/patiënten in de toekomst misschien anders en vooral beter kunnen worden. Misschien is dat een utopie, maar niet geschoten is altijd mis...

29 mei 2023

Horen, zien en voorlopig nog zwijgen... Mijn crisis opname in de GGZ. Deel 2

Het is alweer behoorlijk lang geleden, maar eind oktober 2022, werd ik voor een tijdje opgenomen in het lokale psychiatrische ziekenhuis. Aangezien er erg veel dingen gebeurden tijdens die opname die mis gingen en die absoluut niet ok waren en ik dit maar niet uit mijn systeem krijg, wil ik hier (nog steeds) een aantal blogjes over gaan schrijven. Gewoon omdat ik vind dat het belangrijk is om een aantal dingen te laten 'zien'. In de hoop dat de mensen die in de psychiatrie (gaan) werken, hier misschien iets van kunnen leren en dingen voor andere cliënten/patiënten in de toekomst misschien anders en vooral beter kunnen worden. Misschien is dat een utopie, maar niet geschoten is altijd mis...

27 mei 2023

Four seasons in one day.... Mijn crisis opname in de ggz... deel 1

Het is alweer behoorlijk lang geleden, maar eind oktober 2022, werd ik voor een tijdje opgenomen in het lokale psychiatrische ziekenhuis. Aangezien er erg veel dingen gebeurden tijdens die opname die mis gingen en die absoluut niet ok waren en ik dit maar niet uit mijn systeem krijg, wil ik hier (nog steeds) een aantal blogjes over gaan schrijven. Gewoon omdat ik vind dat het belangrijk is om een aantal dingen te laten 'zien'. In de hoop dat de mensen die in de psychiatrie (gaan) werken, hier misschien iets van kunnen leren en dingen voor andere cliënten/patiënten in de toekomst misschien anders en vooral beter kunnen worden. Misschien is dat een utopie, maar niet geschoten is altijd mis...

Een stukje achtergrond informatie:
Het ging al heel lang niet goed met me: ik sliep niet/nauwelijks en mijn situatie op de genderpoli was nogal spannend. Ik raakte heel veel tijd kwijt, vond mezelf met regelmaat terug op plekken waar ik niet hoorde (en zou moeten) zijn en het duurde inmiddels zo lang en werd soms zó 'gevaarlijk' dat m'n Woonbegeleiding, de ggz en ikzelf het tijd vonden voor een (vrijwillige) 'crisis time-out' opname. Er was echter een wachtlijst (jawel, voor een crisisplek) en ik kon niet meteen terecht.

Op 27 oktober kwam er om 16.55u, na ruim acht weken op de wachtlijst te hebben gestaan een telefoontje dat er een bed vrij kwam en dat ik de volgende ochtend op de afdeling verwacht werd. En hoewel het inmiddels al wel een klein beetje beter met me ging, besloot ik na overleg om er toch gebruik van te gaan maken, omdat de komende week heel spannend voor me ging worden en ik daar (op dat moment al) niet zo goed mee om kon gaan. 

En zo zat ik op 28 oktober samen met mijn begeleidster van het ggz team in een kamertje, tegenover een hele jonge, lieve en geduldige dame van het afdelingsteam, die met mij de intake ging doen. De psychiater van dienst was op dat moment bezig, maar deze zou mij later die dag nog wel komen zien. 
Wat ik heel apart vond, was dat men wel wist dat ik zou komen, maar dat men geen idee had waarom ik zou komen of hoe lang ik zou blijven. Wel was men op de hoogte dat ik Mick, meneer, hij en hem was. 

