9 augustus 2021

De ‘kwestie Frederique’…

Toen was er natuurlijk ook nog ‘de kwestie Frederique’. En daar wil ik als non binair persoon uiteraard toch ook wat over kwijt. 

Voor wie geen idee heeft waar ik het over heb, zal ik het zo kort mogelijk proberen uit te leggen. 

Op 26 juli 2021 werd de 14 jarige Frederique in elkaar geslagen in een speeltuintje in Amstelveen omdat ze niet het gewenste antwoord wilde geven op de vraag ‘ben jij een jongen of een meisje’? 

In plaats van een van deze twee opties te noemen gaf ze het antwoord: ‘wat maakt het uit? Ik ben wie ik ben en jij mag zijn wie jij wil zijn’. 

Dat was waarschijnlijk iets te vaag voor de vraagsteller en in plaats van om nadere uitleg te vragen koos hij ervoor om Frederique in elkaar te meppen. En goed… ze hield er een gebroken kaak, neus en tanden aan over. 

Deze mishandeling inclusief foto van de mishandelde puber, haalde het nieuws en er was sprake van een soort van collectieve verontwaardiging. Gelukkig maar, het laat Nederlanders blijkbaar niet geheel koud en er werden massaal kaartjes en cadeautjes naar Frederique gestuurd. Een mooi gebaar. 

Frederique  omschrijft zichzelf ergens als ‘genderfluïde’. Een term die de meeste mensen waarschijnlijk weinig zegt en eerlijk is eerlijk, ik pak er voor de zekerheid ook maar even een bestaande definitie bij:

"Genderfluïde (ongeveer: vloeibare gender) is een genderidentiteit waarbij er tussen genders wordt gewisseld. Iemand die zich genderfluïde noemt kan zich bijvoorbeeld het ene moment mannelijk en het andere moment vrouwelijk voelen.’ ("bron: Wikipedia) 

Frederique ziet zichzelf niet als jongen of meisje, maar als persoon. Het maakt haar niet uit hoe anderen haar zien. Ze is geboren als meisje en is dus gewend aan zij en haar, maar ze vindt het ook niet erg als iemand haar hij en hem noemt. 

‘Genderfluïde’ is net als ‘non-binair’ een ander soort gender identiteit dan de meest bekende twee: man of vrouw. 
Het verschil is misschien wel (maar dat vul ik zelf even in) dat een genderfluïde persoon zich thuis kan voelen in beide hokjes (man/vrouw), terwijl een non-binair persoon zich juist vaak in geen van beide hokjes thuis voelt. 

Maar goed. Ik kan niet ontkennen dat ik best een beetje verbaasd was, dat zo’n groot deel van de Nederlandse bevolking zo boos en verontwaardigd was over deze specifieke mishandeling. Misschien was het ook wel pur sec de mishandeling waar mensen verontwaardigd over waren, ik weet het niet. 

Normaal gesproken staat half Nederland zo ongeveer op z’n achterste benen als er ook maar iets over gender in het nieuws komt. Termen als ‘gender neutraal’ roepen doorgaans niet de meest positieve dingen in mensen op en leiden nogal vaak tot grote weerstand. 

De mensen voor wie ‘gender neutrale woorden’ zo belangrijk zijn, komen er vaak nogal bekaaid vanaf. Ze moeten zich niet zo aanstellen, er zijn nou eenmaal alleen mannen of vrouwen. Punt. 

De hele ‘kwestie Frederique’ (ik noem het maar even een kwestie, daar ik alles om dit hele gebeuren heen bedoel en niet alleen haar als persoon) gaat over gender. Specifieker: over gender diversiteit. 

Het laat zien dat er blijkbaar meer is dan de bekende hokjes man en vrouw. En het laat ook zien hoe de maatschappij nog niet klaar is voor een afwijkend antwoord, dan die bekende hokjes. 

En ik realiseer me best dat ik nu heel erg generaliseer en de hele maatschappij over één kam scheer met één puber die misschien zijn dag wel niet had. 

Natuurlijk zijn er best een aantal mensen die open minded zijn en andere gender diversiteiten (beginnen te) omarmen. Het worden er gelukkig ook steeds meer. En ik denk dat ‘de kwestie Frederique’ goed duidelijk maakt waarom die acceptatie zo belangrijk is. Wij (de gender diverse medemens) zijn er nu eenmaal, deal with it! Wen er maar aan!

Het feit dat Frederique geen antwoord wilde geven op die simpele (maar voor genderdiverse mensen zó complexe) vraag ‘ben je een jongen of een meisje’, was haar goed recht. Toch werd het niet geaccepteerd. En hoe lullig ook, hoewel dit nooit had mogen gebeuren, is het misschien wel goed dat het gebeurd is. 

Laten we hopen dat mensen nu meer en anders gaan kijken naar gender en gender diversiteit. En dat ze bij de eerstvolgende discussie over ‘gender neutrale begrippen’ nog eens terugdenken aan die afgrijselijke foto van de 14 jarige mishandelde Frederique. 

Want hoewel het woord gender DIVERSITEIT is, draait het uiteindelijk om INCLUSIE. Het gaat over het feit dat er verschillen zijn, maar dat al die verschillende onderdelen uiteindelijk één geheel vormen. Er wordt niks van jou afgepakt, maar andere mensen krijgen het gevoel dat ze er niet langer buiten staan, maar er ook bij horen….

foto: uit eigen werk



1 augustus 2021

De prijs voor grensoverschrijdend gedrag….

Als je hier wat vaker mee leest, dan zal het je niet ontgaan zijn, dat ik de afgelopen weken een aantal keer ben gaan helpen bij de gevolgen van de watersnood ramp in Wallonië. 

In mijn voorgaande blogs heb ik geprobeerd een verslag te schrijven van wat we daar zoal gedaan hebben. Maar vandaag wil ik graag iets schrijven over wat dit met mij als persoon gedaan heeft en nog doet. 

Toen de eerste berichten over de overstromingen hier in Nederlands Limburg binnen kwamen, deed ik daar in eerste instantie wat lacherig over. "Welkom in Limburg aan Zee" en "Welkom in Valkenburg in de Geul", grapte ik op sociale media. 

