Posts tonen met het label dissociatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dissociatie. Alle posts tonen

4 september 2026

Lezen met een hoofd vol stemmen.... oftewel: een verhaal over de helende en verbindende kracht van boeken lezen

Een tijdje geleden viel er een envelop van de gemeente in de bus. Vol goede moed maakten we deze open en er zat een brief in met de mededeling dat we, aangezien we qua inkomen bij de minima horen, gebruik mochten maken van een gratis bibliotheek abonnement. 

Nu ben ik zelf een fan van audio boeken, omdat ik dan een aantal dingen kan combineren. Zo ben ik dol op borduren terwijl ik lees, puzzelen terwijl ik lees, en zelfs het huishouden wordt draaglijker terwijl ik lees. Heel soms lukt het me ook om (heel langzaam, want weinig concentratie) een e-book te lezen, maar een 'echt' ouderwets papieren boek, dat lukt me maar heel zelden. 

Maar goed, iets met een gegeven paard en een bek en daar niet in mogen kijken of zo. En dus ging ik op weg naar de bibliotheek om zo'n abonnement af te sluiten. 

Ik kwam tot de conclusie dat ik echt al een eeuwigheid niet meer in de bibliotheek geweest was, een plek waar ik vroeger heel graag kwam. Ik denk dat het zeker al 20 jaar geleden is, dat ik er (anders dan voor koffie of de wc) binnen ben gestapt. In die tijd is er dus veel veranderd. Er zijn vooral een hoop minder (papieren) boeken (voor mijn gevoel).

Ik kreeg een pasje, ik kreeg uitleg en ik ging op pad om wat boeken uit te zoeken. Al snel kwam ik er achter dat er dan misschien wel minder boeken waren, maar dat het er nog steeds meer dan genoeg waren om compleet overprikkeld te raken. Maar uiteindelijk kwam ik thuis met 4 papieren boeken (gekozen door Jongste Puber) en ik had ook nog 2 e-books geleend (uitgekozen door Oudste Puber).

De beide heren in mijn hoofd houden niet van lezen, tenminste dat dacht ik....
Eenmaal thuis, wist ik niet goed wat me overkwam: er brak een soort strijd los wie van hen er als eerste mocht gaan lezen. Zoals meestal 'won' Jongste Puber deze strijd, gewoon omdat hij vaak 'het sterkst is' en beter is in mij overnemen en alle anderen in mijn hoofd naar de achtergrond dringen. En dus begon hij (met mij op de achtergrond, maar wel een soort van aanwezig) aan zijn eerste zelf uitgekozen boek. Hij las maar liefst 197 pagina's achter elkaar en toen moest hij stoppen omdat er niet genoeg licht meer was en we toch ook nog iets moesten eten die dag. 
De dag erna, las hij het boek uit. Hij was helemaal enthousiast! Het liefst wilde hij meteen door met zijn volgende boek, maar het lukte om daar een 'stokje voor te steken', zodat Oudste Puber ook weer eens de kans kreeg om iets te doen. In dit geval dus zijn boek lezen. 

Oudste Puber had een wat moeilijker boek, dus dat ging minder snel dan dat van Jongste Puber en dus ontstond er al gauw weer een soort van strijd: schiet nou op, ik ben, heb je het nou nog niet uit? enz.
Oudste Puber wordt daar (heel terecht) opstandig van en gaat dan extra langzaam doen, maar uiteindelijk 'wint' Jongste Puber het dan toch, want dan neemt hij de boel gewoon weer over en doet waar hij zin in heeft: zijn boek gaan lezen. En zo waren Jongste en Oudste Puber beiden in een ander boek bezig.

Maar of dat nog niet genoeg was, was ik zelf ook nog in een audio boek bezig en voor de momenten dat ik niet kan luisteren heb ik ook nog een (ander) e-book waar ik mee bezig ben én er ligt ook nog (weer een ander) papieren boek naast mijn bed, waar ik ook af en toe in lees. 
Kortom: mijn brein moest vijf verschillende verhalen uit elkaar zien te houden, naast alles wat er normaal gesproken in het dagelijks leven al op mijn brein afkomt. Het gevolg: ik was hartstikke overprikkeld en knal kapot! Dit was géén goed idee!

En dus bedachten de volwassen stemmen en ik tijdens het (stemmen) spreekuur een nieuw, aangepaste strategie voor het lezen. Bij het volgende bezoek aan de bibliotheek, mochten allebei de heren één boek kiezen, ik mocht er zoveel ik wou (niet eerlijk!!! jammer dan) en er zou één boek tegelijk gelezen worden. Dus als ik in een boek bezig was, dan moesten zij maar wachten, was Oudste Puber bezig, dan kreeg hij alle tijd en hetzelfde voor Jongste Puber. Zou Jongste Puber zich daar niet aan houden, dan zou daar de bekende Jongste Puber sanctie op volgen: zakgeld inleveren of minder/geen gametijd. De volgorde wie mocht beginnen met lezen zou bepaald worden door een dobbelsteen. Ik was benieuwd, maar ja, je moet toch iets proberen!

Vol goede moed vertrok ik dan ook naar de bieb om de boeken (gelezen en wel) in te leveren en waagde me aan de klus om nieuwe boeken te zoeken. Na een uurtje op de ipad boektitels verzamelen, verscheen er een heus lijstje met boeken die we/ze zouden willen lezen. Ik nam er twee voor mezelf mee (en een kookboek, maar dat telt niet) En de beide heren kozen ieder voor een boek dat ze eigenlijk allebei wel graag wilden lezen. Ik was benieuwd....

Eenmaal thuis begon het gekibbel opnieuw: wie leest welk boek. En op het moment dat ik de dobbelsteen tevoorschijn wilde halen, besloten ze dat ze samen zouden gaan lezen. Ze begonnen vol goede moed met het boek 'Harde Handen', van Carry Slee. En dat boek is blijkbaar een schot in de roos, want ze lezen echt samen en zijn momenteel heel lief voor elkaar. Vraag me niet precies hoe het werkt, want ik kan het niet uitleggen, net zo goed als ik ook niet kan uitleggen hoe ik ademhaal, maar blijkbaar kan het en functioneert het prima. 

Ze hebben gisteren de hele namiddag samen zitten lezen en ik heb ze echt uit het boek moeten rukken om eten te kunnen maken en dat ook (zonder boek) op te kunnen eten, om na het eten meteen weer terug te duiken in hun boek. 

Dit boek gaat over een meisje dat thuis mishandeld wordt. Dat het boek hen dus aanspreekt snap ik dan ook wel, ze vinden er veel herkenning in. Zij zijn immers 'ontstaan' in dezelfde omstandigheden en hebben veel van de dingen die mij werden aangedaan (voor mij) opgevangen. 
Het boek raakt hen en ze lezen niet alleen samen, ze troosten elkaar en voeren ook gesprekken erover. Over hoe het met het meisje gaat, maar ook herinneringen over hoe het vroeger bij mij thuis was en hoe het voor mij en voor hen was. 

Blijkbaar hebben ze niet de noodzaak om deze gesprekken van mij af te schermen, dus ik ben zelf ook aanwezig als ze met elkaar praten en ik hoor dus waar het over gaat en dat vind ik best moeilijk, maar ook best leerzaam. 

Hoewel zij vroeger allebei aanwezig waren, hebben ze toch allebei andere situaties voor mij opgevangen en hebben ze soms verschillende herinneringen over dezelfde situaties. Soms herinnert de een zich iets wel en de ander helemaal niet. En ik hoor ook een hele hoop dingen die ik, als Mick, me helemaal niet kan herinneren, terwijl ik 99,9% zeker ben dat ze echt wel (zo) gebeurd zijn. 

De conclusie is denk ik, dat er nog veel meer gebeurd is vroeger dan (M)i(c)k me kan herinneren en dat het misschien maar goed ook is dat ik me dat niet allemaal kan herinneren. 

Ze hebben dit boek bijna uit en heel eerlijk, ik hoop dat alle andere boeken ook op deze manier gelezen gaan worden. De inhoud (en bijbehorende herinneringen) geven dan misschien wel een hoop onrust in mijn hoofd, maar ze zo samen serieus bezig 'zien' en dat ze zo lief voor elkaar zijn, daar kan ik wel aan wennen. 


gemaakt met ChatGPT


15 juli 2026

Je hebt van die dagen..... oftewel een minder leuke dag in het hoofd van deze stemmenhoorder.

Vandaag is een ultieme ROTdag. En eigenlijk bedoel ik een ander drie letterige krachtterm, maar om nóg meer drama in mijn hoofd te voorkomen, hou ik het even op 'rot'.

Vandaag is zo'n dag waarvan ik liever niet hardop toe geef dat ik dit soort dagen nog wel eens heb. Het gaat immers goed met me en dat betekent voor de meeste mensen in de wereld om me heen, dat ik nergens meer last van zou moeten hebben en dat het altijd maar goed gaat, anders ben je niet 'hersteld' (voor zover je dat ooit kunt zijn, maar dat is een andere discussie) en gewoon nog 'ziek'. Maar feit is dat ik het vandaag zwaar heb. Heel Zwaar.

Hoe dat komt? Nou, dat zal ik eens vertellen, maar dat had u denk ik ook wel al verwacht....

Afgelopen nacht was het in mijn gezellige volksbuurt wijkje weer eens raak en om iets na 1u vannacht werd ik abrupt gewekt door een heuse explosie, waarvan je eigenlijk meteen weet: hier is iets flink mis. 
Ik sprong uit m'n bed (want hé trauma modus geactiveerd), zocht m'n bril en een broek en ging het balkon op om te kijken, luisteren en ruiken. 

Al gauw was duidelijk dat ik niet de enige was die wakker was geworden en ik vroeg aan een buurman op straat wat die explosie was. Hij wist het niet maar zei dat het wel leek op een gasexplosie. Op dat moment hoorde ik geschreeuw en besloot ik om zelf ook maar even naar beneden te gaan. Oké, misschien een beetje ramptoerist spelen, maar vooral ook zodat mijn hoofd het plaatje duidelijker krijgt van wat er gebeurd is, waardoor de stress en de angst wat omlaag gaan, althans, dat is altijd de hoop. Als ik weet wat er aan de hand is, kan ik het beter plaatsen en word ik doorgaans rustiger. 

Ik rook brand, dat was overduidelijk, maar het bleek geen huis te zijn (gelukkig!) maar 'gewoon' een auto. Nu gebeurt dat hier een paar keer per jaar, dus daar ben ik op zich aan gewend (voor zover je daaraan kúnt wennen) maar deze knal klonk echt niet zoals een 'normale' auto die in de fik vliegt (en ik vind het ernstig dat ik moet toegeven dat ik inmiddels weet hoe dat klinkt). 

Maar goed, ik liep een stukje verder en zag met eigen ogen wat er aan de hand was en op veilige afstand bleef ik even kijken. Terug naar binnen gaan, om rustig verder te slapen zou immers tóch geen optie zijn, want iedereen in mij was wakker, alert en op ieders eigen wijze van streek. 
Uiteindelijk kwam de brandweer en ben ik naar binnen gegaan. 

Slapen lukte niet, dus heb ik op het balkon gezeten, scrollend op m'n telefoon terwijl ik een soort van zittend buffet was voor de muggen. 

Rond een uur of vier ben ik terug in slaap gevallen, maar mijn brein stond (nog meer dan anders) op standje alert. Dus toen een van mijn gezellige flatgenoten om 4.21u bedacht dat het wel weer eens tijd was om met luid gerinkel nog wat extra glas toe te voegen aan de (door deze persoon) reeds rijkelijk van glas voorziene straat, zat ik wederom rechtop in m'n bed en werd al snel duidelijk dat slapen er niet meer in zat: Jongste Stemmetje was zo vreselijk  over de zeik en in paniek dat ik die echt niet meer rustig ging krijgen. En dus haalde ik m'n tablet tevoorschijn en luisterde een boek terwijl ik spelletjes deed.