Het was een prettig gesprek. Ik voelde me gehoord en gezien en ik was mezelf. Wat zo'n beetje inhoudt dat ik er alles eerlijk uitflapte, ook dingen waarvan ik verdomd goed weet dat ik die beter niet kan zeggen. Maar ik ben ik, en ik wil open kaart spelen en ben dus (te) eerlijk. Ik gaf aan dat ik mensen en nieuwe situaties eng en moeilijk vond, dat ik het moeilijk vind om zelf om een gesprekje te vragen en dat ik heel erg de behoefte heb aan duidelijkheid, omdat ik anders boos word. Dat ik zelf leef onder het motto: doe wat je zegt en zeg wat je doet en dat ook van anderen verwacht. Dat ik een voedselallergie heb en eetmomenten daardoor extra spannend vind (ivm kruisbesmetting). 
De afspraak was dat het personeel me elke dag een ventileer gesprek aan zou bieden, zodat ik er niet zelf om hoefde te vragen en dat ik mijn eigen brood, boter en beleg kreeg, die in de afgesloten keuken bewaard zou worden waar niemand verder aan kon. En verder zou er even goed met de keuken overlegd worden over de ingrediënten van de maaltijden en dit zou aan mijn teruggekoppeld worden.
Aan het eind van het gesprek leverde ik mijn eigen (net opgehaalde) volle doosjes medicatie in, kreeg ik een boekje met instellings- en afdelingsregels (van heul veul pagina's) in mijn handen gedrukt en nam ik afscheid van mijn begeleidster. 

Ik zou een rondleiding krijgen vóór de lunch. Maar toen dat eindelijk gebeurde, ging de pieper af. Het is niet mijn eerste opname, ik weet wat het betekent: Ergens is een collega in gevaar of er is ergens een gevaarlijke situatie en dan moeten de andere personeelsleden gaan rennen en assisteren. En zo stond ik ineens alleen in de gang. Ik was al overprikkeld van het feit dat ik opgenomen was en dus vluchtte ik terug naar het stukje 'veiligheid' dat ik daar had: mijn kamer, waar ik huilend met mijn knuffel in een hoekje wegkroop. 
Uiteindelijk werd ik weer opgehaald en kalmeerde ik wel weer, maar het was niet echt een lekkere binnenkomer zullen we maar zeggen (waar overigens niemand iets aan kon doen, dit is hoe het nu eenmaal kan gaan).

De psychiater van dienst die nog zou komen, liet doodleuk weten dat ze het te druk had om mij te komen zien en dat m'n regiebehandelaar (m'n eigen psychiater dus) de medicatie maar in orde moest maken. Klein relevant probleem: mijn eigen psychiater had die week vakantie en was er helemaal niet en dus ontstond er een probleem. 

Een deel van mijn medicatie krijg ik via het ggz team en een deel van de huisarts. Daar weten beide partijen van en ik ben daar ook eerlijk over. Het probleem is alleen dat de medicatie die via de huisarts geleverd wordt, niet in het systeem van de ggz staat (andersom overigens wel!) en de instelling dus alleen mag uitreiken wat in het ggz systeem staat. Tja, en dat was momenteel dus niet de medicatie waar ik de afgelopen maanden zo ongeveer op 'overleefd' had. Dit zorgde bij mij voor paniek, want de situatie was onduidelijk en onduidelijkheid geeft error in mijn hoofd. De psychiater van dienst was verre van behulpzaam hierin. 'Dat had maar geregeld moeten zijn voordat ik kwam.' En daar had ze vast gelijk in, maar daar had ik op dat moment niks aan en ik kon er ook niks aan veranderen, maar ik leek er nu wel de dupe van te worden.

Tijdens de intake was ik Mick, meneer, hij en hem en de verpleegkundige hield dat ook goed vol. De psychiater had daar geen boodschap aan, bleef het hebben over mevrouw, zij en haar. In het begin ging de verpleegkundige daar nog tegenin, maar uiteindelijk zwichtte zij ook en nam het mevrouw zij en haar over (wat ik haar vergeef, want de rest van mijn verblijf heeft ze het niet fout gedaan). Dit zorgde voor extra spanning, boosheid en verdriet. Het maakte dat ik me niet gehoord, niet serieus genomen en onveilig voelde.