Als ik daarop terugkijk, ben ik daar verre van trots op. Maar eerlijk is eerlijk, ik had op dat moment nog geen idee van de ernst van de situatie. Ik zat zelf hoog en droog op de bovenste verdieping van een flat, die ook nog eens op een berg stond. Als ik naar buiten keek, regende het hier niet eens zo hard. En daarnaast: Zuid Limburg is het hoogst gelegen gebied van Nederland, wat kon er hier nou echt mis gaan? Pas daarna zag ik de beelden van o.a. Valkenburg en realiseerde ik me, dat er buiten mijn flat dingen behoorlijk heftig mis aan het gaan waren. 

Ik zette de tv aan en was in shock.... Dit kon toch helemaal niet? Ik wist maar één ding: ik wilde helpen... maar hoe? 

Als je me echt zou kennen, dan zou je weten dat ik bang ben voor (onbekende) mensen (zowel in mijn huis als daarbuiten) en onverwachte situaties. Maar ik wilde ook zo graag iets doen! En dus zweefden mijn vingers een half uur boven de enter knop, voor ik een aanbod plaatste dat ik eventueel een slaapplek had als iemand dat nodig had. Uiteindelijk postte ik mijn aanbod op meerdere groepen, stiekem heel hard hopend dat niemand daar op in zou gaan. Maar ook heel erg zeker van mijn zaak, dat als er iemand zou reageren, dat ik dit ook écht waar wilde maken, hoe moeilijk ik dat ook zou vinden.... (Uiteindelijk heeft er zich tot op heden nog niemand gemeld). 

Ook wilde ik dolgraag praktisch gaan helpen, maar dat zou ook betekenen dat ik met onbekende mensen, op een onbekende plek 'iets' moest gaan doen en dat is voor mij best een dingetje. Uiteindelijk zag ik via een Facebook vriendin een plek waar hulp nodig was en besloot ik me voor de volgende dag aan te melden. Want als ik iets beloof, dan kom ik dat na.... en zo kon ik er dus niet onderuit. 

En zo geschiedde. Ik ging er heen (met knikkende knieën), en het viel allemaal reuze mee en was nog gezellig ook. Maar omdat ik zó graag wilde helpen, ging ik er (zoals ik meestal doe met iets dat ik heel graag wil en heel belangrijk vind) voor 200% in. En dat heb ik geweten. 
Een dag later kon ik letterlijk niet meer op mijn benen staan van de rugpijn en ik was dood en dood moe. 

Vervolgens kwamen de berichten uit België en Duitsland, met de daarbij behorende beelden en ik zat huilend voor de tv. Ik kon de tv niet uitzetten, ik kon me niet losweken van sociale media en de beelden kwamen maar binnen en binnen en ik moest steeds harder huilen. Ik kon er niet van slapen. Ik voelde me zo gigantisch machteloos! Ik wilde helpen, maar ik wist wederom niet hoe... 

Uiteindelijk kwam er een aanbod langs van iemand die vanuit het midden van het land naar Luik zou gaan en de vraag of er iemand met haar mee wilde. En weer zweefde mijn vinger heel lang boven de knop voor ik terugschreef dat ik graag mee wilde. Ik vond het doodeng, maar ik deed het en ik ging met twee volstrekt onbekenden mee naar een gebied waarin ik geen flauw idee had wat me te wachten zou staan. Ik had de beelden op tv gezien en that was it. 

Toen we eenmaal in Luik aankwamen en ik de (letterlijke) puinhoop en chaos in het echt zag, vond ik het ‘allemaal wel meevallen’. Niet omdat de puinhoop en schade mee viel overigens, maar het kwam gewoon niet zo hard binnen. Ik zag het, ik vond het verschrikkelijk en ik vond het heel verdrietig, maar echt voelen, kon ik dat niet. Ook de verhalen van de paar mensen die ik wél kon verstaan (mijn Frans is belabberd) kwamen ‘niet echt binnen’. En ja, ik zag, hoorde en voelde hun leed wel in hun verhaal, het raakte me zeker, maar écht voelen deed ik het niet. 

Ik ging nog vaker mee terug, steeds met ‘wildvreemde’ mensen, naar steeds een ander gebied, met steeds veranderende situaties en plannen. En hoewel ik nooit van verandering of onzekerheid hou, laat staan van chaos, kon het me niet zoveel schelen. Dit was, wat het was, maar het betekende wel dat ik elke dag over heel veel van mijn persoonlijke grenzen heen ging. Dat ging automatisch en vanzelfsprekend, ik had het eigenlijk niet eens door. 

Ergens in die dagen hoorde ik, samen met mijn collega’s, een heel schrijnend verhaal aan. En een aantal van mijn collega’s waren zichtbaar heel erg aangedaan, ze moesten huilen. En dat vond ik heel erg. Maar zelf vond ik dat verhaal ook heel erg, maar huilen, nee, dat was niet aan de orde. En op dat moment begon ik mezelf een heel slecht mens te vinden. Ben ik dan zo’n ontzettend ijskonijn? Doet dit alles me dan helemaal niks? De verhalen, het verdriet van mensen, de puinhopen, de ravage, de chaos, de wanhoop? Waarom voel ik niks, terwijl het de mensen om me heen tot tranen brengt? Heb ik dan geen hart? 

Ik gok dat mijn ‘kwetsbaarheid’ (een van de vele trouwens) hier in deze situatie mijn kracht is. Doordat ik al van heel jongs af aan nare dingen heb meegemaakt, heb ik destijds een supertalent ontwikkeld, dat in de psychiatrie dissociëren wordt genoemd. Mijn lijf heeft al heel lang geleden geleerd om pijn en emoties uit te schakelen in 'bedreigende' situaties. En hoewel het momenteel in het dagelijks leven niet meer zo hard nodig (of functioneel) is en ik al veel meer kan voelen dan ik ooit kon, schiet dat aangeleerde gedrag in dit soort situaties blijkbaar weer terug aan. Ik schiet automatisch in de ‘overlevingsstand’ waardoor ik nuchter ben en blijf en de emoties niet de overhand nemen (of eigenlijk überhaupt (gevoelsmatig) niet binnen komen). 

Mijn andere voordeel in deze situatie is dat ik de taal niet machtig genoeg ben. Ik kan woorden opvangen en produceren, maar ik spreek en versta er veel te weinig van om het echt te begrijpen. 

Normaal gesproken als ik in een gebied ben waar ik me niet verstaanbaar kan maken of de mensen niet kan verstaan, raak ik in paniek. Maar hier was het (voor mij) ergens wel fijn dat ik niet alles begreep. Maar tegelijkertijd vreet dat ook aan me, want ik voel me ook tekortschieten als ik taalkundig niks kan... ik word er ook reuze onzeker van en ga twijfelen aan alles en vooral aan mezelf. 