Toen het eindelijk 7u was, mocht ik van mezelf mijn bed uit en deed ik mijn best om de dag op te starten. Maar Jongste Stemmetje was nog steeds compleet over de zeik en er was geen land met haar te bezeilen. Jongste Puber was vooral boos omdat hij normaal niet van mij op straat mag gaan kijken als er iets gebeurt, maar zelf deed ik dat dus wel en dat is niet eerlijk. En daar had hij gelijk in, dat is in zijn ogen ook niet eerlijk. Ikzelf, die ook lichtelijk geïrriteerd was door het gebrek aan slaap, teveel adrenaline en zoveel intern gezeik op de vroege ochtend probeerde hem nog duidelijk te maken dat hij eigenlijk niet moest zeuren (ook met die woorden, niet handig dat geef ik toe) omdat hij het nu wél van dichterbij had kunnen zien. Maar hij besloot dat hij BOOS was en dat vooral ook ging blijven. En ook hij werd al gauw onmogelijk en de combinatie van deze twee is als olie op het vuur gooien, om maar bij het brand thema te blijven, het werd er dus niet gezelliger of rustiger op. 
Hoe langer dit duurde, hoe geïrriteerder en bozer ook Oudste Puber werd en mijn energie was vóór 9u minstens voor de komende week opgebruikt.

En dan volgt er dus een moeilijke dag waarin ik echt niet meer weet hoe ik het op kan lossen.
Waarin ik mijn hoofd weer tegen de muur wil slaan om rust te krijgen.
Een dag waarop ik absoluut niet de de controle heb en compleet wanhopig ben en de stemmen de overhand hebben.
Waar het minste of geringste om me heen mijn overprikkelde brein me in huilen uit doet barsten.
Waar ik me nergens op kan concentreren.
Waar ik op de bank hang en voor me uitstaar, omdat meer dan hangen en staren niet mogelijk meer is. 
Waar ik niks leuk vind.
Waar geluid en licht pijn doen aan mijn hersenen. 
Waar ik continu sirenes hoor, maar niet weet of dat in of buiten mijn hoofd is en ik dat niet gecheckt krijg.
Waar alles, maar dan ook alles me de stuipen op het lijf jaagt (geluid, licht, geur, gevoel).
Maar rustig worden of slapen nog steeds niet lukt.

Een 'ziekenhuis' afspraak hebben (waar je lang op hebt moeten wachten dus die je niet wil afzeggen) waar je met een onbekende man in het donker moet zitten, terwijl hij (ook na drie keer corrigeren) maar het lokale dialect tegen je blijft wauwelen, wat je normaal prima verstaat, maar nu als Swahili in je oren klinkt. Je geen idee hebt wat hij met je gaat doen en hij dat ook niet echt vertelt (of misschien wel?) waardoor de angst nog verder stijgt, je koppijn krijgt en hij vervolgens 8x met een flits in je ogen flitst waardoor je denkt dat je hersenen open splijten. 

Ondertussen kreeg ik nog meer koppijn en moest ik alle zeilen bij zetten en vechten tegen het wegraken, omdat ik aan alle kanten zwaar overprikkeld was. Maar niemand die dat aan de buitenkant ziet en ik die niet meer in staat ben om nog iets te zeggen en dus ging ik door (het is niet dat ik echt een keuze had).

Met bonkend en zwaar jankend hoofd naar huis slenteren, je vergissen in het portaal, vervolgens in verdieping, maar toch je woning bereiken en daar letterlijk in de gang instorten en op de grond blijven liggen. Na een tijdje op handen en knieën naar m'n slaapkamer gekropen, daar mijn  Knuffel Nijlpaard van het bed getrokken en met hem in de kleerkast gekropen, wat (ook na 45 jaar) nog steeds mijn veilige plek blijkt te zijn, waar ik wacht tot er iets gebeurt zodat ik deze dag kan afronden. 

Dat gebeurde, ik viel een uurtje in slaap. Niet dat het nu veel rustiger is in mijn hoofd. De kids zijn nog steeds van streek en dat zal ook nog wel een tijdje duren, maar de hoofdpijn is iets minder waardoor ik weer een beetje (zelf) kan nadenken.

Dus tja.... Zo'n dag dus.
Ze zijn er nog steeds, al is het steeds minder en weet ik heel goed dat ze ook weer over gaan.
Maar dat maakt het niet makkelijker of aangenamer.

Morgen nieuwe ronde, nieuwe kansen.
Fingers crossed dat het vannacht rustig blijft, want ik weet momenteel écht niet of ik nóg zo'n dag aan kan.


foto: gemaakt met ChatGPT


9 juli 2026

Let’s talk about…. Ja, wat eigenlijk? Oftewel in transitie met een hoofd vol stemmen.

Ik heb lang nagedacht of ik dit blogje wil schrijven of niet. Of nou ja, niet zozeer schrijven, want dat wil ik zeker, maar of ik het ook met de wereld wil delen aangezien het over iets heel erg persoonlijk gaat, namelijk seksualiteit. Dus als je dat niet wilt weten, dan is dit het moment om weg te klikken.    

Als je me echt zou kennen, dan zou je weten dat ik stemmen hoor, en in transitie ben. En dat is best een interessante, maar soms ook een ingewikkelde combinatie. Vandaag wil ik jullie een kijkje geven, in de complexiteit van het hebben van verschillende leeftijdscategorieën in je hoofd en een van de (bij) werkingen van de testosteron. 

Een van de dingen die (in ieder geval bij mij) het meest is veranderd sinds het begin van de testosteron, is het feit dat ik ineens een libido kreeg. Ik hoor het mezelf nog zeggen tijdens het gesprek met de psycholoog waarin ze je voorbereiden op wat er allemaal zou kunnen gaan gebeuren als je aan de hormonen gaat en wat je daarvan vindt: “oh, dat libido daar maak ik me niet zo'n zorgen om. Ik ben namelijk zo aseksueel als de pest.” 
Maar goed, ongeveer een week na de start van de hormonen moest ik erg lachen om die opmerking van mezelf.… 

Ik kreeg een libido, en als je geen partner hebt, dan zul je andere manieren moeten bedenken om daar iets mee te doen. Want dit niet doen, dat is écht geen optie met de testosteron die door je lijf giert. En dus werd solo seks, oftewel masturberen, een vrij regelmatige bezigheid hier in huis. 

Ik heb twee pubers in mijn hoofd, Jongste Puber van 12 (maar emotioneel veel jonger) en Oudste Puber van 16 (ook emotioneel veel jonger) die mij beiden over kunnen nemen en zelfstandig kunnen functioneren. (Sommige mensen noemen dit alters, of persoonlijkheden). 

Beide heren moesten voorafgaand aan de transitie in het algemeen en de testosteron in het bijzonder helemaal niks hebben van alles wat ook maar een beetje naar romantiek of seks neigde. Als er op tv gezoend werd, dan begonnen de heren in mijn hoofd te giechelen als pubermeisje en kots geluiden te maken. Ze vonden het echt helemaal niks. 

Maar toen de hormonen hun werk gingen doen, veranderde de zestienjarige in een echte puber. Ineens veranderde IEWWW BAH in heel veel nieuwsgierigheid. Hij kreeg interesse in porno, en ging zelf uitproberen wat er nou zo bijzonder of lekker was aan masturberen. 

De twaalfjarige, had niet zo goed door wat er allemaal gebeurde, maar wilde niet onderdoen voor Oudste Puber en sprak heel stoer met hem mee over dingen die hij eigenlijk niet begreep. Oudste Puber was nieuwsgierig en ging op onderzoek uit en dat is schijnbaar heel erg gezond en normaal. Maar hoe normaal seks, masturberen en alles daaromheen ook is, of zou moeten zijn, het beestje bij de naam noemen is tot op heden een groot probleem. 

Beide heren (en dus met name Oudste Puber) ontwikkelden hun eigen taal. Zo heet masturberen ‘spareribs doen’, een orgasme ‘spareribs hebben/krijgen’, geil zijn heet ‘lekkere kriebels hebben’ en lichamelijk opgewonden zijn heet ‘nat en plak’* en in die bewoordingen, wordt er in mijn hoofd en met de beide Woonbegeleiders af en toe (of wat regelmatiger) over gecommuniceerd. 

In het begin was met name Oudste Puber erg in de war van alles wat er wel niet gebeurde in en aan ons lijf. Maar inmiddels heeft hij z’n draai gevonden en lijkt hij het wat beter te snappen. Meestal dan, want net op het moment dat je denkt, hij begrijpt het, volgt er de volgende dag een vraag of opmerking dat je denkt misschien toch niet helemaal. 

Maar dan is er ook nog Jongste Puber. Ook hij is nieuwsgierig, maar niet zozeer naar seks, maar meer naar wat Oudste Puber (en ik zelf) uitspoken. Al gauw werd duidelijk, dat ook hij last heeft van de hormonen, maar op een heel andere manier dan Oudste Puber en ik. 

Jongste Puber heeft af en toe naar eigen zeggen ‘een lekker gevoel in zijn buik’. Als we hem vragen waar zit dat lekkere gevoel dan, dan wijst hij op een plekje boven onze navel. Terwijl als we diezelfde vraag aan Oudste Puber zouden stellen, dan wijst die onmiddellijk naar ons kruis. 

Jongste Puber heeft per ongeluk ontdekt, dat als hij dat lekkere gevoel in zijn buik heeft en hij gaat liggen ‘wiebelen’, dat dat heel lekker aanvoelt en dat zijn buik op een gegeven moment dan op een heel fijne manier ontploft. Ook hier is op zich niks vreemds aan, want ook hele jonge kinderen masturberen zonder dat ze weten dat dit masturberen is, gewoon omdat het een lekker gevoel geeft los van het seksuele. En dit is waarschijnlijk (denk ik) ook bij Jongste Puber het geval. 

Waar Oudste Puber, wel degelijk nat wordt (want hé we hebben biologisch gezien een vrouwenlijf), wordt Jongste Puber dit helemaal niet, zelfs niet als ‘zijn buik ontploft’ (wat dus eigenlijk een orgasme is). Dit vond ik op zich best raar, omdat artsen altijd tegen mij zeiden ‘ jullie hebben één lijf, dus dat reageert gewoon op alles hetzelfde’. Maar die opmerking, die losstaat van deze situatie overigens, bracht mij heel erg aan het twijfelen. Want als dat zo is, zou het lijf van Jongste Puber tijdens het wiebelen toch hetzelfde moeten reageren als dat van Oudste Puber of mijzelf tijdens het masturberen? 

We legden die vraag voor aan de psychologen van de Genderpoli van het Vumc en zij legden die vraag weer voor aan een zogenaamde deskundige op het gebied van DIS** 
Het kwam er op neer dat ons gedeelde lijf wel degelijk op verschillende manieren kon reageren en dat in dit geval de ontwikkelingsfase van Jongste Puber een rol speelde en hij nog niet zover was dat hij/zijn brein/lijf echt gericht was op seksualiteit. Met andere woorden, hij wiebelt erop los omdat het lekker voelt, maar dat heeft bij hem geen enkele seksuele lading/betekenis. 

We hebben besloten om hem niet al te veel te vertellen over wat hij doet en wat hij voelt , maar ‘gewoon’ te reageren op wat hij vraagt. Aansluiten bij waar hij is. 

Afgelopen week kwam er ineens een vraag van Jongste Puber naar Woonbegeleidster. Hij wilde graag weten wat er in zijn buik zat dat kon ontploffen en waarom zijn hoofd dan rustig werd. Woonbegeleidster antwoordde hem: “Het voelt alsof er iets ontploft, maar er ontploft niets. Het zijn hormonen die dat gevoel geven en die hormonen zorgen er ook voor dat je hoofd rustiger wordt.” 

Voor Jongste Puber was dat op dat moment op zich duidelijk genoeg, maar ik merkte dat hij er toch nog erg mee bezig was. En dus besloot ik er zelf nog een stukje aan toe te voegen: Op het moment van de ontploffing in zijn buik komen er dus heel veel hormonen, kleine stofjes (of monstertjes), in zijn buik die héél hard gaan lopen feesten, waardoor hij een lekker gevoel heeft in zijn buik. Maar doordat ze zo klein zijn zijn ze heel snel uitgeput van het feesten en worden ze moe en vallen ze in slaap. Daardoor duurt dat lekkere gevoel maar kort en is hij daarna rustig/moe. 

We probeerden nog even uit of we de ‘grote mensen termen’ of de termen van Oudste Puber erin konden gooien, maar daarvoor is het klaarblijkelijk nog te vroeg. Stapje voor stapje dus, rustig aan.