De verpleegkundige van die ochtend besloot (terwijl ik naast haar zat) naar mijn apotheek te bellen om te vragen of zij een medicatieoverzicht konden faxen. Het was vrijdagmiddag en als die lijst voor een bepaalde tijd binnen zou zijn, dan kon de medicatie nog geregeld worden, zo niet dan zou het pas na het weekend worden...(nog meer paniek in mijn hoofd). 

De apotheek wilde niet meewerken, want dit was niet gebruikelijk. Normaal gesproken moet je zo'n overzicht persoonlijk aan de balie komen ophalen. En nee, ze konden dat niet faxen, dat was niet gebruikelijk. Dat ging tegen de wet op de privacy in... Ik riep in de hoorn dat ik ernaast zat en dat ik hier toestemming voor gaf, maar nee, wet op de privacy, niet gebruikelijk, bla bla bla. De moed zakte in mijn schoenen, de paniek werd niet minder. Maar van de apotheek hoefden we in ieder geval geen medewerking te verwachten, dat was duidelijk.

Ik opperde nog dat ze me mijn ingeleverde 'illegale' (=niet in hun systeem staande) medicatie maar terug in eigen beheer moesten geven, thuis ben ik immers ook verantwoordelijk voor mijn eigen medicatie inname en beheer, maar ja, dat mocht uiteraard niet. Aan de ene kant snap ik dat best, maar aan de andere kant vind ik het ook best een beetje onzin. (waarmee ik bedoel dat dit ook op een veilige manier zou kunnen, door de hoeveelheid van één dag bijvoorbeeld uit te reiken, kamers zijn op slot).

Maar goed, uiteindelijk bedacht ik dat ik in mijn huisartsenapp een medicatielijst heb staan en dus maakte ik daar een pdf van en die mocht ik naar de verpleegkundige mailen. Met veel gemopper en gezucht bleek de psychiater van dienst daar dan (voor deze ene keer) mee akkoord te gaan en het leek geregeld.  

Mijn energie was op, mijn prikkelgrens zwaar overschreden en ik wilde het liefst naar huis. Maar in plaats daarvan werd er verwacht dat ik deelnam aan het dagprogramma. En ik koos voor dat wat ik thuis ook doe, alleen heet het thuis 'hobby' en hier creatieve therapie. Er was echter niemand die tijd (of zin) had om met me mee te lopen. Nieuwe situaties en ik zijn niet zulke goede vriendjes. Ik stond een behoorlijke tijd voor het lokaal (met glazen ramen), maar de drempel was te hoog: ik durfde niet naar binnen: teveel nieuw, ik was moe. En dus ging ik terug naar de afdeling en dook mijn kamer in, daar kon ik ook borduren, want ik had mijn spullen gewoon meegenomen. Ik bleek echter een borduurnaald vergeten te zijn en dus kon ik niks en dus eindigde ik weer huilend met mijn knuffel in een hoekje. 

Later die dag kwam er iemand van 'creatieve therapie' naar de afdeling en ik werd voorgesteld. Ze nam me mee naar het lokaal zodat ik wist waar ik moest zijn en wat ik daar allemaal kon doen. En bij hele hoge uitzondering mocht ik van haar een borduurnaald lenen en meenemen naar mijn kamer waarna ik me zielsgelukkig op mijn borduursels stortte en ik voor het uur dat ik daarmee bezig was, ik geen meldingen van mijn horloge meer kreeg dat mijn hartslag gevaarlijk hoog was....

De hele dag ben ik al aan het vechten tegen het 'switchen' (=dat mijn stemmen mij overnemen en ik er even niet meer ben), de reden waarom ik hier dus eigenlijk ben. Dit zou een plek moeten zijn, waar dat gewoon zou moeten kunnen, of toch op zijn minst niet als heel vreemd gezien zou moeten worden. Switchen is voor mij een soort van ontspanning, mijn brein en mijn lijf kan op die manier een beetje rust krijgen. En door het (min of meer) gecontroleerd te laten gebeuren, voorkom ik vaak erger, maar alles in mij schreeuwt dat het hier niet veilig genoeg is. En dus vecht en vecht ik ertegen en ik ben kapot moe. 