En juist omdat ik taalkundig niet zo veel kon bijdragen, was ik zo ontzettend blij (en in mijn element, al klinkt dat stom) als er een echte ‘doe klus’ was. Want ok, ik spreek en versta nauwelijks Frans, maar ik heb wel twee handjes waar ik (hard) mee kan werken. Dus van die echte ‘hands on jobs’ werd ik heel blij. 

Gedurende al die dagen, kwamen er heel veel indrukken binnen. En zonder het door te hebben, ging ik steeds weer opnieuw een stukje over een persoonlijke grens heen. Steeds gebeurden er kleine (en soms wat grotere) dingen waar ik niet goed tegen kon. En al die dingen en indrukken en emoties die ik stuk voor stuk niet kan voelen, sijpelden wel mijn brein in. En net zoals die rivieren die hier in Wallonië voor al die ellende hebben gezorgd, heeft ook mijn brein maar een beperkte capaciteit. Dus ergens woensdag middag gebeurde er iets wat voor mij de ‘laatste druppel’ was. Ik was moe en door steeds maar ongemerkt over allerlei grenzen heen te gaan, was ik (ongemerkt) zwaar overprikkeld en ik moest heel hard huilen. 

Maar ja.... wat doe je dan als je tussen allemaal wildvreemden staat? Die stiekem al ‘eng’ zijn als het nog goed gaat? Dan probeer ik het tegen te houden, maar dat ging niet meer en ik kreeg kortsluiting (in dit geval: huilen en eigenlijk niet goed kunnen stoppen.) Met de rust van een van de collega’s die ik genoeg vertrouwde, gingen de tranen tijdens de rit naar de volgende bestemming een beetje naar de achtergrond, maar ze bleven heel hoog zitten. 

Uiteindelijk was ik die avond pas om half elf thuis. En ik ben rechtstreeks met kleren en al onder de douche in de douchebak gekropen en heb daar een uur lang alleen maar gehuild. Ik kon niet meer stoppen. De hele nacht heb ik gehuild, en ik kon het echt niet meer stoppen. En dat vind ik dan weer stom van mezelf en dus wil ik naar zo’n andere (oude) overlevingsstrategie grijpen: mezelf pijn doen. (Wat ik uiteindelijk overigens niet gedaan heb, maar toch). 

Op dit soort momenten voel ik me heel eenzaam. Ik heb geen (groot) netwerk en de paar vrienden die ik heb, wil ik al niet lastig vallen als het goed met me gaat, laat staan als ik zó gigantisch over m’n toeren ben (en niet goed weet waarom), Ik wil anderen niet lastig vallen, niet tot last zijn, want anderen hebben genoeg aan zichzelf (vult mijn brein dan alvast maar in voor de ander) en ik wil niet lastig gevonden worden, want dat hoor ik al m’n hele leven... 

Uiteindelijk heb ik donderdag gevraagd of ik met een van m’n ex woonbegeleiders mocht bellen (een opgave op zich). Hij is vertrouwd en ik heb denk ik een uur of zo tegen hem zitten huilen. Maar ja. 
De rest van de dag heb ik nog steeds alleen maar gehuild. Maar die avond sliep ik voor het eerst in weken een paar uur achter elkaar. 

Als je me vraagt wat me nou zo geraakt heeft, of waardoor ik zo overprikkeld ben geraakt, dan denk ik niet zozeer dat dat de verhalen of de ellende om me heen was. Ik denk dat het steeds weer over m’n grenzen gaan, het dagenlang sociaal doen, het dagenlang niet echt mezelf kunnen zijn (want dan vinden ze me nog ‘raarder’ en irritanter dan nu al het geval is) en het dagenlang omgeven worden door mensen (terwijl ik altijd ‘alleen’ met mijn stemmen ben), en ook nog eens in een omgeving waar ik de taal niet kan verstaan en me niet verstaanbaar kan maken, dat dát mijn emmer heeft doen overlopen. 

Inmiddels loop ik niet meer de hele dag te huilen, maar ik ben wel nog steeds doodmoe. Dat is (een klein stukje van) de prijs die ik betaal voor mijn eigen grensoverschrijdende gedrag. Maar als iemand het me vraagt, ga ik maandag weer gewoon opnieuw mee, want het is het meer dan waard.

foto: gevonden op internet


31 juli 2021

Meehelpen in de omgeving van Verviers.... Dag 2

Eén ding vooraf: Ik spreek zelf geen Frans, dus het verhaal en de informatie die ik nu op ga schrijven is mijn interpretatie van de vertaling die ik opgevangen heb en zou zomaar ook wel eens niet helemaal 100% correct kunnen zijn. Ik vind dit belangrijk om te zeggen, want alles wat hier aan verkeerde informatie komt te staan is voor mijn 'rekening'. Mocht ik echt grote fouten hebben weergegeven, dan wijs me daar op, ik zal ze (als ik dat nodig acht) met liefde en plezier veranderen. Dat gezegd hebbende, daar gaan we dan... dag 2.

***************************

Woensdag gingen we met een nog grotere groep vrijwilligers terug richting Wallonië.

Onze eerste stop was bij de kerk in Chaudfontaine. Ook hier is een depot ingericht met spullen en een plek waar mensen elkaar kunnen ontmoeten om iets te eten of te drinken. De weg ernaartoe was best indrukwekkend. Je kon er de verwoestende kracht van het water behoorlijk goed zien. En hoewel ik nu al best wel wat dingen gezien heb, was het hier op de een of andere manier toch weer anders. 

Hier stonden ook een boel mobiele toiletten en twee douche containers. En dat klinkt misschien een beetje raar, maar van die douches werd ik toch een beetje blij. Die had ik eerder nog niet gezien (wat niet wil zeggen dat ze er niet waren overigens). 

Van hieruit kregen we een adres waar we onze spullen konden gaan afgeven en waar we zouden kunnen gaan helpen. En dus reden we weer verder naar een ander gedeelte waar ook een depot was. Dit was voor mij de eerste plek waar ik het leger (in actie) zag en waar een paar mensen van het rode kruis naar het werk van anderen zaten te staren. 