Maar voorlopig zijn zijn vragen weer even beantwoord, terwijl het bij Oudste Puber juist weer een nieuwe golf van onrust en vragen oproept. Zo zie je maar weer, met een hoofd vol stemmen in transitie gaan/zijn is nóg minder saai dan dat het normaal al is. 

*hoe deze woorden zijn ontstaan is weer een verhaal apart. 

** DIS Dissociatieve Identiteits Stoornis, oftewel wat men vroeger een meervoudige persoonlijkheid noemde

***Diep respect voor mijn Woonbegeleiding die steeds opnieuw de tijd moeten/willen nemen om al hun vragen te beantwoorden, ook al hebben ze dat al 100x gedaan.


foto: gemaakt met Gemini



1 juni 2026

Grote bromweer…. Oftewel een verhaal over de schaduwkant van stemmen horen….

Heel veel jaren geleden, toen ik met grote regelmaat opgenomen werd in het (psychiatrisch) crisis centrum in de buurt, was er een verpleegkundige die me, toen ik terug kwam op de afdeling na een ‘interview’ in een comedy programma op tv, verweet dat ik altijd deed alsof stemmen horen één groot en grappig feest was. Dat bijna alle ‘serieuze’ stukjes, inclusief bijna het gehele verhaal van de (ook geïnterviewde) psychiater eruit ‘geknipt’ waren, deed haar mening over mij en mijn verhaal daar niet veranderen. Tja, misschien kwam het voor haar zo over, maar feit is dat in een comedy show, grapjes en luchtige opmerkingen een stuk ‘beter scoren’, dan alle drama en heftige dingen. Toch is die opmerking me al die tijd bij gebleven en niet altijd in positieve zin.

Ik weet dat ik (ook hier) meestal vertel over de grappige en lieve momenten met mijn stemmen. Maar dat wil niet zeggen dat de lastige, nare en ellendige momenten er niet zijn. Ik kies er alleen voor om me te focussen op de leuke momenten. Daar ga ik me zelf namelijk beter van voelen en ellende en drama is er immers al genoeg in de wereld.

Toch ga ik vandaag iets schrijven over één van de moeilijke momenten/situaties met m’n stemmen, die me tot op de dag van vandaag knettergek kunnen maken, zelfs al komt het, al die jaren, steeds opnieuw terug.

Het is namelijk weer zomer aan het worden en dat betekent periodes met zonnig, warm en benauwd weer. Nu ben ik persoonlijk meer een soort van ijsbeer type, ik hou vooral van kou en alles boven de 20° vind ik (en vooral mijn lijf) al snel te warm, maar helaas pindakaas, ik heb het niet altijd voor het zeggen. Warm, benauwd weer dus, gevolgd door de nodige onweersbuien. En dát zorgt dus iedere keer opnieuw voor de nodige onrust en drama in mijn hoofd.

Als je hier al wat langer mee leest, dan weet je dat ik diverse stemmen hoor, met allemaal verschillende leeftijden en 'ontwikkelingsniveaus'. Over het algemeen zijn we hier in Huize Mick allemaal emotioneel gezien een stuk(je) jonger dan onze kalenderleeftijd. En die verschillen kunnen nogal ingewikkeld zijn, omdat ze niet altijd overeenkomen.

Zo heb ik Jongste Stemmetje, een meisje van 6, maar emotioneel veel jonger. Jongste Puber van 12 en Oudste Puber van 16, beiden ook emotioneel een stuk jonger. En dan zijn er nog een aantal volwassen stemmen. En ik zelf natuurlijk... Soms zou ik dat bijna vergeten.

Jongste Stemmetje is doodsbang van, zoals zij het noemt: "Grote Bromweer!", door de meeste mensen ook wel gekend als 'onweer'. De flitsen zouden eventueel nog wel oké kunnen zijn, maar ze houdt écht niet van al dat harde gebrom. Hoe harder het gebrom, hoe groter de paniek. Begint het in de verte wat te rommelen, rijdt er een zware motor door de straat of staat de wind 'verkeerd' en stijgt er op het vliegveld een zwaar vliegtuig op, bereid je dan maar voor, want gegarandeerd raakt Jongste Stemmetje in paniek.

Paniek bij Jongste Stemmetje ziet er vooral uit als héél hard en veel hysterisch huilen, ontroostbaar zijn, onhandelbaar worden (niet meer kunnen en willen luisteren of meewerken). 
En op zich is dat allemaal logisch want ze heeft niet de taal en woorden om heel goed uit te drukken hoe (of wat) ze zich voelt, maar vervelend is het wel .

De twee Pubers en ikzelf daarentegen, zijn dol op onweer en dan vooral het bliksem gedeelte. Het is een soort van gratis vuurwerkshow van Moeder Natuur en vuurwerk is nou eenmaal iets wat ik (en de twee Pubers dus ook) heel gaaf vinden! 

En hier heb je dus een situatie waarbij verschillen niet met elkaar overeenkomen en waar het knap lastig wordt en waar ik echt regelmatig worstel met een dilemma. Bescherm ik Jongste Stemmetje en doen we er alles aan om het onweer te negeren: gordijnen dicht (wat je niet ziet bestaat immers niet), muziek hard aan, tv kijken enz, en verbied ik de Pubers om naar het bliksem spektakel te kijken?

De ervaring heeft me geleerd dat het laatste, de Pubers iets verbieden, averechts werkt. Dan nemen ze het van mij over en heb ik geen enkele controle meer op hoe het met Jongste Stemmetje gaat. Pubers zijn namelijk over het algemeen best 'egocentrische wezens' en houden niet zo veel rekening met anderen als dat botst met wat zij graag op dat moment willen. Daarin verschillen mijn interne pubers niet zo veel van lijfelijke pubers, denk ik.

Dus de laatste jaren probeer ik Jongste Stemmetje zo goed mogelijk voor te bereiden op de komst van haar gehate 'Grote Bromweer'. Ik leg uit dat er onweer gaat komen, dat ze niet bang hoeft te zijn, dat ze veilig is. Maar dat helpt niet echt heel veel. En dus hebben we in de loop der tijd wat andere voorzorgsmaatregelen genomen. 
Tegenwoordig, mogen er vier knuffels verzameld worden, die bij ons komen zitten om ons te beschermen (mijn bed is niet groot genoeg voor al haar knuffels), ze draagt een zonnebril tegen de flitsen en een noise cancelling headphone tegen het brommen en in het ergste geval gaan er ook nog 'monster sokken' aan onze voeten. 

Op deze manier kunnen de Pubers en ik gewoon naar buiten blijven kijken en houden we het voor Jongste Stemmetje ook zo veilig mogelijk (wat niet wegneemt dat ze tóch heel hard gaat huilen). 

Maar hoeveel maatregelen ik ook neem. De hysterie is en blijft rete-vermoeiend. Ik word er zelf héél moe van, maar ook de Pubers krijgen er al gauw genoeg van. Slapen is namelijk nauwelijks mogelijk en daar wordt echt niemand in mij vrolijker of vriendelijker van (ook Jongste Stemmetje zelf niet). En als je dan, zoals afgelopen week een aantal dagen en nachten achter elkaar hebt met onweer, dan kom ik wel op een punt waarop ik Jongste Stemmetje (en soms ook één of meerder Pubers) uit het raam zou willen gooien. 

Soms drijft het me echt tot waanzin en voel ik me wanhopig, hoe lang ik ook al met dit bijltje hak.

Dus tja, doe ik altijd alsof stemmen horen één groot, grappig feestje is? 
Kom dan vooral eens tijdens een onweersbui of de dag erna bij me langs, dan kun je zien dat het ook voor mij écht niet altijd is wat het lijkt.

Maar als je dat gezien zou hebben, dan snap je misschien wel beter waarom ik me vooral probeer te focussen op de grappige en leuke momenten.

foto: gemaakt met ChatGPT

 

17 december 2025

De positieve kant van ziek zijn….. oftewel hoe krachten ineens succesvol gebundeld kunnen worden…

De afgelopen weken was het weer eens zo ver: ik was ziek. 
Ik ben wel vaker ‘niet lekker’, maar echt ‘ziek’, dat ben ik geloof ik niet zo heel vaak. Gelukkig maar, want ik ben er ook erg slecht in! 

Afgelopen week had ik griep, tenminste dat gok ik, want naar de huisarts gaan om vervolgens te horen dat ik ‘voldoende moet drinken’ en ‘paracetamol in moet nemen’ en ‘terugkomen als het niet over gaat of erger wordt’, vind ik persoonlijk een beetje zonde van ieders tijd, dat kan ik immers zelf ook nog wel bedenken. 

En hoewel ik dat prima ook zelf kan bedenken, is de uitvoering van die adviezen nog niet zo heel simpel hier. Ik ben nooit alleen, dus ik ben ook nooit alleen ziek. De hoofdbewoners doen ook hierin net zo goed mee als in al het andere in mijn leven. En ook hiervoor geldt dat iedereen er op zijn of haar eigen manier mee omgaat. 

De jongste telg wil vooral veel knuffelbeesten om zich heen, de oudste puber wil vooral met rust gelaten worden, de jongste puber ziet het als een prachtig moment om ‘de baas te spelen’ en zoveel mogelijk te gamen. En ikzelf? Nou…. Ik weet het zelf niet zo heel goed, want ik raak op dit soort momenten nog eens extra tijd kwijt. Meer dan normaal al het geval is dus. 

Ik denk dat dit voor een deel komt omdat iedereen dus anders met de situatie omgaat en daar tijd en ruimte voor nodig heeft, maar ook omdat ik niet op m’n best ben, me ellendig voel en dan nog minder in staat ben om me te verzetten tegen het ‘switchen’. Dat geeft de anderen dan natuurlijk een grotere en makkelijkere kans om over te nemen en hun ding te doen. 

Op zich vind ik dat allemaal niet zo erg. We hebben immers regels over het overnemen en ik weet dat er minstens één volwassene meekijkt en zich met dingen bemoeit als dat nodig is en ik het even niet kan. Ik vertrouw erop dat het systeem, dat al zó lang gevochten heeft om (soms tegen wil en dank) me in leven te houden, nu geen rare acties uit gaat voeren om al die moeite (en mij daarmee) ineens om zeep te helpen. Ik blijf erop vertrouwen dat ze alles doen vanuit hun wil (en drang) om te ‘helpen’. Maar omdat ik heel veel tijd kwijt ben en vaak niet weet wie, wanneer en hoe lang aan de macht is geweest en wat er in die tussentijd gedaan is, vind ik dat bij ziek zijn best een beetje spannend. 

In Nederland wordt er in de medische wereld best veel en vaak gestrooid met het toverwoord ‘paracetamol’. Alsof het heel onschuldige snoepjes zijn die geen enkel kwaad kunnen. Maar dat vind ik dus best wel een dingetje, want paracetamol is helemaal niet zo onschuldig. (Sterker nog, ik kreeg ooit de onbedoelde tip van een hulpverlener dat als je zeker wilde zijn dat je dood ging, (langzaam en pijnlijk, dat dan weer wel), dat je dan een overdosis paracetamol moest slikken). En sinds die verspreking ben ik best een beetje huiverig voor de combinatie van ‘switchen’ en medicatie innemen, waarbij paracetamol dus in het bijzonder. 

En dus was het een geruststellende gedachte dat ik, toen ik weer wat minder koortsig was en meer tijd zelf in mijn lijf doorbracht, ik in de keuken op m’n maaltijdplanner een overzichtje vond, met in plaats van de maaltijden van de afgelopen tijd, de tijdstippen en medicijnen die ingenomen waren. Toen ik hiernaar vroeg kreeg ik te horen dat dit samen bedacht was door de twee pubers. Op die manier konden ze allemaal los van elkaar tijd pakken, medicijnen nemen als ze dat nodig vonden, zonder dat er teveel of te snel ingenomen werd. En dat stemt me dan toch wel heel gelukkig: ze kunnen elkaar het leven heel zuur maken, maar soms werken ze ook verdomd goed samen en lijken ze gewoon bijna volwassen en verstandig. 