Als dan 's avonds bij het naar bed gaan ook nog blijkt dat de medicatie nog steeds niet geregeld is, het nu dus officieel weekend is en er niks meer te regelen valt, verdwijn ik huilend in mijn kamer. Ik ben op...

Ik kijk uit m'n raam naar de 'binnentuin'. Er staat een treurige boom met de herfstblaadjes er nog aan, maar tegelijkertijd zitten er katjes aan de takken. 
Het symboliseert hoe ik me momenteel voel: Four seasons in one day.
Zelfs de natuur is op deze plek in de war....



18 december 2022

Life is a rollercoaster... het verhaal van een kip of een ei....

Het is alweer een paar maanden geleden sinds ik een echte blog schreef over wat me zoal bezig houdt in m’n leven. Dat betekent niet dat er ook niks gebeurde, in tegendeel, ik werd behoorlijk overspoeld door m’n leven. Tijd dus om daar eens even wat over te schrijven. 

Sinds de zomervakantie brak er voor mij weer eens een ‘niet slaap periode’ aan. Die heb ik vaker en meestal kom ik daar na verloop van tijd wel weer uit. Ik heb hier namelijk inmiddels zoveel ervaring mee, dat ik onderhand wel weet wat wel en wat niet werkt. Maar dit keer lag dat net wat anders. 

Het niet slapen is een bekend probleem, maar ik zit natuurlijk ook nog in een nogal spannend traject. Ik ben bezig met mijn transitie bij de Genderpoli en daar werd het ook steeds spannender. Zo moest ik een keuze maken in hoe ik mijn traject vorm wilde geven. Wilde ik eerst een operatie of juist hormonen? Allemaal keuzes die behoorlijk wat gedenk en gepieker met zich mee brachten. En dat leverde een extra dosis stress op. Stress die ik normaal gezien best wel op zou kunnen vangen, maar als je niet slaapt en er komt nog wat extra stress bij, dan kun je nog zoveel coping strategieën hebben, maar dan wordt het teveel. 

En zo kwamen we ergens begin september tot de conclusie dat het misschien tijd werd voor mijn ‘time out’ regeling. Een soort van laatste redmiddel, een time out crisis plek in de psychiatrische instelling. Maar ja... dat kan ik wel willen en mijn hulpverleners kunnen dat ook nodig vinden, maar dat betekent niet dat er dan ook bedden beschikbaar zijn. En dus werd ik op de wachtlijst voor een crisis opname geplaatst. Wat op zich eigenlijk al te gek voor woorden is, maar ja. Tot dat bed er dus zou komen, zou mijn woonbegeleider het proberen op te vangen. Concreet betekende dat, dat hij weken lang, bijna elke dag contact (video of face to face) met me heeft gehad. Iets waarvoor ik hem (en zijn collega) overigens zeer dankbaar ben. 

Ondertussen stonden de ontwikkelingen op de genderpoli ook niet stil. Ik had inmiddels een keuze gemaakt om mijn traject te starten met de hormoon behandeling en de operatie daarna te doen. En dus werden de gesprekken daar ook op gericht. Dat verliep allemaal best soepel en ineens was er sprake van dat ik binnenkort in het multi disciplinair overleg (MDO) ingebracht zou worden, zodat ik zou kunnen gaan starten. 