Hier mochten we een deel van onze spullen kwijt. Want werd er gisteren nog gevraagd om dekens ed, vandaag waren die (in ieder geval hier) al niet meer nodig. Zo snel kan dat dus gaan. De meneer van het depot verontschuldigde zich keer op keer als hij aangaf als ze iets niet meer nodig hadden. Maar zoals ik gisteren hier ook al probeerde uit te leggen: Alles wat je aanneemt en niet nodig is, neemt de ruimte weg voor de spullen die NU wél keihard nodig zijn. Dus voor de dekens en andere afgewezen gedoneerde spulletjes vinden we wel weer een plek waar ze wél nodig zijn. 

Toen de auto's ver leeg waren trokken we met onze gele hesjes, emmers, trekkers, snacks en ander nuttig schoonmaak materiaal een straat in. Van deur naar deur, vragen of mensen hulp nodig hadden. 

In die afgelopen week dat ik nu mee help, heb ik een aantal dingen gezien. Mensen, zeker in de armere buurten hebben zo hun trots. En die trots maakt het voor hen heel lastig om hulp te vragen of te accepteren. En hoewel ik dat persoonlijk heel begrijpelijk vind, vind ik het ook heel lastig. Je ziet namelijk dat er zoveel werk is, dat er zoveel gedaan moet worden, maar door die trots heen breken is lastig (en niet zo mijn stijl). 

Het andere wat ik zie is dat mensen (steeds vaker) heel wantrouwend zijn als je hulp aan komt bieden. En niet onterecht! Er wordt veel geplunderd. Door de mensen die in overlevingsmodus staan en alles doen om letterlijk te overleven. Maar ook door mensen die misbruik maken van de ellende van anderen. Zo zijn er verhalen over mensen die met zo'n geel vrijwilligershesje huizen binnen komen onder het mom van 'we komen helpen' en dan datgene wat je nog over had, meejatten. Het is te triest voor woorden dat het gebeurt, maar het gebeurt! In Luik zaten mensen 's nachts voor hun huis op straat en bleven wakker, om zo te proberen plunderaars tegen te houden.... En ik denk niet dat dat hier anders zal zijn. Zo triest, maar crisis doet rare dingen met mensen.

Dus nee, ik vind dat wantrouwen niet zo vreemd, wel vreselijk lastig! De wijk waar we op dat moment liepen, was een 'rijkere' buurt, waar men al veel 'op orde' had en dus besloot een deel van de groep naar een andere plek te gaan. 

Ik kwam samen met mijn collega (die wel Frans sprak!) bij een ouder echtpaar terecht. Ik gok dat ze beiden de tachtig gepasseerd waren. De mevrouw was vermoedelijk aan het dementeren en riep van de bovenverdieping allerlei dingen waaruit bleek dat we eigenlijk niet welkom waren, maar de meneer liet ons toch binnen. We mochten een kamer ietsje droger maken, maar meneer had heel duidelijk de opdracht gekregen om ons geen seconde uit het oog te verliezen. En ik snap het allemaal, ik had medelijden met deze meneer, die zich duidelijk tussen twee vuren bevond, maar zelf ook niet in staat was om de boel op te lossen, laat staan zijn huis schoon te krijgen. Ook hij wilde niets aannemen, maar per ongeluk expres liet ik wat lekkers op zijn vensterbank liggen toen we vertrokken (en geheel per ongeluk mijn rugzak, maar dat terzijde... deze kwam hij met een mooie glimlach naar buiten brengen, waar ik hem zeer dankbaar voor was.) En hoewel het voor mij een beetje onbevredigend voelt dat we niet méér voor deze mensen konden/mochten doen, moet ik vooral leren dat ik hier moet roeien met de riemen die ik heb in de boot die ik van de mensen krijg. En hier was die boot heel klein, maar we hebben tóch in ieder geval íets van het overvolle bordje van deze meneer weg kunnen nemen.

Uiteindelijk gingen we naar Trooz (denk ik, maar ik ben het een beetje kwijt) en kwamen we langs een straat waarin ik vorige week met een andere groep vrijwilligers een huis heb mogen poetsen. Het was super gaaf om te zien, dat de straat (relatief gezien) schoon was nu, dat de inboedel hopen daar al weg waren. Dat je gewoon kan zien dat er hard gewerkt is en nog steeds hard gewerkt wordt. Daar werd ik even zó ongelooflijk blij van! 

We mochten helpen bij een familie die een huis aan het verbouwen waren. Ze hadden ongeveer nog een maandje werk te gaan, maar toen kwam het water en stond het tot aan het plafond (ongeveer) vol. En terwijl de leden van deze familie hun best deden om de schuur en oprit enigszins 'aan kant' te krijgen (lees: heel veel modder en andere derrie wegscheppen), begonnen wij met het schoonmaken van de muren en vloeren in het huis. 

We waren met een lekker grote groep en dus gaf het een super fijn gevoel dat het huis in ieder geval 'schoon' was toen we weggingen. Dat voelt dan een beetje alsof je iets (voor nu) afgerond hebt en dat je echt een verschil hebt kunnen maken. En hoewel dit een heel fijn gevoel gaf, was dit voor mij persoonlijk het moment waarop mijn emmer over liep (maar daarover ga ik nog wel een apart blogje schrijven denk ik).

Van hieruit gingen we via de toeristische route terug naar het restaurant waar we o.a. een verrassing voor het gezin hadden waarover ik gisteren al schreef en voor de restaurant eigenaar. En ook hier lieten we nog wat spullen achter die ongetwijfeld op de plek komen waar ze het hardst nodig zijn!

We kregen allemaal een heerlijke maaltijd en wat drinken, als dank voor onze inzet en het werd een gezellig samenzijn. Zo gaan ellende en plezier, een lach en een traan vaak hand in hand.

Ik was rond half elf weer terug thuis en hoewel ik dankbaar ben dat ik dit kan en mag doen, dat ik trots ben op het werk wat we hier wél allemaal kunnen en mogen doen (en dat zelfs kan voelen) merkte ik ook dat het voor mij hier nu even ophoudt. Even voor mezelf zorgen, even pas op de plaats. 

Als er volgende week nog vrijwilligers aan de slag mogen en kunnen (ik weet niet hoe het zal gaan als het rode kruis het zaterdag overneemt) dan ben ik graag weer van de partij, maar voor nu moet ik even lief zijn voor mezelf. En ook daarin heb ik nog veel te leren...

Tot slot een paar foto's om een beeld te krijgen...