M’n koorts is inmiddels echt wel verdwenen, maar we zijn nog steeds niet helemaal lekker, maar langzaamaan begint er weer wat leven terug te komen. En dat vinden de heren in mijn hoofd dan ergens ook wel weer een beetje jammer, want zoveel tijd voor zichzelf….. daar hebben ze weinig problemen mee. Zelfs als ze zich niet zo lekker voelen….

bron: eigen creatie




14 mei 2025

Over Heksen, Detectives en het hebben van filters..... of juist het gebrek daaraan...

De afgelopen weken (en nog steeds eigenlijk) waren nogal intensief in mijn hoofd. Dat heeft voor behoorlijk wat 'narigheid' gezorgd, maar gelukkig zitten er soms ook wel grappige momentjes tussen. 

Ik ga proberen zo kort (voor mijn maatstaven) en zo simpel mogelijk de situatie te schetsen, zodat je een idee kunt krijgen van wat er hier gebeurt. 

Ik hoor stemmen, dat mag inmiddels bekend zijn en sommige van die stemmen kunnen het 'overnemen' en kunnen dan op een glijdende schaal zelfstandig functioneren (dus simpel gezegd: van samen aan het roer staan, tot ik die niks meer meekrijg en als het ware niet meer aanwezig ben). 

Sommige mensen noemen het 'delen' of 'alters', maar voor mij zijn dit stemmen, aangezien ik ze ken en met ze kan communiceren. Stemmen zijn (voor mij, niet voor iedereen) (onder)deel van mij. 

Er is echter ook al best een hele lange tijd een deel, waarmee ik dat niet kan, vandaar dat ik hiervoor ook het woord 'deel' gebruik en niet het woord stem. Ik hoor haar niet, ik zie haar niet, ik ken haar niet. Voor mij is zij dus geen stem, geen (onder)deel van mij en dus noem ik het een 'deel'.* 

Maar laten we haar voor het gemak even 'De Heks' noemen, dan heeft het beestje maar een naam, dat praat makkelijker. Ik hoor haar niet, maar mijn Jongste Stemmetje en Jongste Puber horen en zien haar wel. En dat is vrij lastig want De Heks heeft het echt op deze twee gemunt. Ze maakt hen doodsbang en er is, voor mijn gevoel, weinig wat ik kan doen tot nu toe, om hen tegen haar te beschermen, want tja, wat ik niet zie en hoor, daar kan ik ook niet tegen optreden. 

Ik sprak een tijd geleden met m'n oud behandelaar hierover omdat ik geen idee had hoe ik het aan moest pakken, maar de noodzaak om meer over De Heks te weten te komen wel steeds urgenter werd. 

Op dat moment was vooral Jongste Stemmetje het doelwit en zij is té jong en te bang om verbaal informatie te geven. Ze heeft er simpelweg de taal nog niet voor. We bedachten dat het dan op een creatieve manier moest, en aangezien knuffels nogal geliefd zijn bij haar, leek dat me een goed plan: situaties uitspelen met knuffels. 

Leuk bedacht, maar niet echt goed over nagedacht. Op het moment dat één van die geliefde knuffels dus de rol van De Heks zou krijgen, zou die knuffel niet meer 'veilig' zijn en dus leende ik van iemand een knuffel, die dan daarna gewoon weer weg zou kunnen. Maar zodra ik ook maar probeerde om met Jongste Stemmetje en de knuffels aan de gang te gaan, sloeg de angst al om in hysterisch huilen en dat kon ik zelf gewoon niet aan. Dit ging het dus niet worden. 

Inmiddels was ook Jongste Puber getuige van de aanwezigheid van De Heks en hij heeft wél de taalvaardigheden om me te helpen. En als er één ding is wat hij graag doet, dan is het mij blij maken, dus hij wilde maar wat graag helpen. 

Ik printte een foto uit van een heks, hing die in de kamer op, met daarnaast een aantal vragen waar ik graag een antwoord op zou willen (wie ben je, wat wil je, waarom ben je er enz). Het idee was, dat ze wellicht zelf zou gaan communiceren via papier met mij (waar ik best een hard hoofd in had, want dan had ze dat al veel eerder kunnen doen). Maar tegelijkertijd gaf ik Jongste Puber de rol van detective: aan hem de taak om zoveel mogelijk informatie te verzamelen. Als dat zou lukken, prachtig, zo niet: geen probleem, goed je best gedaan. Maar dat liep dus uit de hand. 

Ineens waren alle pijlen van De Heks op Jongste Puber gericht. En waar eerst het gedrag, de daden en woorden van Oudste Puber het onderwerp van gesprek/dreigement waren, werd dat nu dus het hele 'zijn' van Jongste Puber. 

Ze terroriseerde hem compleet en ik had dat niet door, want hé ik hoor haar niet en Jongste Puber nam zijn taak héél serieus en durfde niks tegen mij te zeggen omdat hij mijn vragen (nog) niet kon beantwoorden. 

Heel lang verhaal een beetje korter: Jongste Puber draaide door, nam het over en ik miste een aantal complete dagen uit m'n geheugen. Uiteindelijk werd hij zó moe en over z'n toeren dat hij een deel van wat er gezegd werd over Woonbegeleider uitstortte. 

Toen ik weer 'terug' was en een beetje te horen kreeg wat er gezegd en gebeurd was, voelde ik me nogal schuldig: ik heb Jongste Puber dit aangedaan, want ik heb hem die opdracht gegeven. En dus besloot ik dat het genoeg geweest was, hij had het super goed gedaan, maar hij hoefde geen detective meer te zijn. Hij mocht uitrusten. 

Ondertussen bedacht ik dat als ik De Heks zelf een beetje zou uitdagen, dat ze zich dan misschien wél tegen mij zou keren. En dus zei ik tegen Woonbegeleider: "De Heks is gewoon een laffe pussy. Tegen kleine kinderen durft ze wel, maar als ze echt ballen had, dan zou ze het wel gewoon opnemen tegen mij, maar zo laf als ze is, dat durft ze dus niet... Dus eigenlijk is ze niks meer dan een zielig hoopje sh**."

Woonbegeleider (WB), die jong en spontaan is en niet altijd beschikt over een childproof filter, riep enthousiast: "Ja, De Heks is gewoon een stoephoer."
En ik moest er om lachen, wetend dat die uitspraak niet helemaal handig was.... 

En ja hoor, die nacht vond er een gesprek plaats tussen één van de volwassen stemmen (PB) en Jongste Stemmetje (JS): 

JS: wat is stoepoer?  
PB: zeg dat maar gewoon niet. 
JS: maar WB zegde het ook dus JS wil dat ook zeggen. Wat is stoepoer? 
PB: dat is een stout woord voor als iemand niet zo lief is of doet. 
JS: dus Mick vindt **** (iemand met wie Mick een aanvaring had eerder die dag) een stoepoer? 
PB: (probeert zijn lach in te houden) Mick vindt die inderdaad nu even niet zo aardig. Zullen we dat zo zeggen, want stoute woorden mag niet hè? 
JS: nee mag niet 
-----stilte----- 
JS: waarom doet WB wel stoute stoepoer zeggen? 
PB: (moet lachen) omdat WB pas over een (paar) jaar ongeveer gaat ontdekken dat kindjes als jij net een kopieerapparaat zijn en hij dan pas een filter ontwikkelt 
JS: (begrijpt hier ongetwijfeld niks van maar denkt blijkbaar na)..... waarom? 
PB: WB was even heel stout, maar ik denk dat hij van z'n vriendin straks z'n zakgeld in moet leveren als ze dat hoort. 
JS: oh... dan kan WB niet stickers kopen (haar favoriete aankoop op het moment).
PB: nee dat denk ik ook niet. En jij ook niet meer doen want dat is ook stout (ze heeft een 'sticker koop verbod' en nee dat is echt niet zielig!). 
JS: (diepe zucht) is mijn geld mag ik zelf weten zegt Jongste Puber. 
PB: en Mick zegt nee en Mick is de baas, dus stickers kopen is stout. 
JS: (Nóg diepere zucht). Mick is soms een stoepoer. 

Nou, dan weten jullie dat ook weer! 

foto: De Heks (eigen fabricaat)


* ik sluit niet uit dat dit ooit zal gaan veranderen, ik haar wel degelijk ga horen en zien en leer kennen, en haar dan als stem zal gaan benoemen, maar zo ver zijn we voorlopig nog (lang) niet.

6 mei 2024

Bye bye boobies! Oftewel…. Eindelijk mijn topsurgery!

Vanaf het moment dat er een operatie datum bekend was, voelde het alsof mijn leven eindelijk niet meer 'on hold' stond. Tot die tijd was het steeds heel lastig om afspraken op langere termijn in te plannen, omdat er steeds gezegd werd dat de operatie datum 'ieder moment' kon komen. Nu was er een datum bekend dus konden de laatste praktische zaken geregeld worden. Je kunt namelijk nog zoveel uitzoeken, voorbereiden en regelen, je kunt het pas echt allemaal doen op het moment dat je weet wanneer het gaat plaatsvinden. 

Eén van de minder leuke dingen aan deze datum was, dat degene die in dit hele proces bijna bij elke afspraak aanwezig was geweest, uitgerekend op die dag aan haar eigen avontuur ging beginnen (lees: emigreren) en daarmee kwam er voor mij even een logistiek probleempje om de hoek kijken. Al die twee en een half jaar dachten we dat we het 'hoe kom ik na de operatie weer aan de andere kant van het land in mijn huis terecht als ik niet kan/mag rijden en niet met het ov mag' geregeld hadden, maar ja, door al dat verschuif in datum, werd dat dus weer even een onzekere factor. 

Maar Woonbegeleider is altijd een zonnetje in huis en leeft onder het motto: er zijn geen problemen, slechts nog niet gevonden oplossingen (niet zijn woorden overigens), dus moesten we op zoek naar een andere oplossing en die werd ook gevonden! Wandelmaatje zou met me mee gaan, er op de dag van de operatie bij zijn en me de volgende dag als ik weer met ontslag mocht van Amsterdam naar huis brengen (waarvoor ik haar heel dankbaar ben). 

En met het logistieke dilemma, was eigenlijk alles wel geregeld. Ik liep nog een aantal T-Rex rondjes door het huis, om te kijken welke spullen er laag/binnen korte armpjes bereik moesten komen te liggen, omdat ik na de operatie niet zou kunnen reiken. Zware boodschappen moesten alvast in huis zijn, omdat je niet mag tillen, maar eigenlijk was dat het wel qua voorbereiding.

Steeds zeiden mensen tegen me: 'spannend hè?' En steeds had ik eigenlijk hetzelfde antwoord: Nou, niet echt, ik heb er vooral heel veel zin in!
Voor veel mensen klonk dit vreemd, hoe kan je nu zin hebben in zo'n grote operatie? Maar ik denk serieus dat mijn (welgemeende) antwoord duidelijk maakte dat ik er écht aan toe was en dat ik er helemaal klaar voor was. 

Mijn operatie werd verzet van de middag naar de ochtend en dat vond ik nóg fijner, want ik kon me voorstellen dat ik op de dag zelf wel degelijk nerveus zou zijn, en dan hoefde ik niet zo lang te stressen. Maar omdat dit betekende dat ik heel vroeg in het ziekenhuis moest zijn, besloten we gebruik te maken van het Gastenverblijf naast het ziekenhuis. 

Die nacht heb ik niet echt geslapen. Niet omdat ik zenuwachtig was, of omdat ik lag te piekeren, ik kon gewoon de slaap niet vatten. Misschien was ik wel zenuwachtig, maar ik kon het niet voelen. 

Ook de ochtend van de operatie was ik (ook volgens Wandelmaatje) nog steeds verdacht rustig en had ik er zin in. We meldden ons in het ziekenhuis en werden vlak daarna opgehaald door een verpleger met humor. Dat hielp enorm, als ik al zenuwen gevoeld had, waren die door het vele lachen wel verdwenen. Hij vertelde me, na alle verplichte onderzoekjes, dat ik rond 10u opgehaald zou worden, dus dat ik nog wel even had voordat ik me in mijn prachtige blauwe operatiehemd mocht hullen. Hij gaf me een 'kalmerend pilletje' waarop ik lachend vroeg: 'eh, waar is de rest?' aangezien dit slechts 1/5 van mijn 'normale' dosis was. Dus die heb ik lekker laten liggen...