Maar ondertussen sliep ik nog steeds nauwelijks en ging het daardoor niet zo heel lekker met me en dat had ik ook eerlijk verteld. Zo’n hormoontraject is nogal een rollercoaster en het is dus wel handig als je een beetje stabiel bent op het moment dat je daarmee start... en eerlijk is eerlijk, dat was ik op dat moment niet. 
Er werd geopperd om het dan nog maar even uit te stellen, maar mijn hulpverleners hier en ikzelf waren van mening, dat die onzekerheidsfactor (wanneer gaat het beginnen, mag ik nou wel of niet beginnen) juist bijdroeg aan het feit dat ik even niet zo stabiel was. En dus werd er een compromis gesloten: ik zou eind oktober nog even gebeld worden om te kijken hoe het met me ging en dan zou de definitieve beslissing vallen of ik wel of niet een week later in dat team overleg besproken zou worden (althans, zo heeft zich dat in mijn hoofd opgeslagen).... 

Het gevolg was dat, hoewel ik inmiddels ietsje meer sliep (dankzij heel veel medicatie) de stress alleen maar toenam. Het MOEST namelijk goed gaan... tja en wat gebeurt er als je niet aan een witte olifant mag denken? Juist ja... dit was mijn witte olifant zullen we maar zeggen. 

Uiteindelijk kreeg ik eind oktober dus te horen dat ik begin november (volgens planning) in het MDO besproken zou gaan worden. En ik stuiterde als een volleerd stuiterbal door de kamer! Zó blij, zo gelukkig! 

Vijf minuten later belde mijn hulpverlener om te zeggen dat er NU (zes weken na aanvraag) een crisisplek beschikbaar was en ik landde even heel hard terug op aarde... wat moest ik nou doen? Aan de ene kant ging het al een stuk beter dan toen we de opname aanvroegen, maar de komende week zou nóg spannender worden dan de afgelopen week (en die was al erg spannend), want mijn leven lag letterlijk in de handen van dat MDO en ik vond de afgelopen weken al zo stressvol.

Uiteindelijk besloot ik (in overleg) dat het verstandig was om hier wel gebruik van te maken, omdat we allemaal wel konden voorspellen dat ik de komende week behoorlijk in de stress zou raken en het goed was als ik even extra in de gaten gehouden zou worden. En dus vertrok ik naar de kliniek. (Maar daar schrijf ik nog wel minstens één ander blogje over). Een week later zou ik dan gebeld worden na afloop van het MDO om me de uitslag te vertellen. 

Die dag ging ik zo ongeveer dood van de spanning, maar om iets voor vijf uur kwam dan het verlossende telefoontje: ik mocht gaan starten met mijn hormoon behandeling en zou een afspraak krijgen bij de endocrinoloog (=hormoondokter). 

Dit was het nieuws waar ik zó lang naartoe geleefd had, waar ik zó lang op had gewacht en waar ik zó vreselijk aan toe was. Maar ik voelde helemaal niks. Ik wist dat ik blij was, maar ik kon het niet voelen, het kwam niet binnen. En daar werd ik dan weer verdrietig van. En op dat moment was er niemand met wie ik dat (face to face) kon delen, omdat ik op een afdeling zat waar er amper personeel was dat de moeite nam om zich ook maar voor te stellen. 

De volgende ochtend viel er een ‘u heeft een nieuwe afspraak’ mail in mijn digitale brievenbus, waarop stond dat ik begin december op een onmogelijk tijdstip in Amsterdam moest zijn, voor een afspraak met de endocrinoloog. Wow! Dat was een stuk sneller dan ze hadden gezegd! 

En dat was het moment dat het binnenkwam: ik mocht eindelijk gaan beginnen en ik stuiterde helemaal happy het creatieve therapie lokaal uit..... (en een halve week later de kliniek... maar dat terzijde) 

De achtbaanrit van de afgelopen maanden kwam langzaam tot een einde. Maar in plaats van uit te stappen, bleef ik in mijn karretje zitten. Ik was nu voorbereid op wat er ging komen en had er zin in. 

Langzaam begeeft mijn karretje zich schakel voor schakel met het bijbehorende geratel weer naar de top van die eerste achtbaanhelling om daar weer losgelaten te worden voor de volgende rit...... 

Laat maar komen, ik ben er helemaal klaar voor!
foto: internet

22 oktober 2022

Oriëntatie in tijd, plaats en persoon…… in tact!