30 juli 2021

Meehelpen in de omgeving van Verviers.... dag 1

Twee dagen achter elkaar mocht ik weer mee helpen in Wallonië in hun strijd tegen het water. Twee volle dagen. Vol met van alles: beelden, geuren, verhalen, indrukken, emoties en waarschijnlijk nog veel meer, waar ik niet eens woorden voor heb.  

Er is zoveel wat ik wil delen, wat ik wil vertellen en wat ik van me af wil (en moet) schrijven. Maar juist omdat het zoveel is, vind ik het heel erg lastig.

Tegelijkertijd merk ik dat, terwijl ik het op (het spreekwoordelijke) papier probeer te zetten, ik me niet meer herinner wat we wanneer, waar gedaan hebben, dus ik gok dat het chaos gaat worden. Maar dat past dan weer prima bij de situatie die in dit gebied heerst.

Afgelopen dinsdag mocht ik met een aantal (voor mij onbekende) andere vrijwilligers mee naar Verviers. Daar was ik nog niet geweest, dus ik was heel benieuwd wat we daar gingen aantreffen.

Deze dag was een beetje bedoeld om te gaan kijken en inventariseren wat er nu het hardste nodig was en waar men dat het hardste kon gebruiken. Proberen om inzicht te krijgen in welke goederen nu heel hard nodig zijn. Kijken of er adressen zijn waar specifieke hulp nodig is. Die behoefte aan goederen verandert namelijk per dag en per gebied. 

Heel veel mensen in Nederland en België zijn heel goedbedoeld meteen dingen als kleding en meubels gaan inzamelen. En dat is natuurlijk super lief, maar dat zijn niet de dingen die er NU nodig zijn, dat komt in een latere fase. Voor de meeste mensen die in een huis met verdiepingen wonen, geldt dat de kledingkast vaak op een bovenverdieping staat. En (gelukkig) is het in veel huizen niet tot op die verdiepingen gekomen. Dus kleding hebben de meeste mensen nog wel, en dus is daar in de verschillende depots een overschot aan. 

Meubels zijn veelal verloren gegaan, maar eerst zullen die benedenverdiepingen leeggehaald, schoongemaakt en  hersteld moeten worden. En zover is het nog (lang) niet voor de meeste huizen hier. Dus meubels zouden op dit moment in de verschillende depots onnodig ruimte innemen ten koste van de spullen die op dit moment wél keihard nodig zijn. Mensen zijn niet ondankbaar, de tijd voor meubels is er nog niet, maar die komt écht nog wel, heb alsjeblieft geduld! Tegen die tijd zijn ze kei en keihard nodig

Onderweg werd er af en toe even gestopt in de straatjes waar mensen bezig waren om te kijken of ze iets konden gebruiken van wat we bij ons hadden. 

In Verviers kwamen we bij Bar Resto en Harmonie terecht. Hier worden elke dag heel veel maaltijden bereid voor de getroffenen in de buurt. De eigenaar en zijn personeel runnen een keuken met passie en werken zich een slag in de rondte om de mensen zo goed mogelijk te helpen! En dat terwijl er onder hen ook mensen zijn die veel en soms zelfs alles kwijt zijn geraakt. 

Nu spreek ik zelf geen Frans, dus het verhaal wat ik nu op ga schrijven (en ook de rest trouwens) is mijn interpretatie van de vertaling die ik opgevangen heb en zou zomaar ook wel eens niet helemaal 100% correct kunnen zijn. Ik vind dit belangrijk om te zeggen, want alles wat hier aan verkeerde informatie komt te staan is voor mijn 'rekening'. Mocht ik echt grote fouten hebben weergegeven, dan wijs me daar op, ik zal ze (als ik dat nodig acht) met liefde en plezier veranderen.

Goed... Een van die mensen die alles kwijt was, was de zeventien jarige leerling kok. Zijn gezin is hun hele huis kwijt. Op dit moment leven ze (tijdelijk) in een opvang locatie. Het gaat hier over een moeder en partner en maar liefst zes kinderen in de leeftijd van vier tot achttien jaar. 

We mochten kennis maken met de leerling kok, zijn moeder en twee van zijn jongere broertjes. En hoewel ze alles kwijt zijn, was de lach op het gezicht van moeder een van de mooiste die ik ooit gezien heb. Maar onder de glimlach zit natuurlijk ook heel veel verdriet. We besloten dan ook dat we onze uiterste best gingen doen om voor dit gezin iets moois te bedenken. 

De auto zat vol geladen met gedoneerde spullen en die hebben we hier achter gelaten. Van hieruit zouden ze dan verdeeld worden onder de mensen die het écht nodig hebben. En dat klinkt misschien raar, want je zou denken dat iedereen daar in de streek 'het nodig heeft'. Maar ook (of misschien wel juist) in dit soort situaties zijn er mensen die misbruik maken van de situatie. Mensen die spullen inladen en dat dan proberen te verkopen bijvoorbeeld. 

Je merkt goed dat de mensen moe zijn, dat ze eigenlijk een beetje op hun tandvlees lopen en soms heel korte lontjes hebben. De rek is er uit en dan ben je wel eens getuige van een uitbarsting. Het is allemaal heel begrijpelijk, maar daarom niet minder lastig (vooral als je de taal niet zo goed beheerst). Zo'n uitbarsting komt namelijk maar zelden terecht bij de juiste persoon of de juiste situatie. Iets met een emmer die overstroomt na een laatste druppel. (al vind ik dat zelf in deze situatie ook een beetje een ongepaste vergelijking).

De restaurant eigenaar is een zeer gepassioneerd mens en zet zich ook met hart en ziel in in deze crisis situatie. Hij had nog een adres voor ons waar het eten dat we bij ons hadden ook heel hard nodig was. En toen we alles wat we in Verviers konden en moesten doen (voor die dag) gedaan hadden, reden we verder naar het adres dat we doorgekregen hadden. 

Hier werden we zeer hartelijk en niet mis te verstaan ontvangen. En hoewel hier heel goed werk verricht werd, en voedsel donaties best welkom zouden zijn, kwamen we na lang beraad tot de conclusie dat er voor dit moment mensen waren die onze producten net iets harder nodig hadden. Dit geweldige initiatief was niet alleen voor gezinnen die door het water getroffen waren. Slechts 2% van de gezinnen waren getroffen door het water en dus werd er besloten om het voedsel af te gaan geven op een plek waar iedereen getroffen was door het water.