Niet heel veel later kreeg ik de mededeling dat ze me nu al kwamen halen. En op dat moment raakte ik in de stress, omdat ik ineens heel snel, me moest omkleden en dat lukte niet zo goed. Maar toen ik in mijn (veel te grote) blauwe hemd, met ziekenhuis ondergoed en prachtige, modieuze, groene ziekenhuis sokken weer in m'n bed lag, klaar om vervoerd te worden, was de rust ook weer terug. 

De rit naar de OK ga ik ook niet meer vergeten. Ik werd opgehaald door een verpleger die écht wist waar ik aan begon en die me, uit eigen ervaring, helemaal begreep toen ik zei dat ik er vooral veel zin in had. Ik wens iedere trans man die geopereerd wordt in het vumc, deze verpleger toe!

Toen ik in de 'voorruimte' aankwam, kreeg ik te horen dat ik vroeg was en dat de chirurg nog bezig was, of ik misschien iets te lezen wilde? Nou... dat is lastig, ze hebben me zonder bril deze kant opgestuurd. Ondertussen werd mijn knuffel (die bij me mocht blijven tot ik sliep) voorzien van zijn eigen pootbandje. 

De chirurg kwam langs en begon op mijn lijf te tekenen. Even waande ik me in Parijs waar het leek alsof ik een straattekenaar aan het werk zag. Terwijl hij duwde, trok, kneep en verplaatste, tekende hij al mompelend lijnen op mijn bovenlijf en voor ik het wist werd ik naar de OK gereden. Daar was het vooral heel druk....Ik maakte grapjes met de anesthesist en het laatste wat ik zei was: "Ok, ik zeg alvast doei hè?" En weg was ik.

Toen ik bij kwam liet ik iets wat blijkbaar mijn eigen arm was op mijn net geopereerde borstkas vallen en zei "yes, ze zijn écht weg" en daarna herinner ik me mijn knuffel en een raket ijsje. Ik werd weer teruggereden naar de afdeling en het eerste wat ik daar wilde was.... plassen... Ach ja, ieder zijn prioriteiten.

Wandelmaatje kwam weer langs, ik kreeg lunch! En toen Wandelmaatje er weer even vandoor ging viel ik kort in slaap. 

Ik werd wakker toen de chirurg vlak voor vijven de kamer binnenkwam lopen. Zonder dat ik het resultaat te zien kreeg, begon hij van alles te mompelen over ongelijke littekens, over kuilen en hobbels en lastig en oud en dik en al te lang aan het binden en oud en dik en oud en dik, maar dat kon over zes maanden allemaal met een revisie, bla bla bla. En weg was hij! 

Dat zijn best wel enge zinnen, als je het zelf nog niet gezien hebt én net wakker bent. Ik schrok me kapot en dacht echt dat het serieus mislukt was en raakte daar enigszins van in paniek. 

Pas na de avondpauze van de avonddienst (en mijn winst met Regenwormen!) was er tijd om samen met haar en Wandelmaatje het resultaat te bekijken. En dat vond ik dus best spannend. Wandelmaatje maakte er op mijn verzoek een filmpje van. 

Ik weet nog dat ik naar het resultaat keek en dat ik er op zich niet zoveel bijzonders bij voelde. Niet superblij of zo, ik keek en voor mij voelde dit 'gewoon'. Zo had het altijd al horen te zijn of zo en dáár werd ik wel heel blij van. Dat 'mislukt' viel nog best wel mee (vond ik dan, maar het is niet mijn vakgebied). Ja één litteken zit lager dan het andere, dat klopt, maar volgens mij was het van tevoren ook al niet geheel 'gelijk'. En ja, rechts zit meer zwelling dan links. En of dat vocht, vet of overgebleven weefsel is, dat zal over een aantal maanden blijken.  Hoe dan ook, ik was ruim een kilo lichter! 

Toch wel enigszins opgelucht over het resultaat dook ik weer mijn bed in en viel niet lang daarna in slaap. Mijn eerste tietloze nacht, hoera!

De volgende ochtend kwam er een hele horde dokters mijn kamer binnen, terwijl er nog zo in mijn dossier genoteerd was om dat niet te doen. Alles zag er blijkbaar goed uit. Mijn drains mochten eruit en dan mocht ik naar huis. Ik kreeg 'instructies' mee die absoluut niet Mick proof waren, zoals: "het mag nat worden, maar niet nat", "gaasjes verschonen mag maar hoeft niet". Tja, dat was best frustrerend, vooral ook omdat de woordvoerder van dit groepje een heel uitgebreid gesprek met mij en mijn psycholoog daar heeft gevoerd over wat ik wel en niet nodig had om de opname tot een succes te laten zijn zodat de door haar geadviseerde psychiatrische afdeling uiteindelijk geschrapt werd.... (Ze hield zich aan helemaal niks van de dingen die besproken waren! behalve die afdeling dan... dat dan weer wel.)

Ik werd verlost van mijn drains, kreeg wat pijnstillers mee voor onderweg en vervolgens verlieten Wandelmaatje en ik Amsterdam, door de storm, op weg terug naar de andere kant van het land. 


foto: uit het archief

* omdat ik (met een reden) zoveel mogelijk anoniem probeer te schrijven, kies ik ervoor om geen (op het eerste gezicht) herkenbare foto van mezelf te plaatsen. 


16 oktober 2023

Leven op de rand van een mijnenveld...oftewel: een verhaal over ptss

Als je me echt zou kennen, dan zou je weten dat ik in mijn leven best wel wat dingen heb meegemaakt. Dingen die ik beter niet had kunnen meemaken. En als je me nog beter kent, dan weet je dat ik daar in mijn huidige volwassen leven, nog steeds best wat last van heb.

Dat ik stemmen hoor die anderen (schijnbaar) niet kunnen horen, zou inmiddels echt geen geheim meer moeten zijn. En als je mijn boek gelezen hebt, of gewoon hier al langere tijd mee leest, dan zou het ook geen nieuws moeten zijn, dat die stemmen veel te maken hebben met de dingen die ik mee maakte, mijn trauma's. Maar dat is niet het enige waar ik vandaag de dag nog last van heb. 

Waar ik het niet zo vaak over heb, zijn de nachtmerries, de flashbacks en de herbelevingen. Ik heb het er niet over, niet omdat dat geheim moet blijven, maar vooral omdat het niet de leukste verhaaltjes oplevert (niet dat dat moet, maar toch, ik ben er ook niet op uit om anderen te traumatiseren met mijn schrijfsels). En zelfs als ik heel goed en hard nadenk over hoe ik zoiets inhoudelijk nou in een blog-proof jasje zou kunnen gieten, dan weet ik daar niet zo één, twee, drie een antwoord op. En dus heb ik dat nog nooit/zelden gedaan. En ook vandaag zal ik dat niet doen. 

De laatste weken/maanden heb ik extreem veel last van nachtmerries en flashbacks. Ik noem dit overigens doorgaans 'filmpjes'.  Normaal gesproken zijn ze er ook wel, maar dan is het 'redelijk hanteerbaar', dan voelt het alsof ik er op de een of andere manier een soort van controle over heb (wat een illusie is, maar toch). Iets met (letterlijk) ademhalen en doorgaan. Maar er zijn periodes waarin dat niet meer zo makkelijk gaat als dat ik het zojuist opschreef. En dit is dus zo'n periode.

Het vreemde is dat het begon met één specifieke trigger, oftewel iets wat de herinnering uitlokt. Zo'n trigger kan van alles zijn: een beeld, een geur, een geluid, een gevoel, een voorwerp, een persoon noem maar op. In mijn geval was het dit keer de combinatie van een vlieg en een spin. De details van het filmpje zal ik jullie besparen, die zijn ook niet zo belangrijk voor wat ik wil vertellen. 

Deze twee beestjes zorgden er in een nano seconde voor dat ik niet meer de volwassen Mick was, maar dat ik ongeveer zes jaar oud was. Op dat moment bestaat de volwassen Mick niet meer, de huidige omgeving waarin ik leef niet meer, maar alles wat ik zie, hoor, ruik en proef is de wereld waarin die zes jarige Mick die dit voorval meemaakte toen leefde. En voor het eerst in hele lange tijd bevroor ik en kon ik hier niet meer uit mezelf uitkomen, wat (voor mij) betekent dat ik een boel tijd kwijt raakte (een paar dagen). 

Die triggers zijn irritante dingen, ze zijn namelijk overal en altijd. Je hebt er die heel duidelijk aanwezig zijn en die min of meer voorspelbaar zijn. Deze vind ik persoonlijk het 'fijnst' omdat je je op deze enigszins kunt voorbereiden en ze zelfs soms kunt vermijden. Maar uiteraard is dat echt niet altijd mogelijk en werkt het ook écht niet altijd zo simpel en perfect als ik het net schreef, want het nare van dat hele ptss gebeuren is het onvoorspelbare karakter.

Er zijn echter ook triggers die verborgen zijn, die je niet kunt zien aankomen, die je niet kunt voorspellen en waarvan je misschien niet eens weet dat ze een trigger zijn. En ik merk dus de laatste tijd dat dat er stiekem een heleboel zijn. Overal in mijn leven duiken ineens onverwacht allerlei triggers op, ook als die er voorheen in dezelfde plaats en situatie nog niet waren. En dat is erg naar (understatement of the year).

Ik vroeg me af hoe ik aan mijn hulpverleners of andere mensen in mijn omgeving kon uitleggen hoe het momenteel voor mij voelt en werkt. En ik geloof dat de volgende vergelijking wel redelijk in de buurt komt. 

Voor mij (en dit is dus puur persoonlijk en niet voor iedereen met ptss geldend) voelt het hebben van ptss een beetje als leven op de rand van een mijnenveld. Je balanceert in je dagelijkse leven op die rand en dat gaat meestal goed. Maar soms gebeurt er iets, bijvoorbeeld slaapgebrek, of een zuchtje wind (tegenslag), waardoor dat balanceren niet meer zo soepel gaat, je je evenwicht verliest en je over de rand kukelt het mijnenveld in. 

Terwijl je het veld in kukelt land je op een mijn, die onmiddellijk ontploft (flashback), maar die jou zelf niet vernietigt. Maar de scherven van de mijn, komen elders in het veld terecht en landen op een andere mijn, die ook ontploft (volgende flashback), weer scherven de lucht in blaast die weer landen... enzovoorts. 

En terwijl jij in dat veld beland bent en ziet hoe al die mijnen één voor één ontploffen durf je je niet goed meer te bewegen omdat je bang bent dat je weer op een volgende voor het oog onzichtbare mijn trapt. Misschien beweeg je ook wel niet in de hoop dat als je maar lang genoeg stil blijft zitten/staan, dat alle rondvliegende scherven ervoor zorgen dat er uiteindelijk geen mijn meer over is die nog kan ontploffen en je met een gerust hart veilig het veld uit kunt stappen omdat er geen 'ontploffingsgevaar' meer is. 

Ik denk dat dit beeld, van een mijnenveld, wel redelijk goed weergeeft hoe ik mijn ptss in dit soort periodes beleef. Nogmaals, dit is MIJN ervaring en hoeft niet voor iedereen met ptss zo te zijn. Geen mens is immers hetzelfde en iedereen beleeft dingen op diens eigen manier.
Maar ja, ik weet gelukkig natuurlijk niet precies hoe een écht mijnenveld eruit ziet en hoe dat werkt....

Wat ik wel zeker weet is dat ik hoop dat dit heel snel minder wordt, want ik vind het uiterst vermoeiend. 

foto: gevonden op internet


29 mei 2023

Horen, zien en voorlopig nog zwijgen... Mijn crisis opname in de GGZ. Deel 2

Het is alweer behoorlijk lang geleden, maar eind oktober 2022, werd ik voor een tijdje opgenomen in het lokale psychiatrische ziekenhuis. Aangezien er erg veel dingen gebeurden tijdens die opname die mis gingen en die absoluut niet ok waren en ik dit maar niet uit mijn systeem krijg, wil ik hier (nog steeds) een aantal blogjes over gaan schrijven. Gewoon omdat ik vind dat het belangrijk is om een aantal dingen te laten 'zien'. In de hoop dat de mensen die in de psychiatrie (gaan) werken, hier misschien iets van kunnen leren en dingen voor andere cliënten/patiënten in de toekomst misschien anders en vooral beter kunnen worden. Misschien is dat een utopie, maar niet geschoten is altijd mis...