Terwijl ik luisterend naar 100%NL m’n lunch (salade) sta te bereiden in de keuken, hoor ik de radio dame zeggen dat het ook een beetje MIJN zondag is…. 
Ik hou op met snijden en kijk naar m’n radio alsof het ding me een antwoord gaat geven. Huh? Zondag? Zei ze nou dat het zondag is? En mijn radio geeft inderdaad antwoord en herhaalt nog maar eens dat het huidige nummer van Bløf zo’n fijne zondag vibe afgeeft… 

Mijn hele hoofd en lijf schieten in paniek….. 

Ik laat het mes uit m’n handen vallen, droog gauw m’n handen af om op m’n horloge te duwen, op zoek naar de huidige dag en datum. En nee, dat is geen verward gedrag, ik heb een horloge die me dat (en eigenlijk gewoon alles wat je maar wil weten) kan vertellen. 

Nu moet je weten dat ik iets heb wat men in de wereld van de psychiatrie ook wel een ‘dissociatieve stoornis’ noemt. Tijd kwijt zijn is voor mij dus geen onbekend verschijnsel. En tijd kan (voor mij in dit geval) variëren van minuten tot weken en zelfs langer. Op momenten dat dat gebeurt, of me overkomt, dan heb ik zelf nauwelijks tot geen herinneringen aan de tijd die daar tussen zit. Ik zet hier nadrukkelijk ‘zelf’ bij, omdat de stemmen in mijn hoofd meestal wel kunnen verklaren hoe, wat en waar (en soms zelfs waarom). 

De mededeling van de radio dame dat het zondag is zorgde dan ook voor volledige paniek, want hé, waar is de zaterdag dan gebleven? Wat nu weer? Wat heb ik gedaan? Waar ben ik geweest? Met wie is er contact gezocht? Moet er sorry gezegd worden tegen iemand voor ‘mijn’ woorden of daden? 

Zomaar een kleine greep uit de vele vragen die door dat ene zinnetje door mijn kop schieten, nog los van de gevoelens van angst die daarbij horen…. 

Het nummer begint, mijn horloge zegt dat het gewoon zaterdag is (en ook dat ik nog niet vergeten ben om de klok te verzetten) en ineens is daar weer de stem van de radio dame: ‘oh, ik zeg zondag, maar het is natuurlijk zaterdag…..’ 

Iets met foutje, bedankt! 
Maar gelukkig voor mij ben ik (dit keer) niet ‘verward’ en zijn mijn oriëntatie in tijd, plaats en persoon gewoon in tact…. 

Het liedje gaat verder, maar het blijft onrustig in mijn hoofd en lijf.

foto: internet


22 september 2022

Je kunt zeker weten dat je iets heel graag wil…En tegelijkertijd doodsbang zijn.

Ik ben al een tijdje stil hier en dat is niet omdat er niets gebeurt in mijn leven, integendeel: er gebeurt heel veel, voornamelijk in mijn hoofd. Maar om die dingen te delen vind ik nogal een dingetje. Ten eerste is het een onderwerp (genderdysforie/transitie) waar veel mensen al bij beginnen te zuchten zonder dat ze eigenlijk snappen waar het over gaat, ten tweede is het ontzettend persoonlijk en ten derde ben ik ook een beetje bang dat ik mijn eigen ruiten in gooi. En dat is wel het laatste wat ik wil. 

Maar schrijven is mijn uitlaatklep en het zorgt ervoor dat m’n hoofd iets minder overvol raakt. En door de angst om mijn ruiten in te gooien merk ik dat door het niet van me afschrijven de ramen zo ongeveer uit hun sponningen springen van de stress en dat is ook niet zo gezond…. 
Dus…. Daar gaan we dan. 

Mijn (huidige) gendertraject dus. Hoewel ik daar volgens mij nog niet echt specifiek iets over geschreven heb, loopt het alweer een tijdje. 