Terwijl we hier stonden te bedenken of we wel of niet onze goederen achter gingen laten, kregen we het bericht te horen, dat vanaf a.s. zaterdag de depots met spullen die al die tijd door (veelal) vrijwilligers zijn opgezet (en in mijn ogen best goed draaien) gesloten gaan worden. Vanaf dat moment gaat het Rode Kruis (en de overheid geloof ik) de boel overnemen. 

Deze situatie hier is al minstens twee weken gaande.....Ik zelf loop hier nu een week rond, ik heb in al die tijd nog geen leger of Rode Kruis gezien. Maar wat ik van het handjevol mensen hoor en lees die ze wel af en toe mondjesmaat gezien hebben, belooft dat echt niet veel goeds. De initiatieven die er nu zijn, zijn veelal van particulieren en ondernemers die zich vrijwillig inzetten. Twee weken lang hebben zij de shit mogen opvangen en nu zaterdag moeten ze de deuren sluiten... Iets met stank voor dank of zo... Het voelt zo fout....

Mijn schoenen vielen ervan uit... en alle moed had zich daarin verzameld voor ze uitvielen.... Ik hou mijn hart vast. En ik huil alvast voor alle getroffenen. We gaan het zien, hoe het gaat lopen, of juist niet....

Tot zover even m'n eerste dag.

foto: het tijdelijke depot in Bar et Resto en Harmonie

ps: en als Verviers ooit weer open gaat, ga dan alsjeblieft allemaal massaal een keer bij dit restaurant eten! 




25 juli 2021

Eigen volk eerst???

Afgelopen week ben ik dus een dagje mee gaan helpen in Luik. 

Voorafgaand aan dat dagje helpen, maar ook naar aanleiding van mijn vorige blogje daarover kreeg ik van een aantal mensen de 'vraag'/opmerking hoe ik het in mijn hoofd haalde om in het buitenland te gaan helpen, terwijl er hier in het eigen land, onder het eigen volk nog zoveel te doen was.... Eén iemand schreef zelfs "zou het niet eigen volk eerst moeten zijn? Voordat we de rest van de wereld ook nog gaan redden!"

En hoewel ik echt wurgneigingen krijg van de opmerking 'eigen volk eerst' en vind dat ik me never nooit niet voor mijn keuzes zou moeten hoeven te verantwoorden, maak ik voor deze opmerking graag een uitzondering.

Voordat ik in Luik ben gaan helpen, heb ik ook twee dagen hier in eigen land geholpen. En dat was net zo goed heel hard nodig. Alleen denk ik persoonlijk dat het in Luik  (en andere gebieden in Franstalig België) nét ietsje harder nodig is, dan hier. 

Niet omdat het leed in Luik groter zou zijn dan bijvoorbeeld in Valkenburg, dat is het niet. Leed is leed en dat kun je niet op een weegschaaltje leggen, waarbij de wijzer je vertelt wat erger of zwaarder is. 

Maar wat ik wel merkte en zag op die tweede dag, is dat er (zij het chaotisch) best veel georganiseerde hulp op gang was gekomen, van zowel particuliere initiatieven, als van de overheid. 

En dat maakte voor mij het verschil. België zal ongetwijfeld zijn/haar best doen om dingen te organiseren, maar daadwerkelijke hulp zoals we hier in Nederlands Limburg hebben gehad van bijvoorbeeld het leger, heb ik daar nog niet gezien (of van gehoord). En misschien is het er wel hoor, of gaat het er nog komen, ik was er tenslotte maar één dag, dus ik weet echt niet alles van de hoed en de rand. Maar dat verandert niks aan de situatie dat er op dit moment mensen zijn die alles kwijt zijn, geen eten en drinken hebben, en die soms zelfs hun huis nog niet uit kunnen/mogen en niet bereikt kunnen worden. 

Voor zover ik weet, is dat laatste in Nederland op dit moment niet meer het geval. En ja, er zijn nog 700 gezinnen dakloos, maar dat is iets waar ik persoonlijk met mijn vaardigheden en twee handjes niets aan kan veranderen, daar zullen overheid, lokale overheid en lokale woningstichtingen bij moeten gaan helpen (en gelukkig beginnen ze dat langzaamaan ook her en der te doen).

Dus tja, vergeef me dat ik dan neig om daar te gaan helpen waar het lijkt alsof de hulp niet zo goed op gang komt, om wat voor reden dan ook. Gewoon omdat ik het gevoel heb, dat er daar nog veel minder op poten is gezet, terwijl de nood minstens zo hoog is en dat ik het gevoel heb dat ik er met mijn twee handjes misschien een druppel op een gloeiende plaat aan bij kan dragen dat er voor iemand iets verbetert die dag.

Mensen zijn in mijn ogen mensen. Een lijn op een landkaart verandert daar niet veel aan. Het is in mijn ogen niet zo dat wanneer je aan de andere kant van die denkbeeldige lijn op papier ineens minder waard(ig) bent. Mensen zijn mensen, ook al kan ik ze niet verstaan. En alle mensen hebben recht op hulp.

Daar hoef je het niet mee eens te zijn, dat mag, we leven namelijk ook nog eens in een 'vrij land', maar dat betekent niet dat je een ander hoeft voor te schrijven wat die persoon wel of niet kan en mag doen.

Overigens...
De persoon van die opmerking, woont ver weg, hoog en droog in het noordelijke deel van ons land. De persoon heeft dus niks (live...niet op tv) met eigen ogen gezien van de situatie hier nu op dit moment en heeft ook niet hier met het 'eigen volk' gesproken of  'het eigen volk' geholpen, ook niet met een financiële bijdrage aan giro 777 of een lokaal initiatief  (want dat vindt deze persoon oplichterij). 

En begrijp me niet verkeerd: daar is niks mis mee, dat hoeft ook niet. Maar in mijn ogen verlies je dan wel een beetje het recht op roeptoeteren in het algemeen en roeptoeteren in de wij-vorm in het bijzonder. Want als je zelf helemaal niks hebt bijgedragen (in wat voor vorm dan ook) aan hulp, dan is er van 'voordat WE de rest van de wereld ook nog gaan redden', nou niet echt sprake. 

Dus... 
Roeptoeter jij lekker veilig verder vanachter je schermpje in je luie stoel en laat het daadwerkelijk 'redden' van de wereld over aan de mensen die daar een (minimale) poging in willen wagen.

foto gemaakt op 23-7 aan
Rue d'Ougrée, Luik


24 juli 2021

De verbindende kracht van het Water...