27 mei 2023

Four seasons in one day.... Mijn crisis opname in de ggz... deel 1

Het is alweer behoorlijk lang geleden, maar eind oktober 2022, werd ik voor een tijdje opgenomen in het lokale psychiatrische ziekenhuis. Aangezien er erg veel dingen gebeurden tijdens die opname die mis gingen en die absoluut niet ok waren en ik dit maar niet uit mijn systeem krijg, wil ik hier (nog steeds) een aantal blogjes over gaan schrijven. Gewoon omdat ik vind dat het belangrijk is om een aantal dingen te laten 'zien'. In de hoop dat de mensen die in de psychiatrie (gaan) werken, hier misschien iets van kunnen leren en dingen voor andere cliënten/patiënten in de toekomst misschien anders en vooral beter kunnen worden. Misschien is dat een utopie, maar niet geschoten is altijd mis...

Een stukje achtergrond informatie:
Het ging al heel lang niet goed met me: ik sliep niet/nauwelijks en mijn situatie op de genderpoli was nogal spannend. Ik raakte heel veel tijd kwijt, vond mezelf met regelmaat terug op plekken waar ik niet hoorde (en zou moeten) zijn en het duurde inmiddels zo lang en werd soms zó 'gevaarlijk' dat m'n Woonbegeleiding, de ggz en ikzelf het tijd vonden voor een (vrijwillige) 'crisis time-out' opname. Er was echter een wachtlijst (jawel, voor een crisisplek) en ik kon niet meteen terecht.

Op 27 oktober kwam er om 16.55u, na ruim acht weken op de wachtlijst te hebben gestaan een telefoontje dat er een bed vrij kwam en dat ik de volgende ochtend op de afdeling verwacht werd. En hoewel het inmiddels al wel een klein beetje beter met me ging, besloot ik na overleg om er toch gebruik van te gaan maken, omdat de komende week heel spannend voor me ging worden en ik daar (op dat moment al) niet zo goed mee om kon gaan. 

En zo zat ik op 28 oktober samen met mijn begeleidster van het ggz team in een kamertje, tegenover een hele jonge, lieve en geduldige dame van het afdelingsteam, die met mij de intake ging doen. De psychiater van dienst was op dat moment bezig, maar deze zou mij later die dag nog wel komen zien. 
Wat ik heel apart vond, was dat men wel wist dat ik zou komen, maar dat men geen idee had waarom ik zou komen of hoe lang ik zou blijven. Wel was men op de hoogte dat ik Mick, meneer, hij en hem was. 

Het was een prettig gesprek. Ik voelde me gehoord en gezien en ik was mezelf. Wat zo'n beetje inhoudt dat ik er alles eerlijk uitflapte, ook dingen waarvan ik verdomd goed weet dat ik die beter niet kan zeggen. Maar ik ben ik, en ik wil open kaart spelen en ben dus (te) eerlijk. Ik gaf aan dat ik mensen en nieuwe situaties eng en moeilijk vond, dat ik het moeilijk vind om zelf om een gesprekje te vragen en dat ik heel erg de behoefte heb aan duidelijkheid, omdat ik anders boos word. Dat ik zelf leef onder het motto: doe wat je zegt en zeg wat je doet en dat ook van anderen verwacht. Dat ik een voedselallergie heb en eetmomenten daardoor extra spannend vind (ivm kruisbesmetting). 
De afspraak was dat het personeel me elke dag een ventileer gesprek aan zou bieden, zodat ik er niet zelf om hoefde te vragen en dat ik mijn eigen brood, boter en beleg kreeg, die in de afgesloten keuken bewaard zou worden waar niemand verder aan kon. En verder zou er even goed met de keuken overlegd worden over de ingrediënten van de maaltijden en dit zou aan mijn teruggekoppeld worden.
Aan het eind van het gesprek leverde ik mijn eigen (net opgehaalde) volle doosjes medicatie in, kreeg ik een boekje met instellings- en afdelingsregels (van heul veul pagina's) in mijn handen gedrukt en nam ik afscheid van mijn begeleidster. 

Ik zou een rondleiding krijgen vóór de lunch. Maar toen dat eindelijk gebeurde, ging de pieper af. Het is niet mijn eerste opname, ik weet wat het betekent: Ergens is een collega in gevaar of er is ergens een gevaarlijke situatie en dan moeten de andere personeelsleden gaan rennen en assisteren. En zo stond ik ineens alleen in de gang. Ik was al overprikkeld van het feit dat ik opgenomen was en dus vluchtte ik terug naar het stukje 'veiligheid' dat ik daar had: mijn kamer, waar ik huilend met mijn knuffel in een hoekje wegkroop. 
Uiteindelijk werd ik weer opgehaald en kalmeerde ik wel weer, maar het was niet echt een lekkere binnenkomer zullen we maar zeggen (waar overigens niemand iets aan kon doen, dit is hoe het nu eenmaal kan gaan).

De psychiater van dienst die nog zou komen, liet doodleuk weten dat ze het te druk had om mij te komen zien en dat m'n regiebehandelaar (m'n eigen psychiater dus) de medicatie maar in orde moest maken. Klein relevant probleem: mijn eigen psychiater had die week vakantie en was er helemaal niet en dus ontstond er een probleem. 

Een deel van mijn medicatie krijg ik via het ggz team en een deel van de huisarts. Daar weten beide partijen van en ik ben daar ook eerlijk over. Het probleem is alleen dat de medicatie die via de huisarts geleverd wordt, niet in het systeem van de ggz staat (andersom overigens wel!) en de instelling dus alleen mag uitreiken wat in het ggz systeem staat. Tja, en dat was momenteel dus niet de medicatie waar ik de afgelopen maanden zo ongeveer op 'overleefd' had. Dit zorgde bij mij voor paniek, want de situatie was onduidelijk en onduidelijkheid geeft error in mijn hoofd. De psychiater van dienst was verre van behulpzaam hierin. 'Dat had maar geregeld moeten zijn voordat ik kwam.' En daar had ze vast gelijk in, maar daar had ik op dat moment niks aan en ik kon er ook niks aan veranderen, maar ik leek er nu wel de dupe van te worden.

Tijdens de intake was ik Mick, meneer, hij en hem en de verpleegkundige hield dat ook goed vol. De psychiater had daar geen boodschap aan, bleef het hebben over mevrouw, zij en haar. In het begin ging de verpleegkundige daar nog tegenin, maar uiteindelijk zwichtte zij ook en nam het mevrouw zij en haar over (wat ik haar vergeef, want de rest van mijn verblijf heeft ze het niet fout gedaan). Dit zorgde voor extra spanning, boosheid en verdriet. Het maakte dat ik me niet gehoord, niet serieus genomen en onveilig voelde.

De verpleegkundige van die ochtend besloot (terwijl ik naast haar zat) naar mijn apotheek te bellen om te vragen of zij een medicatieoverzicht konden faxen. Het was vrijdagmiddag en als die lijst voor een bepaalde tijd binnen zou zijn, dan kon de medicatie nog geregeld worden, zo niet dan zou het pas na het weekend worden...(nog meer paniek in mijn hoofd). 

De apotheek wilde niet meewerken, want dit was niet gebruikelijk. Normaal gesproken moet je zo'n overzicht persoonlijk aan de balie komen ophalen. En nee, ze konden dat niet faxen, dat was niet gebruikelijk. Dat ging tegen de wet op de privacy in... Ik riep in de hoorn dat ik ernaast zat en dat ik hier toestemming voor gaf, maar nee, wet op de privacy, niet gebruikelijk, bla bla bla. De moed zakte in mijn schoenen, de paniek werd niet minder. Maar van de apotheek hoefden we in ieder geval geen medewerking te verwachten, dat was duidelijk.

Ik opperde nog dat ze me mijn ingeleverde 'illegale' (=niet in hun systeem staande) medicatie maar terug in eigen beheer moesten geven, thuis ben ik immers ook verantwoordelijk voor mijn eigen medicatie inname en beheer, maar ja, dat mocht uiteraard niet. Aan de ene kant snap ik dat best, maar aan de andere kant vind ik het ook best een beetje onzin. (waarmee ik bedoel dat dit ook op een veilige manier zou kunnen, door de hoeveelheid van één dag bijvoorbeeld uit te reiken, kamers zijn op slot).

Maar goed, uiteindelijk bedacht ik dat ik in mijn huisartsenapp een medicatielijst heb staan en dus maakte ik daar een pdf van en die mocht ik naar de verpleegkundige mailen. Met veel gemopper en gezucht bleek de psychiater van dienst daar dan (voor deze ene keer) mee akkoord te gaan en het leek geregeld.  

Mijn energie was op, mijn prikkelgrens zwaar overschreden en ik wilde het liefst naar huis. Maar in plaats daarvan werd er verwacht dat ik deelnam aan het dagprogramma. En ik koos voor dat wat ik thuis ook doe, alleen heet het thuis 'hobby' en hier creatieve therapie. Er was echter niemand die tijd (of zin) had om met me mee te lopen. Nieuwe situaties en ik zijn niet zulke goede vriendjes. Ik stond een behoorlijke tijd voor het lokaal (met glazen ramen), maar de drempel was te hoog: ik durfde niet naar binnen: teveel nieuw, ik was moe. En dus ging ik terug naar de afdeling en dook mijn kamer in, daar kon ik ook borduren, want ik had mijn spullen gewoon meegenomen. Ik bleek echter een borduurnaald vergeten te zijn en dus kon ik niks en dus eindigde ik weer huilend met mijn knuffel in een hoekje. 

Later die dag kwam er iemand van 'creatieve therapie' naar de afdeling en ik werd voorgesteld. Ze nam me mee naar het lokaal zodat ik wist waar ik moest zijn en wat ik daar allemaal kon doen. En bij hele hoge uitzondering mocht ik van haar een borduurnaald lenen en meenemen naar mijn kamer waarna ik me zielsgelukkig op mijn borduursels stortte en ik voor het uur dat ik daarmee bezig was, ik geen meldingen van mijn horloge meer kreeg dat mijn hartslag gevaarlijk hoog was....

De hele dag ben ik al aan het vechten tegen het 'switchen' (=dat mijn stemmen mij overnemen en ik er even niet meer ben), de reden waarom ik hier dus eigenlijk ben. Dit zou een plek moeten zijn, waar dat gewoon zou moeten kunnen, of toch op zijn minst niet als heel vreemd gezien zou moeten worden. Switchen is voor mij een soort van ontspanning, mijn brein en mijn lijf kan op die manier een beetje rust krijgen. En door het (min of meer) gecontroleerd te laten gebeuren, voorkom ik vaak erger, maar alles in mij schreeuwt dat het hier niet veilig genoeg is. En dus vecht en vecht ik ertegen en ik ben kapot moe. 

Als dan 's avonds bij het naar bed gaan ook nog blijkt dat de medicatie nog steeds niet geregeld is, het nu dus officieel weekend is en er niks meer te regelen valt, verdwijn ik huilend in mijn kamer. Ik ben op...

Ik kijk uit m'n raam naar de 'binnentuin'. Er staat een treurige boom met de herfstblaadjes er nog aan, maar tegelijkertijd zitten er katjes aan de takken. 
Het symboliseert hoe ik me momenteel voel: Four seasons in one day.
Zelfs de natuur is op deze plek in de war....



22 oktober 2022

Oriëntatie in tijd, plaats en persoon…… in tact!

Terwijl ik luisterend naar 100%NL m’n lunch (salade) sta te bereiden in de keuken, hoor ik de radio dame zeggen dat het ook een beetje MIJN zondag is…. 
Ik hou op met snijden en kijk naar m’n radio alsof het ding me een antwoord gaat geven. Huh? Zondag? Zei ze nou dat het zondag is? En mijn radio geeft inderdaad antwoord en herhaalt nog maar eens dat het huidige nummer van Bløf zo’n fijne zondag vibe afgeeft… 

Mijn hele hoofd en lijf schieten in paniek….. 

Ik laat het mes uit m’n handen vallen, droog gauw m’n handen af om op m’n horloge te duwen, op zoek naar de huidige dag en datum. En nee, dat is geen verward gedrag, ik heb een horloge die me dat (en eigenlijk gewoon alles wat je maar wil weten) kan vertellen. 