Als je me echt zou kennen, dan zou je weten dat ik bij de genderpoli binnen kwam (dit keer) met twee wensen. Namelijk: haal die (voor mij) nutteloze en afschuwelijke borsten eraf en de vraag om testosteron te gaan proberen in de hoop dat ik me dan wat meer ik zou kunnen gaan voelen. 

In het eerste gesprek werd me al gevraagd welke van die twee er op nummer één stond. Daar kon en wilde ik niet echt een antwoord op geven, want ik wil het allebei en het liefst gisteren nog. 

In het derde gesprek kwam de vraag terug. Ik moest een keuze gaan maken. Niet omdat het een het ander uitsluit, maar omdat het als het ware twee verschillende routes zijn. 

Simpel en kort door de bocht uitgelegd: Als je voor de hormoonroute kiest, dan moet je eerst zes maanden aan de testosteron zijn voor de operatie route op kan gaan starten. 

Start je met de operatie route, dan moet je lijf eerst voldoende hersteld zijn voor je aan de hormoonroute kunt beginnen. 

Waarom dat is? Ik kan me het antwoord van de psychologen niet meer precies herinneren, maar in mijn hoofd komt het erop neer, dat wat je ook kiest, een enorme impact op je hoofd en lijf heeft en dat als je dat tegelijk zou doen, het gewoon teveel wordt. 
Of dat de werkelijke reden is weet ik dus niet, maar het is een verklaring waar ik zelf vrede mee kan hebben. 

Er was voor mij echter een ietwat klein, doch immens groot addertje onder het gras. Want waar mijn hart neigt naar de operatie route op nummer één (dat wil ik namelijk al vanaf mijn puberteit), zit daar een (maximale) BMI eis aan vast, waar ik op dit moment (en misschien wel nooit) aan kan voldoen. 

Zou ik voor die route kiezen, dan zou ik (in mijn ogen) dus kiezen voor iets waarvan ik niet weet of en wanneer het zou gaan komen en in die tussentijd zou er niks veranderen en zou ik me net zo kut blijven voelen als ik me nu al voel. Misschien zelfs nog wel een tikkeltje erger, omdat die eis voor mij voelt als een uitzichtloze, niet overheen te komen horde. 

En dus besloot ik dat ik voor de hormoonroute zou gaan. Daar is die eis er niet en als het team groen licht zou geven, dan had ik zeker nog (minstens) zes maanden de tijd om aan die fucking BMI eis te werken. En tegelijkertijd zou ik hopelijk wel al iets van veranderingen gaan merken en voelen van de testosteron. Ik hoop dat dat maakt dat het wachten op de operatie dan wat draaglijker wordt, omdat er in ieder geval IETS in mijn lijf gebeurt. 

Dus dat werd mijn keuze, de hormoonroute zou mijn voorlopige behandelplan worden. En daar sta ik ook 100% achter, ik weet waarom ik dit kies. 

Nu mijn keuze duidelijk is, kan mijn keuze in het team besproken gaan worden en bij ‘groen licht’ (wat er waarschijnlijk dan wel dus is, anders wordt het niet ingebracht), kan het behandelplan gaan starten. Prima. Duidelijk. Ik houd van duidelijk. 

In het vorige gesprek gingen we wat dieper in op de (bij)werkingen van de testosteron. Ik heb er zelf veel over opgezocht en gelezen. Ik weet wat er in theorie kan gaan gebeuren, maar ik weet ook dat je in de praktijk geen flauw idee hebt hoe het voor jou als individu gaat uitpakken. Ieder mens is nou eenmaal anders, reageert anders, heeft andere genen enz. 
Dus waar de een bijvoorbeeld kaal wordt, is dat bij een ander geen issue. En zo kan het dus alle kanten op. 