Het zal waarschijnlijk weinig mensen ontgaan zijn dat er zich hier in het zuiden van ons land de afgelopen weken een heuse watersnoodramp heeft voorgedaan. Rivieren als de Gulp, de Geul en de Roer traden buiten hun oevers en richtten behoorlijk wat schade aan. En dan is 'behoorlijk wat' best een understatement. Op dit moment zijn hier nog zo'n 700 mensen/gezinnen 'dakloos' omdat hun huizen onbewoonbaar verklaard zijn en ze (nog) niet terug kunnen naar hun huis. Misschien zelfs wel nooit meer. 

En hoewel het (in vele ogen) verre van ideaal is, kwam de hulp hier best snel op gang. Vanuit het hele land komen goederen en helpende handjes deze kant op. En dat is gaaf en mooi om te zien! (en oh zo nodig! al beweert het Rode Kruis iets anders).

Daarnaast kwamen er uiteraard ook de nodige ramptoeristen op af, die geen poot uitstaken, behalve om hun ijsje, zak friet/patat, of stuk vlaai vast te houden terwijl ze smikkelend en smullend toekeken naar het drama van de bewoners en de hardwerkende helpende handjes en dit ook nog vastlegde op hun camera's. Om daarna met hun goed gevulde buikjes en spectaculaire foto's/video's weer in de auto naar huis te stappen om later tegen hun kinderen/kleinkinderen te kunnen zeggen: die watersnoodramp van 2021 in Limburg.... ja wij waren erbij... Goed, daar ga ik verder dus geen woorden aan vuil maken. Ik denk dat voor een ieder die sarcasme niet vreemd is, het wel duidelijk is wat ik daarvan denk....

Vervolgens ging het ook in delen van Duitsland en België mis. Heel erg mis. Huizen liepen onder water, sommige huizen spoelden compleet weg, dorpjes werden verwoest... er vielen doden, gewonden en mensen (en dieren) zijn vermist.

De situatie in Duitsland ken ik niet echt, dus wat ik schrijf gaat gebaseerd zijn op België.

In Luik en omgeving, richtte de Maas grote schade aan. Ik zag de beelden op tv en voelde me machteloos! Oh wat zou ik graag gaan helpen. Eerder die week was ik al gaan helpen in Valkenburg, maar dat is voor mij redelijk bekend terrein. Ik wist uiteindelijk hoe ik er kon komen en dat werkte enorm drempelverlagend voor me.  Maar Luik.... dat is een ander verhaal. Op een doodnormale dag levert het verkeer in Luik me al de stuipen op het lijf, maar in de chaos die daar momenteel heerst, zou ik al doodmoe zijn voordat ik de stad überhaupt bereikt zou hebben. Dus dat was voor mij geen optie.

Maar voor alles is een oplossing. En zo reed ik gisteren met twee dames mee op weg naar Luik. Om daar te komen moet je dus eigenlijk continu langs de Maas rijden. En zo vanaf de achterbank naar buiten starend, leek die rivier zo rustig, vredig.... Moeilijk voor te stellen dat dit zoveel schade aan had kunnen richten.

We verzamelden bij een schooltje in Chenee. Daar was een depot ingericht waar mensen spullen konden komen halen, een kop koffie of thee konden krijgen. Er werd druk gewerkt door vrijwilligers in de keuken (hier was namelijk stroom en water) om maaltijden te bereiden. Ontzettend gaaf om te zien, dat zoveel vrijwilligers (onder hen heel veel jongeren!) zich inzetten om te helpen. 

Nu is Luik natuurlijk Franstalig en mijn Frans is nogal belabberd. Ik weet nog wat woorden, maar om daar dan een complete fatsoenlijke zin van te maken, dat vond ik op de middelbare school al een hele klus. En nu, 30 jaar later, is dat niet verbeterd (al blijkt mijn Frans toch nog stukken beter te zijn dan ik dacht). Het Engels van de meeste mensen daar, is nog minder aanwezig dan mijn Frans, dus communiceren is best een dingetje. Maar een glimlach, handen en voeten, zijn vaak genoeg om op zichzelf al een beetje 'te helpen'. 

In eerste instantie hebben we in het depot geholpen om goederen te sorteren en bij te vullen. Op zich prettig om te doen, nodig ook. Vervolgens werden we naar een adres gestuurd waar hulp nodig was, en dus gingen we op pad. In een huis moest de kelder leeg geruimd worden, maar toen we een kijkje namen (wat nog best een dingetje is zonder licht) bleek dat het volstond met (volgezogen) matrassen en dat gingen we dus niet voor elkaar krijgen, daar was echt mankracht voor nodig. En dus regelden we een ander 'team' en gingen we naar een ander adres.

Dit was in een gedeelte waar mensen pas die ochtend 'bevrijd' waren en pas vanaf dat moment aan de slag konden. En zo kwamen we in een huis terecht waar we aan het werk konden. De meubels ed waren allemaal al weg, er moest gepoetst worden. De grootste laag modder was al weggespoten en dus konden we aan de slag. 

En hoewel het in het begin compleet zinloos leek en ik eigenlijk geen idee had waar en hoe te beginnen, werd aan het eind van die paar uur duidelijk dat dit huis helemaal geen bruine inrichting had, maar dat het eigenlijk gewoon wit was. Eerlijk is eerlijk, je had wel eer van je werk, zo is schoonmaken nog enigszins leuk.

Nu ben ik niet zo heel groot, maar ik vond het heel moeilijk om voor te stellen dat het water daar dus hoger dan ik was geweest. Zelfs op mijn tenen en met mijn armen uitgestrekt. Bizar!

De eigenaren van het huis spraken Frans. En alleen Frans. Lang leve google translate... Maar persoonlijk vind ik het lastig als ze hele verhalen tegen je vertellen, dat je de emotie in hun stem hoort, in hun ogen leest, maar geen woord begrijpt van wat ze zeggen. Maar blijkbaar maakt het niks uit, ze weten dat je het niet verstaat, ze zijn gewoon opgelucht en dankbaar voor de hulp die je biedt.