Nu moet je weten dat ik iets heb wat men in de wereld van de psychiatrie ook wel een ‘dissociatieve stoornis’ noemt. Tijd kwijt zijn is voor mij dus geen onbekend verschijnsel. En tijd kan (voor mij in dit geval) variëren van minuten tot weken en zelfs langer. Op momenten dat dat gebeurt, of me overkomt, dan heb ik zelf nauwelijks tot geen herinneringen aan de tijd die daar tussen zit. Ik zet hier nadrukkelijk ‘zelf’ bij, omdat de stemmen in mijn hoofd meestal wel kunnen verklaren hoe, wat en waar (en soms zelfs waarom). 

De mededeling van de radio dame dat het zondag is zorgde dan ook voor volledige paniek, want hé, waar is de zaterdag dan gebleven? Wat nu weer? Wat heb ik gedaan? Waar ben ik geweest? Met wie is er contact gezocht? Moet er sorry gezegd worden tegen iemand voor ‘mijn’ woorden of daden? 

Zomaar een kleine greep uit de vele vragen die door dat ene zinnetje door mijn kop schieten, nog los van de gevoelens van angst die daarbij horen…. 

Het nummer begint, mijn horloge zegt dat het gewoon zaterdag is (en ook dat ik nog niet vergeten ben om de klok te verzetten) en ineens is daar weer de stem van de radio dame: ‘oh, ik zeg zondag, maar het is natuurlijk zaterdag…..’ 

Iets met foutje, bedankt! 
Maar gelukkig voor mij ben ik (dit keer) niet ‘verward’ en zijn mijn oriëntatie in tijd, plaats en persoon gewoon in tact…. 

Het liedje gaat verder, maar het blijft onrustig in mijn hoofd en lijf.

foto: internet


24 augustus 2022

Fight Club.... Pick your battles....

Goed.... Dat ik in een 'levendige' buurt woon, dat was misschien wel al duidelijk. Maar soms gebeuren er hier toch nog steeds dingen waar ik behoorlijk van onder de indruk ben. En niet in al te positieve zin overigens...

Terwijl ik in mijn hut zit te schuilen voor het warme weer buiten mijn hut, bedenk ik dat ik even naar de supermarkt moet. En dus pak ik mijn tas en sleutels en ga op pad. Zodra ik mijn voordeur open doe, en het trappenhuis in loop, hoor ik buiten al een boel geschreeuw. Ik kijk naar de overkant, waar mijn buren, die ik gekscherend (doch enigszins serieus) altijd De Flodders noem, alweer met een redelijk groepje de stoep bezetten (als in gezellig met z'n allen op het kamp voor de wagen, maar dan niet (meer) op het kamp...). Daar staat echter niemand tussen die aan het schreeuwen is. Vreemd.

Op het moment dat ik buiten kom, wordt het geschreeuw nog luider en ik zie een stukje verderop een aantal wel en niet familieleden van mijn overburen met elkaar op de vuist gaan. Een vrouw staat vol op een man in te rammen. En terwijl ik me erover sta te verbazen dat de 'Flodder kinderen' er op een meter afstand met hun neus als toeschouwers bovenop staan, komt er een man tevoorschijn die met zijn volle vuist en kracht uithaalt en de vrouw letterlijk neermaait. 

Ok, ik ben wel wat gewend sinds deze familie (met alle uitbreidingen tegenwoordig) hier woont, maar dit is toch wel weer een graadje erger dan 'normaal' en ik besluit, terwijl ik doorloop richting de supermarkt, om me over mijn enorme telefoon angst heen te zetten om iets verderop de politie te bellen. Helaas kom ik tot de conclusie dat ik mijn telefoon niet mee heb genomen, maar alles in mij knaagt en vind dat ik dat wél moet doen.

Op dat moment komt er een autootje van mijn Woningbouwvereniging aangereden, dat voor mijn neus parkeert. Er stapt een meneer uit, die niet eens reageert op het aanhoudende geschreeuw en gescheld een stukje verderop. Ik besluit om deze meneer te vragen of hij een telefoon bij zich heeft (hij is immers aan het werk, dus ik gok van wel). Hij zegt dat hij inderdaad een telefoon heeft en vraagt waarom ik dat wil weten? 

Ik vraag hem of hij misschien de politie zou willen bellen, omdat het nogal uit de hand loopt. Hij draait zijn hoofd in de richting van het gevecht en zegt tegen me dat dat één grote familie is die elkaar altijd de koppen inslaan, dat dat al jaren speelt en dat de politie daar toch niet voor komt. 

Ik geef aan dat ik weet dat dit al jaren speelt, omdat ik het al jaren zie, maar dat dit toch wel weer een next level is. Hij zegt vervolgens nogmaals dat het geen zin heeft om de politie te bellen en dat dit zichzelf wel oplost en dat ik me er niet mee moet bemoeien. 

Ok... Niet ok, maar pick your battles. Van hem ga ik geen telefoon krijgen om te bellen en ik ben inmiddels zó opgefokt, shaky en uit mijn doen, dat ik besluit om door te lopen naar de supermarkt en als ze bij terugkomst nog steeds bezig zijn, dat ik dan met mijn eigen telefoon wel de politie ga bellen. 

Ik raak echter steeds meer van de leg en het shaken wordt alleen maar erger. Loslaten is niet mijn sterkste ding (en bovendien was dit sowieso al niet zo mijn dag). In de supermarkt laat ik dingen uit mijn handen vallen (van het shaken) en ik besluit om maar gauw weer terug naar mijn hut te gaan.

Bij terugkomst is de relatieve rust weergekeerd. De Woningbouwman was alweer vertrokken en ook de fight club was verdwenen en de kids zaten aan een ijsje. Voor hen was de sensatie blijkbaar alweer vergeven en vergeten. 

Helaas werkt mijn zenuwstelsel niet zo simpel. Ik ben aan alle kanten getriggerd en heb er last van! En ik weet niet wat me het meest getriggerd heeft: het feit dat die man die vrouw met een volle vuist en volle kracht letterlijk tegen de grond werkt of het feit wat die meneer van de Woningbouw tegen me zei?

Ben ik dan écht zo raar, dat ik dit niet normaal vind? Dat ik dit niet normaal WIL vinden? Het besef dat veel mensen vanaf hun deur of balkon (of achter de gordijnen) staan te kijken en NIEMAND, maar dan ook niemand (nog) iets doet??? 

Ik weet het niet. Ik weet alleen dat ik er heel verdrietig van word. En dat kon ik er vandaag nou net niet meer bij hebben.

PS: Voordat er misverstanden ontstaan: ik vind het ook niet ok dat die vrouw op die man stond in te hakken, maar op de een of andere manier werd voor mij de grens overschreden op het moment dat het andersom was... Wat op zich ook wel interessant is en stof tot nadenken geeft.

foto: internet


9 augustus 2022

"Trek het je niet zo aan"..... een verhaal over dooddoeners.....

Vandaag heb ik een ‘lastige’ dag en dat is een beetje een understatement. Ik voel me zwaar kut en wat het nog zwaarder maakt voor mij is dat dit gevoel voortkomt uit iets dat ik niet echt met iemand kan delen. Uiteraard kan dat wel, ik kan het vertellen, maar de kans dat degene tegenover me écht begrijpt of kan invoelen wat er door me heen gaat is vrij nihil. En dat doet pijn en maakt extra eenzaam. 

Dus meestal trek ik me dan terug, hou mijn mond tot ik weer in staat ben om de wereld weer wat rooskleuriger te zien, maar misschien wordt het nu ook wel eens tijd om ook dit stuk te delen, want dit is een kant van de medaille die bijna nooit iemand van me ziet. En laat ik dat dan maar doen op een manier waar ik (denk dat ik) goed in ben: van me afschrijven. 

Gisteren ging ik naar de bioscoop. Dat doe ik wel vaker overigens, maar het was een dag waarop mijn genderdysforie weer eens een feestje vierde in mijn brein. En dat zijn voor mij gewoon lastige dagen. Maar omdat ik ook graag naar buiten wilde, besloot ik me te ‘wapenen’ op de manier die me soms een beetje opfleurt: ik trok mijn strakste binder aan, zette mijn petje op en ging op pad. Mijn binder, mijn petje en mijn nieuwste aanwinst (waar ik het nog even niet over wil hebben) hebben een soort van magische werking voor mij. Ze zorgen ervoor dat ik me ‘mannelijker’ voel en daardoor voel ik me zelfverzekerder. Misschien is dat op zich al raar, maar dat is hoe het voor mij werkt. 

Na de bios besloot ik (nog steeds vrolijk en zelfverzekerd) langs de Hema te gaan omdat ik wat spulletjes nodig had. Vervolgens kwam ik bij de kassa, waar ik braaf afrekende en de jongeman achter de kassa een fijne dag wenste. De jongeman zei heel vriendelijk en zich van geen kwaad bewust terug: “U ook een fijne dag mevrouw”.... En op dat moment stortte mijn wereld, of in ieder geval mijn zelfverzekerdheid als een plumpudding in elkaar. 

Ik heb mijn naam veranderd en ik doe zó m’n best om er qua uiterlijk zoveel mogelijk ‘mannelijk’ uit te zien, zodat deze misgender momentjes minder vaak voorkomen, maar wat ik ook doe, het helpt dus geen zak! Mensen zien me nog steeds als vrouw en benoemen me ook zo. En dat doet zóveel pijn, ik word daar zó ongelukkig van, dat ik op die momenten het liefst van een flat afspring en niet kan stoppen met huilen. 

Op het moment dat ik aan mensen probeer uit te leggen wat dat met me doet, hoe ik me dan voel en hoe ik daar op zo’n moment van onderuit ga, dan krijg ik meestal als reactie: ‘trek het je niet zo aan, die mensen weten niet beter’. En los van dat die uitspraak wel laat zien dat anderen dit echt niet (kunnen) begrijpen, is dat laatste deel van de opmerking natuurlijk ook gewoon zo, maar dat eerste deel.... tja..... als ik dat zou kunnen, dan ging ik niet keer op keer onderuit. 

Ik was zó overstuur en verdrietig, dat mijn jongste puberstem Rik het overnam en zorgde dat ik weer thuis kwam (ook al kreeg ik dat nog wel mee. Een soort van co-bewustzijn, waarbij hij als het ware stuurt en ik op de achterbank zit). 

Hij appte mijn Begeleidster over wat er gebeurd was en ze reageerde daar ook op, maar in haar reactie (tussen de bedrijven door) maakte ze dezelfde fout als de jongeman van de Hema: ze sprak over me als ‘haar’. Rik wees haar daarop en als reactie bood ze haar excuses aan, stomme fout, beter opletten en “ik zie Mick 100 procent NIET als vrouw.” Het nadeel van dat ‘co- bewustzijn’ is, dat ik dit soort dingen dan tóch meekrijg en ik werd er nóg verdrietiger van. Ok, de jongeman van de Hema kent mij niet, kent mijn achtergrond en verhaal niet, maar Begeleidster weet dat wel. En ik weet heus wel dat een fout gauw gemaakt is, maar dat maakt het niet minder pijnlijk voor mij. 

De rest van de dag/avond kon ik niet meer stoppen met huilen en wilde ik het liefst dood. En uiteindelijk, laat in de avond, ging het een beetje mis en besloot ik om mezelf pijn te doen (de details zal ik besparen), in de hoop dat ik me dan wat beter zou voelen. Het gevolg was dat Rik het wederom van me overnam (co-bewustzijn) en ook dit liet weten aan Begeleidster.

Vanochtend lag er een antwoord voor Rik in zijn mailbox en hij was zó boos, dat hij me het antwoord liet lezen, iets wat niet snel gebeurt. 

Hoewel het natuurlijk heel lief is dat ze wederom op zijn berichtje gereageerd had, misgenderde ze me in dit berichtje opnieuw..... 

En toen ik dat dus las, brak er ook iets in mij. 
Ik snap dat foutjes snel gemaakt zijn. Ik wil ook nog best proberen te geloven dat men het niet met opzet doet. Maar als je in je vorige bericht je excuses aanbiedt, zegt dat je beter moet opletten en schrijft dat je me 100 procent NIET als vrouw ziet, en je doet het dan vervolgens gewoon weer opnieuw fout, dan kan ik het niet helpen dat ik me afvraag of je dat laatste dan zegt omdat je het echt meent, of omdat je weet dat dat is wat ik wil/moet horen? 