Ik ken het lijstje, ik heb het gelezen, ik heb dingen opgezocht, mijn gedachten erover laten gaan. En van sommige dingen word ik super blij (bijvoorbeeld een lagere stem) maar van andere dingen (zoals bijvoorbeeld dat kaal worden) daar ben ik (op dit moment) niet zo happig op. En weer andere dingen houden me gewoon niet zo bezig (bijvoorbeeld een dunner wordende en drogere vagina slijmwand)…, tja, het is wat het is. 

En zo werden al die (bij)werkingen afgegaan en werd er steeds gevraagd wat ik ervan vond. Of ik er naar uitkeek of juist er tegenop zag. En ik merkte dat ik dat heel ingewikkelde vragen vond waar ik eigenlijk geen antwoorden op had. 

Het is niet zo dat ik er niet over nagedacht heb, integendeel, ik heb de neiging om alles te overdenken. Maar als niets met zekerheid te zeggen is, hoe moet ik dan weten wat ik daar over denk of voel? En hoe kan ik nu, op dit moment terwijl het nog geen realiteit is, en ik ook niet weet of het ooit een realiteit gaat worden, nou zeggen hoe ik me daarbij voel? Ik heb inmiddels wel geleerd dat je pas een (gefundeerde) mening over iets kan hebben als je écht (uit ervaring) weet waar je het over hebt. 

Dus sorry, ik weet het even allemaal niet. 
Het voelt op dit moment een beetje als glazen bol kijken. Ik weet het nu niet en ik zie het wel als het zover is. Maar tegelijkertijd weet ik op de een of andere onverklaarbare manier wel héél zeker, dat al die wel of niet te gebeuren dingen me niet ongelukkiger kunnen maken dan ik nu op dit moment met mijn lijf ben. 

Ik merk dat ik sinds dat laatste gesprek een beetje (veel) in de war ben. Ik sta achter mijn keuze, ik ben zeker van mijn zaak, maar doordat ik geen concrete antwoorden kon geven op die vragen (behalve wat ik hierboven net schreef) begin ik ineens te ‘twijfelen’. Als ik die antwoorden allemaal niet weet, ben ik dan wel echt zeker van m’n zaak? Is dit dan echt wel wat ik wil? Of hou ik mezelf voor de gek? 

En mijn hart weet dat dat niet zo is, ik hou mezelf niet voor de gek, maar mijn hoofd maakt me helemaal gek met die gedachten, onzekerheden, vragen en twijfels! 

Ik weet inmiddels dat ik in november in het team besproken ga worden. En ik ben doodsbang dat als ik het bovenstaande hardop zou zeggen of zoals nu hier neer schrijf, dat er dan een kink in de kabel komt en ze zeggen: ‘oh wacht even, Mick is toch niet zo zeker van zijn/diens zaak, misschien moeten we het uitstellen’. 

En zeker als ik er ook nog aan toe voeg dat ik van en door die twijfels, gedachten, gevoelens in combinatie met niet slapen en de Daily Shit as usual in mijn leven, (bijna) onderuit ga… Vooral ook omdat ik mijn uitlaatklep (van me afschrijven) in deze mis. 

De angst om me uit te spreken hierover en daarmee mijn ruiten in te gooien (in de vorm van vertraging omdat ik nu misschien even niet zo stabiel ben), zorgt voor nog meer stress en druk op de ketel. En dat maakt de cirkel rond. En ik wil dat die cirkel niet nog verder naar beneden beweegt. 

Ja, mijn hoofd weet even niet de antwoorden en daardoor word ik onzeker. 
Ja, daardoor gaat het even niet zo lekker met me. 
Maar nee, het verandert niks aan mijn keuze en hoe ik erin sta. Ik sta nog steeds 99,9% achter m’n keuze, die 0.1% is stress over het onbekende. Want onbekend is onduidelijk en onduidelijk en ik zijn geen vriendjes en gaan dat ook nooit worden. 

Want weet je? 
Je kunt zeker weten dat je iets héél graag wil en tegelijkertijd doodsbang zijn. 

En daar is niks mis mee.