Toen we hier weg wilden gaan, kwam er een kruiwagen met flesjes water, plakjes cake ed langs. En hoewel ik eigenlijk vind dat dat voor de bewoners moest zijn, nam ik dankbaar wat water aan (ik was inmiddels door mijn eigen meegebrachte voorraad heen). En teruglopend naar de auto dronk ik dat leeg. Je loopt door de puinhopen die ooit iemands inboedel waren... Maar wat doe ik??? Ik steek de weg over om mijn lege waterflesje netjes in de vuilnisbak te gooien, tot grote hilariteit van mijn medehulptroepen en wat bewoners die daar stonden te kijken....Hoezo ben ik geconditioneerd?

Van daaruit zijn we terug gegaan naar het schooltje. Tenslotte is daar altijd wel wat te doen, of meldt zich er wel iemand die hulp nodig heeft. Voor het rondbrengen van eten was het nog te vroeg en dus werden we aan het werk gezet in de keuken en mochten we fruit salade maken... Er ging een compleet nieuwe fruit wereld voor me open... En ik weet nu nog zekerder dat banaan echt gewoon de smerigste uitvinding ooit is en dat kiwi stiekem best wel lekker is.

Rond 1830u reden we terug naar huis. En was ik toch ook wel weer heel blij dat ik schoon gedoucht met een maaltijd op de bank kon ploffen. In een heel huis, met een dak, met stroom, en met warm water.

Als de persoon met wie ik meegereden ben komende week opnieuw gaat, wil ik graag van de partij zijn, want hoe triest het ergens ook was, het gaf voldoening en een groot gevoel voor dankbaarheid voor alles wat ik heb en wat ik kan. 

Als ik één ding geleerd heb van deze dag, dan is het dat water een machtig iets is, met diverse kanten. Het heeft een grote vernietigende kracht, maar tegelijkertijd verbindt het mensen en haalt het het mooiste in de mens naar boven*....



















*uitzonderingen daargelaten....



3 juli 2021

Gezellig voetbal kijken met Lesley....

Ik ben op zich niet zo'n enorme voetbal fan, maar voor dingen als een EK of een WK maak ik graag een uitzondering. Zeker als Nederland van de partij is, zelfs al is dat maar van korte duur... 

Het zal weinig mensen ontgaan zijn dat momenteel het EK plaatsvindt. En omdat ik best wel veel (te veel) vrije tijd heb, volgen we de meeste wedstrijden braaf mee. 

Totdat Nederland werd uitgeschakeld hadden we nog geen wedstrijd gemist. 
Maar eigenlijk vind ik die wedstrijden kijken, zonde van mijn tijd. In minimaal 90 minuten zou je namelijk in plaats van kijken naar een rollende bal op het scherm, zoveel andere leuke dingen kunnen doen. En toch zit ik iedere keer (vaak wel multi taskend) voor de buis, bang dat ik iets leuks, of belangrijks mis. 

Zoals alles wat ik doe in mijn leven, doe ik niks alleen. Ook als ik tv, in dit geval voetbal, kijk, dan doen de stemmen in mijn hoofd ook mee. En dat is soms heel grappig, maar soms ook ongelofelijk vermoeiend. En een voetbalwedstrijd valt onder de laatstgenoemde categorie.

Lesley is de jongste telg in mijn hoofd en is tijdens deze wedstrijden zeer actief. Misschien zelfs wel een tikkeltje hyperactief. Ze praat eigenlijk altijd non stop, maar tijdens de wedstrijden zit ze vol vragen, tot grote ergernis van (meestal) Rik. 

Inmiddels weet ik heel goed waar de uitdrukking 'voetbal is oorlog' vandaan komt. Door de vragenstroom van Lesley, krijgen de kids in mijn hoofd eigenlijk bijna altijd ruzie en wordt het een soort van oorlog in mijn hoofd. 

En dus heb ik al van alles geprobeerd om de vrede te bewaren. 
Zo heb ik al geprobeerd om Lesley voor aanvang van de wedstrijd 'naar bed te sturen', wat er eigenlijk op neerkomt dat ze gewoon niet meer mag praten. Maar helaas, dat was geen succes.
 
En dus bedacht ik een kaartjes systeem. Lesley kreeg drie vragenkaartjes voor de hele wedstrijd. Als ze iets vroeg moest ze een kaartje inleveren. Waren ze op, dan moest ze haar mond houden. De kaartjes waren vaak al op voordat de wedstrijd begonnen was, dus gaf ik haar drie kaartjes per helft. Ook geen succes, en omdat een huilende Lesley zéker tot oorlog leidt, heb ik het opgegeven en probeer ik zelf maar met de vragenstroom te dealen.. 

Vandaag is de wedstrijd Tsjechië tegen Denemarken. 
De eerste helft zit erop en ik heb even meegeschreven met een aantal van Lesley's vragen. 

Ik wens jullie veel plezier... 
Ik ga gauw weer terug voor de tweede helft, voordat ik zelf de oorlog veroorzaak (door niet te gaan kijken!) 

L: komt die meneer (commentator) uit Maastricht? 
Ik: Nee, volgens mij niet hoezo? 
L: Hij zegt steeds sjiek. 

Lesley mompelt iedere keer als sjiek gezegd wordt: …. en sjoen samen doen…. (Lokale slogan hier om de stad schoon en opgeruimd te houden) 

Commentator: hij is vrijwel geheel tweebenig. 
L: Maar ze zijn allemaal tweebenig. Anders konden ze niet voetballen. Dan valden ze om. 

C: hij gaat graag mee naar voren. 
L: kan hij het anders niet goed zien? 

L: waarom heet het een hoekschop? Want ze schoppen tegen de bal en niet tegen de hoek 

C: In zo’n situatie heb je niet genoeg aan twee ogen. 
L: kunnen spinnen voetballen? 
Ik: ik denk het niet, waarom? 
L: (diepe zucht) … die hebben heel veel ogen. 

C: daar staat iemand te zwaaien. 
L: *zwaait terug*  

Deense voetballer spuugt in beeld op het veld. 
L: oh, da mag nie, dat is vies! 

Waarom heeft die groen? 
Waarom heeft die geel? 
Waarom heeft die blauw? 

Rik is het inmiddels een beetje beu en zegt: hou je kop. 
L: dat kan ik niet. 
R: wel waar 
L: niet! Ik heb een HOOFD. 

C: Een poging tussen de palen. 
L: dus het is een doelpunt? 
Ik: nee, het was mis. 
L: (bijna huilend) maar binnen de palen is een doelpunt! Welles! 

C: dat pakt lekker uit. 
L: krijgen ze een cadeautje?

En dan zijn er nog minimaal 45 minuten te gaan....

foto: internet