Wat het antwoord ook is, ik voel me er in ieder geval nóg ellendiger door en ben er wel weer even klaar mee. 

foto: internet (artiest: Sophie Labelle)


11 mei 2022

Grinnik.... over mijn interne SlimmeRik en zijn streken....

Vaak als ik tegen mensen zeg dat ik stemmen hoor, krijg ik meestal een standaard reactie over hoe vreselijk dat wel niet voor me moet zijn. En hoewel het echt niet altijd leuk is en er ook tijden waren dat het mijn 'leven' tot een behoorlijke hel maakte, ben ik nu op een punt aangekomen in mijn leven dat ik een goede band heb met de meeste bewoners van mijn hoofd en ze in ieder geval geen van allen zou willen missen. 

Ik heb een boel stemmen, maar ik denk dat de 'harde kern' momenteel toch wel bestaat uit de drie kids en twee volwassen mannen. En al deze stemmen (sommige mensen zouden het benoemen als 'delen', maar voor mij zijn het stemmen) kunnen het dus 'overnemen'. Dat betekent heel simpel eigenlijk dat je misschien wel denkt dat je mij voor je neus hebt, maar dat er van binnen even iemand anders aan het stuur van mijn lichaam zit. Ik ben dan dus even tijdelijk iemand anders. 

Ik vind dat (meestal) zelf niet zo'n groot probleem meer, we hebben goede afspraken en regels (twee verschillende dingen!) en daar houdt iedereen zich meestal ook aan. 

En ook de kinderen (6, 12 en 16 maar allemaal, net als ik, emotioneel een stuk(je) jonger) kunnen, tot grote schrik van mensen die dat horen, mij dus wel eens overnemen en hun eigen gang gaan. 

Inmiddels weet ik dat mensen hier doorgaans van schrikken, omdat ze het een gevaarlijk idee vinden, dat minderjarigen voor mij zorgen, zonder dat er iemand mij in de gaten of veilig houdt (ik woon zelfstandig en in theorie dus alleen).

Wat deze mensen niet weten of vergeten, is dat dit interne systeem (want dat is het) mij al ruim 40 jaar in leven weet te houden, ook op de momenten dat ik daar zelf wel een beetje klaar mee was. Het zijn dus mijn beschermers en er niet op uit om me om zeep te helpen, integendeel.* En ook al zijn de kids 'aan de macht', dan nog kijken de twee volwassenen echt wel mee en grijpen in als dat nodig mocht zijn. Zelfs Woonbegeleider wordt geïnformeerd of ingeschakeld als dit wenselijk/noodzakelijk is. 

Goed... Ik word ouder en met die relatieve ouderdom komen er ook allerlei kwaaltjes om de hoek kijken en mag ik redelijk vaak op bezoek komen bij zowel de huisarts, als specialisten in het ziekenhuis. 

Omdat ik in dit soort situaties zelf altijd al een beetje gespannen ben, gewoon omdat ik de neiging heb om als ik dingen niet zo goed begrijp en de spanning al hoog is, 'ruzie' te gaan maken (zonder dat ik dat door heb overigens, zowel het niet begrijpen als het ruzie maken), zijn met name de jongste twee stemmen dan vaak ook een beetje van de leg. 

De jongste gaat dan gewoon (heel lang, hysterisch) huilen en is ontroostbaar, en de jongste puber wordt opstandig. 

Als er weer eens een bezoekje aan dokter of ziekenhuis gepland staat, dan kan Woonbegeleider eigenlijk ook standaard een berichtje verwachten van Rik (de jongste Puber) waarin hij in zijn heerlijke (in mijn ogen irritante) fonetische taal een berichtje schrijft 'dat hij moi nie meega nar het ziekerhuis. bekijk ut mar! houdoe van Rik'. 

Het is een beetje een standaard dingetje, net zoals je soms van een ziekenhuis een dag van tevoren een herinnerings berichtje krijgt dat je een afspraak hebt.

Gisteren mocht ik op audiëntie bij de anesthesist, aangezien ik binnenkort een ingreep mag ondergaan waar (op mijn verzoek) in mijn geval voor anesthesie is gekozen. Om er zeker van te zijn dat ik alles goed begreep en geen ruzie zou gaan maken, kwam Woonbegeleider, net terug van vakantie, met me mee.

Ik vroeg hem op de heenweg of hij nog een berichtje van Rik gehad had. Hij moest lachen en zei: "nee, niet over het ziekenhuis, maar wel over dat hij blij was dat ik weer terug was, ik was ook al verbaasd". En we wandelden mijn afspraak in. 

Er werd besloten dat ik binnenkort dus die ingreep krijg, met anesthesie en omdat ik alleen woon en ik toch even in de gaten gehouden moet worden 's nachts, ik 'gezellig' een nachtje in het ziekenhuis mag verblijven. Dit was geen nieuws voor me, dus daar was iedereen op zich wel op voorbereid in mijn hoofd. Of ik nog vragen had.... Uiteraard.... de meest belangrijke vraag aller tijden: Mag mijn knuffel (Gijs) mee naar de OK/behandelruimte. En jawel, dat mocht. Fijn, de rest boeit me allemaal niet zo.

Eenmaal thuis ging het licht uit, zo'n gesprekje/bezoekje kost me nogal wat energie en spanning.

Vanochtend vond ik een mailtje van Woonbegeleider in mijn mailbox met het onderwerp "haha" en als begeleidende tekst: ik geloof dat Rik het over een andere boeg gooit dit keer... 

En tja... Ik kon het niet helpen maar moest toch stiekem ook wel een beetje lachen... Mijn eigen(wijze) interne SlimmeRik... :


* ik wil even heel duidelijk maken dat dit voor mij persoonlijk geldt. Iedere persoon is anders, dus er zullen ongetwijfeld mensen zijn, bij wie dit allemaal niet zo onschuldig is! 


13 maart 2022

De vlieg op de muur... oftewel een sterk staaltje dissociatie...

Een tijdje terug mocht ik mee kijken en doen bij de cursus 'veilig werken met trauma' van Marengo coaching en training. Ik schreef er hier al een klein beetje over, maar ik merk dat het voor mijn hoofd nog niet genoeg is. Al die tijd merk ik dat er nog iets is dat ik graag van me af wil schrijven, maar ik merk ook dat ik er niet echt de juiste woorden of de juiste volgorde voor kan vinden. Dus wie weet wordt dit een heel warrig verhaal, daarvoor alvast mijn excuses, maar het moet geschreven worden.

Ik heb in mijn leven behoorlijk veel meegemaakt aan trauma. Eigenlijk vanaf het moment dat ik geboren werd, ging het meteen mis. Daar zijn vast allerlei redenen voor te bedenken of te vinden, maar dat verandert natuurlijk niet echt heel veel aan het resultaat. 

Een menselijk brein is eigenlijk een heel mooi ding: het leert je razendsnel om je aan de omstandigheden aan te passen. Zijn die omstandigheden niet veilig, dan leer je al vrij snel een hoop manieren die het ietsje veiliger voor je maken. Die manieren, helpen je (soms letterlijk) te overleven. 

Aan de ene kant is dat dus heel fijn en nuttig, maar als je situatie later in je leven tot rust gekomen is en het weer (relatief) veilig is, dan kan het zomaar gebeuren dat je lijf/brein zo aan die overlevingsstrategieën is gewend, dat het die niet zomaar op kan geven. En datgene dat ooit heel erg behulpzaam was om te overleven, zorgen er dan voor dat dat ook het enige is dat je blijft doen: overleven in plaats van echt leven. 

Mijn grootste overlevingsstrategie was (en is) dissociatie. Ik leerde al heel snel in mijn leven om 'uit te schakelen' en dat kan (en deed ik) op heel veel verschillende manieren. Ik leerde om geen pijn te voelen, om helemaal niks meer te voelen en om 'uit mijn lichaam' te gaan. En zo werd ik een soort van 'vlieg op de muur', toekijkend in mijn eigen leven, naar alle dingen die me aangedaan werden. Ook de stemmen die ik ging horen kun je zien als een vorm van dissociatie, met als uiterste variant, de stemmen die me over kunnen nemen, waardoor ik tijd kwijt kan zijn. 

Door al die dingen die ik meemaakte en mijn 'oplossingen' daarvoor, lukte het me niet om in de maatschappij mee te draaien zoals bijvoorbeeld mijn vrienden dat doen. Ik heb geen baan, geen gezin, en als ik met sommige dingen geen begeleiding zou krijgen, zou ik er best een behoorlijk zootje van maken. En hoewel ik dan misschien niet functioneer in de zin van hoe de maatschappij voor ogen heeft hoe dat hoort, denk ik dat ik op mijn manier toch best redelijk mijn draai in het leven heb gevonden. Nuttig ben ik niet echt, maar ach, dat geldt ook voor een aantal mensen die wel voorzien zijn van het huisje, boompje beestje leven.

Een heleboel jaar geleden werd ik gevraagd om cursus te gaan geven in het buitenland, over een 'andere manier van omgaan met stemmen horen' (anders dan de reguliere psychiatrie dat doet). Dit vond ik heerlijk om te doen: ik hou van reizen, ik hou van andere talen en ik vind het ook leuk om mensen iets te kunnen leren, dus dit was de ideale combinatie. 

Mijn stemmen, ervaringen en verhaal, waren het uitgangspunt van de cursus en dus vertelde ik iedere keer weer mijn verhaal en gingen we steeds weer op die (negatieve) gebeurtenissen in, jaar na jaar. 

Ik had er geen problemen mee, ik kon mijn verhaal (als het moest ook) in detail vertellen, zonder daar ook maar iets bij te voelen. Ik leefde als het ware in een soort van permanent gedissocieerde staat. En voor mij was dat ideaal want op die manier kon ik die cursus met gemak blijven doen en ook nog eens genieten van al die mooie plaatsen waar dit werk me bracht. 

Maar een paar jaar geleden kwam er een soort van 'kink in de kabel' en begon ik dingen te voelen terwijl ik vertelde. En hoewel de hulpverlening altijd zei dat het leven zoveel mooier zou zijn als ik kon voelen, vond ik het alles behalve mooi en verstoorde het mijn 'rust'. Waar ik eerst mijn verhaal vertelde en twee of drie dagen bevraagd werd op mijn ervaringen om daarna ook nog eens lekker de stad in te gaan of te 'netwerken' zonder ook maar een greintje last te hebben, was ik nu vaak al halverwege mijn verhaal compleet uitgeput, kreeg ik nachtmerries/flashbacks bij de vleet, switchte ik continu en haalde ik vaak het einde van die cursus niet. 

De hulpverlening noemde dat 'vooruitgang' maar het leidde er voor mij mede toe dat ik stopte met het geven van die cursussen omdat het me meer kostte dan het me nog opleverde. 

Kortom... Ik dacht dus dat ik de fase van voortdurende dissociatie wel achter de rug had. 

En toen kwam dus die cursus 'veilig werken met trauma' waar ik werd uitgenodigd om iets te vertellen over mijn ervaringen. En dat deed ik dan ook. En terwijl ik aan het vertellen was, keek ik ineens op mezelf neer en zag me vertellen, van een afstandje, alsof ik weer de vlieg op de muur van vroeger was. Ik kon niet bij mijn gevoel komen, zat te vertellen op een soort van automatische piloot. 

Ik heb geen idee wat ik allemaal verteld heb, ik weet alleen dat het zonder emotie was. Er was één moment waarop er wel emotie tevoorschijn kwam. En hoewel ik geen idee meer heb waar het precies over ging, weet ik wel nog dat het om iets in het heden ging. Maar wat dat was... ik weet het niet meer. 

Ooit lang geleden begon ik met snelle schetsen te maken van de filmpjes in mijn hoofd, omdat praten niet lukte. En aan de hand van die tekeningen begon ik een beetje te vertellen over een paar dingen die er gebeurd waren. En in die tekeningen staat steeds ook een 'vlieg' afgebeeld.

Goed... Ik dacht dus dat ik best een eind op de goede weg was en dat de fase van het continu gedissocieerd zijn echt wel voorbij was, maar blijkbaar ben ik ook nog steeds gewoon de vlieg op de muur. Zelfs als dat niet meer nodig is.

foto: 'mijn eigen trauma therapie'